H1: organisatie van de onderneming
Inleiding
1ste keuze bij oprichting onderneming:
Als natuurlijk persoon: schuldeiser kunnen alles van de persoon opeisen om de schulden af te
betalen.
Vennootschap op richten: alleen het ingebrachte kapitaal kan door schuldeisers worden opgeëist
bij betalingsproblemen.
Een natuurlijk persoon zal wel het beleid van de vennootschap voeren.
Als de vennootschapsvorm gebruikt wordt om verhoudingen onderling vast te leggen: niet essentieel om
gebruik te maken van een rechtspersoon, tenzij het ook de bedoeling is on privé en professioneel
vermogen te scheiden.
Vennoten van vennootschappen zonder rechtspersoonlijkheid zijn in de regel hoofdelijk aansprakelijk
→ 1 vennoot loop het risico op te draaien voor al de schulden van de vennootschap.
Dit deel: ervan uit gegaan dat mensen hun activiteiten als zelfstandige uitvoeren en niet als
handelsvennootschap → zie deel 3
Handelsrecht vs economisch recht
Belang onderscheid: handelaar en onderneming: aan begrip handelaar is het handelsrecht verbonden
Handelaar: Gedefinieerd in 1807
Onderneming: Gedefinieerd in de 21ste eeuw
Economisch recht
Kenmerken :
Omvat regels van zowel privaat als publiekrecht: specifiek om de economische activiteit te
organiseren en te sturen
o Ordening= wetgever wil een ordelijk en efficiënt verkeer inrichten door regels die een
evenwicht verzekeren tussen bepaalde rechtmatige geachte belangen. Vooral privaatrecht
o Sturing= middelen worden aangewend om bepaalde economische doeleinden van
conjuncturele aarde of van structurele aars te verwezenlijken. Vooral publiekrecht
Gekoppeld aan begrip onderneming( ruimer dan handelaar)
Bronnen:
Wetboek van economisch recht
o Boek 1: definities
o Boek 2: algemene beginselen van het economisch recht
Iedereen is vrij om een economische activiteit naar zijn keuze uit te oefenen
o Boek 3: bepaling over vrijheid en dienstverleningen, vestiging en verdere verplichtingen die
ondernemingen moeten naleven.
o bescherming van de mededinging en prijsevoluties (Boeken IV en V)
o marktpraktijken en consumentenbescherming (Boeken VI en XIV):
o financiële diensten consumentenkrediet en hypothecair krediet (Boek VII)
o kwaliteit en de veiligheid van producten en diensten (Boeken VIII en IX)
o handelsagentuurovereenkomsten, commerciële samenwerkingsovereenkomsten en
verkoopconcessies (Boek X)
Inleiding
1ste keuze bij oprichting onderneming:
Als natuurlijk persoon: schuldeiser kunnen alles van de persoon opeisen om de schulden af te
betalen.
Vennootschap op richten: alleen het ingebrachte kapitaal kan door schuldeisers worden opgeëist
bij betalingsproblemen.
Een natuurlijk persoon zal wel het beleid van de vennootschap voeren.
Als de vennootschapsvorm gebruikt wordt om verhoudingen onderling vast te leggen: niet essentieel om
gebruik te maken van een rechtspersoon, tenzij het ook de bedoeling is on privé en professioneel
vermogen te scheiden.
Vennoten van vennootschappen zonder rechtspersoonlijkheid zijn in de regel hoofdelijk aansprakelijk
→ 1 vennoot loop het risico op te draaien voor al de schulden van de vennootschap.
Dit deel: ervan uit gegaan dat mensen hun activiteiten als zelfstandige uitvoeren en niet als
handelsvennootschap → zie deel 3
Handelsrecht vs economisch recht
Belang onderscheid: handelaar en onderneming: aan begrip handelaar is het handelsrecht verbonden
Handelaar: Gedefinieerd in 1807
Onderneming: Gedefinieerd in de 21ste eeuw
Economisch recht
Kenmerken :
Omvat regels van zowel privaat als publiekrecht: specifiek om de economische activiteit te
organiseren en te sturen
o Ordening= wetgever wil een ordelijk en efficiënt verkeer inrichten door regels die een
evenwicht verzekeren tussen bepaalde rechtmatige geachte belangen. Vooral privaatrecht
o Sturing= middelen worden aangewend om bepaalde economische doeleinden van
conjuncturele aarde of van structurele aars te verwezenlijken. Vooral publiekrecht
Gekoppeld aan begrip onderneming( ruimer dan handelaar)
Bronnen:
Wetboek van economisch recht
o Boek 1: definities
o Boek 2: algemene beginselen van het economisch recht
Iedereen is vrij om een economische activiteit naar zijn keuze uit te oefenen
o Boek 3: bepaling over vrijheid en dienstverleningen, vestiging en verdere verplichtingen die
ondernemingen moeten naleven.
o bescherming van de mededinging en prijsevoluties (Boeken IV en V)
o marktpraktijken en consumentenbescherming (Boeken VI en XIV):
o financiële diensten consumentenkrediet en hypothecair krediet (Boek VII)
o kwaliteit en de veiligheid van producten en diensten (Boeken VIII en IX)
o handelsagentuurovereenkomsten, commerciële samenwerkingsovereenkomsten en
verkoopconcessies (Boek X)