ziekten
Ziekte en veroudering
Ziekte
= eender welke abnormale of pathologische activiteit in het organisme.
Je kan bij een ziekte volledig genezen:
- Restitutio ad integrum
- Restitutio met sequelen
Of de ziekte kan chronisch worden:
- Stabiel chronisch
- Instabiel chronisch
Veroudering
Definities:
• Tijdsafhankelijke, algemene vermindering van de fysiologische functies, verbonden met een
progressief toenemend risico voor ziekte en overlijden
• Falen van ons lichaam om homeostase stabiel te houden onder omstandigheden die de
fysiologische stress niet overschrijden
• Accumulatie van persisterende veranderingen tussen conceptie en dood
Enkele fundamentele observaties bij veroudering:
1) Progressief, intrinsiek, nadelig, en universeel proces
2) Chronische laaggradige inflammatie (steriele inflammatie), fibrose
3) Macromoleculaire dysfunctie en ook dysfunctie van cel organellen (bvb. beschadiging DNA,
telomeren dysfunctie, aberrante aggregatie van proteïnen, mitochondriale dysfunctie)
4) Veranderingen in stamcellen en progenitoren die aanleiding geven tot een gedaalde capaciteit
om weefsel te herstellen of te vervangen
5) Cellulaire senescentie
Senescentie
Degeneratieve veranderingen die met veroudering gepaard gaan (geen ziekte) bijvoorbeeld vergrijzing
van de haren
Op cellulair niveau:
1
, - Stop van de cel cyclus in diploïde cellen (geen proliferatie meer)
- Verhoogde aanmaak van eiwitten (slechte EW)
- Weerstand tegen geprogrammeerde celdood (apoptose)
- Gewijzigde metabole activiteit en morfologie bv accumulatie van een bepaald pigment , door
leeftijd maar is geen ziekte
Senescentie gaat aanleiding geven voor beschadiging van de cellen.
Bij senescente cellen -> kunnen zichzelf versterken binnen de cel, maar kan ook paracrien werken.
Bv: muizen, oude muizen, cellen van nemen -> inspuiten bij jonge muizen -> jonge muizen verouderen
sneller -> dus senescente cellen kunnen invloed uitoefenen op andere cellen in eenzelfde weefsel
Hartdebiet, wat hart per minuut pompt (5 liter). Met de leeftijd daalt
dit.
Max breathing capacity = maximale capaciteit van zuurstof opname
is nog 60% minder op oudere leeftijd
Basaal metabolism daalt ook met de leeftijd
Nerve conduction velocity daalt ook , maar minder uitgesproken ->
vandaar dat oudere mensen ook een minder reactievermogen
hebben (in bv verkeer).
Waarom is de longcapaciteit het meest afnemend?
Expositie van de long aan de lucht -> daar vindt meeste
luchtuitwisseling plaats en is afhankelijk van de omgeving waar je je
bevindt
De hypofyse zal met toenemende leeftijd minder STH secreteren en bijgevolg ook minder IGF-1 -> dit
veroorzaakt somatopause waardoor verschillende zaken afnemen, en vetmassa toeneemt.
Maakt ook minder ACTH aan -> minder DHEA -> adrenopauze -> minder spiersterkte, obesitas,
hartziekten, diabetes type 2
Maakt minder LH en FSH -> menopauze bij de vrouw -> verhoogt risico op: coronaire atherosclerose,
osteoporose en Alzheimer
Bij de man : andropause -> met toenemende spierzwakte, anemie, stemmingswisselingen.
Voorbeelden van veroudering:
- verhoogd lichaamsvet -> meer kans op obesitas
- verlaagd glucose homeostase -> verhoogde kans op diabetes mellitus
- verminderde GFR -> kans op nefritis
- verminderde synthese dopamine -> kans op ontwikkeling parkinson
2