H11. Het periodiek systeem
1. Het periodiek systeem
Het periodiek systeem der elementen = een tabel waarin alle elementen (ook de kunstmatige)
gerangschikt staan volgens stijgend atoomnummer (dus volgens stijgend aantal protonen)
➔ Op plaats 1 staat H (waterstof) → H-atomen hebben 1 proton + 1 elektron
➔ Op plaats 2 staat He (helium) → He-atomen hebben 2 protonen + 2 elektronen
➔ …
Er kunnen maar 2 elektronen op de 1ste schil dus wordt er een volgende rij/periode gestart na He
➔ Li-atomen (op plaats 3) hebben 3 protonen + 3 elektronen
Perioden = de horizontale rijen
Valentie-elektronen = het aantal elektronen op de laatste schil
Groepen:
▪ = De verticale kolommen
▪ Alle elementen met eenzelfde aantal valentie-elektronen vormen samen een groep
▪ Kunnen worden onderverdeeld in:
➢ Hoofdgroepen
- = De a-groepen → Ia, IIa, IIIa, …
- Het nummer van de groep = het aantal valentie-elektronen
- Het laatst te plaatsen elektron in de configuratie behoort tot buitenste schil
- Bv. Fluor: 1s2 2s2 2p5
→ Laatste schil: 2 + 5 = 7e- dus F behoort tot groep VIIa
➢ Nevengroepen
- = De b-groepen → IIIb, IVb, Vb, VIb, …
- Bevatten elementen die ook wel de overgangselementen of transitie
elementen worden genoemd
- Het laatst te plaatsen elektron in de configuratie behoort tot een orbitaal van
de voorlaatste schil!
- Bv. Zink: 1s2 2s2 2p6 3s2 3p6 4s2 3d10
→ In de laatste schil (4s) zitten 2e- dus Zn behoort tot groep IIb
De hoofdgroepen:
Groep #e- op de buitenste schil Naam
Ia 1 e- Alkalimetalen
IIa 2 e- Aardalkalimetalen
IIIa 3 e- Boorgroep
IVa 4 e- Koolstofgroep
Va 5 e- Stikstofgroep
VIa 6 e- Zuurstofgroep
VIIa 7 e- Halogenen
VIII of 0 8 e- Edelgassen
1. Het periodiek systeem
Het periodiek systeem der elementen = een tabel waarin alle elementen (ook de kunstmatige)
gerangschikt staan volgens stijgend atoomnummer (dus volgens stijgend aantal protonen)
➔ Op plaats 1 staat H (waterstof) → H-atomen hebben 1 proton + 1 elektron
➔ Op plaats 2 staat He (helium) → He-atomen hebben 2 protonen + 2 elektronen
➔ …
Er kunnen maar 2 elektronen op de 1ste schil dus wordt er een volgende rij/periode gestart na He
➔ Li-atomen (op plaats 3) hebben 3 protonen + 3 elektronen
Perioden = de horizontale rijen
Valentie-elektronen = het aantal elektronen op de laatste schil
Groepen:
▪ = De verticale kolommen
▪ Alle elementen met eenzelfde aantal valentie-elektronen vormen samen een groep
▪ Kunnen worden onderverdeeld in:
➢ Hoofdgroepen
- = De a-groepen → Ia, IIa, IIIa, …
- Het nummer van de groep = het aantal valentie-elektronen
- Het laatst te plaatsen elektron in de configuratie behoort tot buitenste schil
- Bv. Fluor: 1s2 2s2 2p5
→ Laatste schil: 2 + 5 = 7e- dus F behoort tot groep VIIa
➢ Nevengroepen
- = De b-groepen → IIIb, IVb, Vb, VIb, …
- Bevatten elementen die ook wel de overgangselementen of transitie
elementen worden genoemd
- Het laatst te plaatsen elektron in de configuratie behoort tot een orbitaal van
de voorlaatste schil!
- Bv. Zink: 1s2 2s2 2p6 3s2 3p6 4s2 3d10
→ In de laatste schil (4s) zitten 2e- dus Zn behoort tot groep IIb
De hoofdgroepen:
Groep #e- op de buitenste schil Naam
Ia 1 e- Alkalimetalen
IIa 2 e- Aardalkalimetalen
IIIa 3 e- Boorgroep
IVa 4 e- Koolstofgroep
Va 5 e- Stikstofgroep
VIa 6 e- Zuurstofgroep
VIIa 7 e- Halogenen
VIII of 0 8 e- Edelgassen