Hoofdstuk 1
1794 Pinel verklaard krankzinnigen ziek ipv misdadig interesse ontstond;
PSYCHIATRIE (aard en niveau geestelijke afwijking)
1838 Esquirol onderscheid krankzinnigheid en zwakzinnigheid
1848 Séguin traint (motorisch en sensorisch) zwakzinnige kinderen
performance test komt hieruit voort
1885 Rieger doet voorstel algemene methode intelligentieonderzoek en
Kraepelin doet pogingen tot diagnose krankzinnigheid
Ebbinghaus wil psychische vermoeidheid in kaart brengen teste
eigenlijk intelligentie.
Ziehen wil diagnose niet vooraf stellen, maar na prestatie geteste
personen
EXPERIMENTELE PSYCHOLOGIE (gestandaardiseerde onderzoeksprocedure)
Deze had zowel een stimulerende als remmende werking op de testpsychologie.
(remmend omdat verschillen aan fouten werden toegewezen.)
1879 Wundt richt systematisch experimenteel lab op start
experimenteel onderzoek op grootse wijze.
o Doel was de generaliseerbaarheid van de wetten en
samenhangen, ipv de verschillen die je met testen meet
o Vooral onderzoek naar sensorische en motorische functies, nog
niet naar complexe cognitieve en intellectuele processen
Cattel onderzoek naar verschillen in reactietijd
o Gebruikt voor het eerst het woord test in een publicatie
o Richt een lab op voor experimentele- en testpsychologie
1893 kunnen bezoekers tentoonstelling hun uitslag vergelijken met de
algemene norm
1893 commissie ingesteld met als taak registreren van test en formuleren
van hun gebruiksmogelijkheden bj de American Psychological Association
(APA)
GENETICA (interesse in verschillen tussen mensen)
1859 Darwin stelt erfelijkheid van lichamelijke eigenschappen aan de
orde
o 1882 Galton had interesse in onderzoek oom Darwin; doet allerlei
antropometrische onderzoekingen (het meten van mensen) en
probeert aan te tonen dat erfelijkheid van psyche aan dezelfde
wetten voldoet als lichamelijke eigenschappen.
Drie elementen die pijler wetenschappelijk testonderzoek vormen;
1. wenselijkheid van onderzoek naar individuele verschillen
2. noodzaak van systematisering van de
onderzoekstechnieken
3. resultaten uitdrukken in termen van afwijkingen van het
gemiddelde (normatief denken).
Pearson richt zich op statistiek (regressie coëfficiënt,
rangcorrelatie, multiple correlatie, factoranalyse, etc)
De testen vonden met name plaats in laboratoria en er was zeker nog geen sprake
van op grote schaal psychologisch testen. Gericht op sensorische/motorische
Testtheorie S20221 1