Vitale parameters
Wat zijn vitale parameter? Saturatie
Bewustzijn Methodes observeren:
Ademhaling
Inspectie
Hartslagfrequentie
Palpatie
Arteriële bloeddruk
Auscultatie
Lichaamstemperatuur
Percussie
1. Het bewustzijn
Bewustzijnsgraden: Oorzaken bewustzijnsveranderingen:
Volledig bewust Hersenletsel
Somnolentie – sufheid – slaperig o CVA, tumoren, infecties
Sopor, subcoma Extrinsieke intoxicaties
Vegetatief bewustzijn o CO, alcohol, medicatie
Delirium Intrinsieke intoxicaties
Syncope o Nier, diabetes
Shock
Hersenaandoeningen
o Epilepsie
Observatie bewustzijn:
1) eerste inschatting: AVPU-score
2) Glasgow Coma Scale
= EMV-score
E: openen ogen
M: motorische reactie
V: verbale reactie
Niet tijdrovend
Eenduidige terminologie
Duidelijk klinisch beeld
Frequentie
Evolutie toestand
Volgorde afnemen GCS
o Observeren spontane activiteit
o Aanspreken
o Pijnprikkel toedienen (nagelbed)
, Reflextesten die informeren over BWZ:
Pupilreflex
Pupildiameter
Corneareflex (= onvrijwillig oogleden sluiten)
Pijnreflex
1.1 Pupilreflex
Bij lichtinval:
+ reactie = miosis
- reactie = lichtstijve pupillen coma
1.2 Pupildiameter
pupilstand:
Isocorie (gelijke diameter)
Anisocorie (ongelijke diameter)
1.3 Corneareflex 1.4 Pijnreflex
Strijken met watje over cornea => Reacties:
+ reactie: knipperen/sluiten ooglid Motorische of verbale reactie (wakker)
Spierspanningen (subcoma)
- reactie: ontbreken knipperen
Geen reactie (coma)
Decorticale houding/ decerebratie
(diep coma)
2. De ademhaling
2.1 Eigenschappen van ademhaling
Observatie ademhaling = VITAAL
Snelheid
Normaal: 12 à 18 x/ minuut (in rust)
NORMALE ah = eupnoe
VERSNELDE ah = tachypnoe
VERTRAAGDE ah = bradypnoe
Diepte
Normaal: ong. 500 ml lucht
NORMAAL = moeiteloos, regelmatig
KORTADEMIG = snel en oppervlakkig
ADEMNOOD = diep en snel
Wat zijn vitale parameter? Saturatie
Bewustzijn Methodes observeren:
Ademhaling
Inspectie
Hartslagfrequentie
Palpatie
Arteriële bloeddruk
Auscultatie
Lichaamstemperatuur
Percussie
1. Het bewustzijn
Bewustzijnsgraden: Oorzaken bewustzijnsveranderingen:
Volledig bewust Hersenletsel
Somnolentie – sufheid – slaperig o CVA, tumoren, infecties
Sopor, subcoma Extrinsieke intoxicaties
Vegetatief bewustzijn o CO, alcohol, medicatie
Delirium Intrinsieke intoxicaties
Syncope o Nier, diabetes
Shock
Hersenaandoeningen
o Epilepsie
Observatie bewustzijn:
1) eerste inschatting: AVPU-score
2) Glasgow Coma Scale
= EMV-score
E: openen ogen
M: motorische reactie
V: verbale reactie
Niet tijdrovend
Eenduidige terminologie
Duidelijk klinisch beeld
Frequentie
Evolutie toestand
Volgorde afnemen GCS
o Observeren spontane activiteit
o Aanspreken
o Pijnprikkel toedienen (nagelbed)
, Reflextesten die informeren over BWZ:
Pupilreflex
Pupildiameter
Corneareflex (= onvrijwillig oogleden sluiten)
Pijnreflex
1.1 Pupilreflex
Bij lichtinval:
+ reactie = miosis
- reactie = lichtstijve pupillen coma
1.2 Pupildiameter
pupilstand:
Isocorie (gelijke diameter)
Anisocorie (ongelijke diameter)
1.3 Corneareflex 1.4 Pijnreflex
Strijken met watje over cornea => Reacties:
+ reactie: knipperen/sluiten ooglid Motorische of verbale reactie (wakker)
Spierspanningen (subcoma)
- reactie: ontbreken knipperen
Geen reactie (coma)
Decorticale houding/ decerebratie
(diep coma)
2. De ademhaling
2.1 Eigenschappen van ademhaling
Observatie ademhaling = VITAAL
Snelheid
Normaal: 12 à 18 x/ minuut (in rust)
NORMALE ah = eupnoe
VERSNELDE ah = tachypnoe
VERTRAAGDE ah = bradypnoe
Diepte
Normaal: ong. 500 ml lucht
NORMAAL = moeiteloos, regelmatig
KORTADEMIG = snel en oppervlakkig
ADEMNOOD = diep en snel