1
ZELFSTUDIEOPDRACHT 10: Toepassingen van de optica in het visuele systeem
Deelinstructie 1: Herhaling geometrische optica
Een lichtstraal is een mathematische lijn die loodrecht op het golffront van de beschouwde
lichtgolf staat.
Het golffront ve golf is de verzameling van alle punten die in hetzelfde deel van de cyclus vd
golf zitten.
Spelregels van de geometrische optica
Lichtstraal plant zich in een medium rechtlijnig voort
Lichtstralen zijn reversibel: traject A B = B A
Bij een verandering van medium, kunnen er aan het grensvlak van de betrokken
media weerkaatsing en breking optreden
Breking
Wanneer een lichtstraal overgaat van één doorzichtig medium naar een ander, kan er
aan het scheidingsvlak een verandering van richting optreden = breking of refractie
De normale, de invallende en de gebroken straal liggen in 1 vlak
Invalshoek θ1 en brekingshoek θ2 verhouden zich als:
n1 sin θ1 = n2 sin θ2 (wet van Snellius)
met n1 en n2 de respectievelijke brekingsindex
Bij gebogen grensoppervlakken (oog), dient in elk punt
van het grensoppervlak de lokale loodlijn beschouwd
te worden om de wet van Snellius te kunnen toepassen.
Hoe groter de verandering in brekingsindex, hoe groter
het effect van breking.
Lenzen
Een transparant medium, begrensd door minstens 1 gekromd oppervlak = lens of
bezit een lenswerking
Convergerende lenzen = positieve lenzen = convexe lenzen (in het midden dikker)
o Dubbelbol ()
o Plat-bol (| of |)
o Hol-bol (( of ))
Divergerend lenzen = negatieve lenzen = concave lenzen (in het midden dunner)
o Dubbelhol )(
o Plat-hol )| of |(
o Bol-hol (( of ))
ZELFSTUDIEOPDRACHT 10: Toepassingen van de optica in het visuele systeem
Deelinstructie 1: Herhaling geometrische optica
Een lichtstraal is een mathematische lijn die loodrecht op het golffront van de beschouwde
lichtgolf staat.
Het golffront ve golf is de verzameling van alle punten die in hetzelfde deel van de cyclus vd
golf zitten.
Spelregels van de geometrische optica
Lichtstraal plant zich in een medium rechtlijnig voort
Lichtstralen zijn reversibel: traject A B = B A
Bij een verandering van medium, kunnen er aan het grensvlak van de betrokken
media weerkaatsing en breking optreden
Breking
Wanneer een lichtstraal overgaat van één doorzichtig medium naar een ander, kan er
aan het scheidingsvlak een verandering van richting optreden = breking of refractie
De normale, de invallende en de gebroken straal liggen in 1 vlak
Invalshoek θ1 en brekingshoek θ2 verhouden zich als:
n1 sin θ1 = n2 sin θ2 (wet van Snellius)
met n1 en n2 de respectievelijke brekingsindex
Bij gebogen grensoppervlakken (oog), dient in elk punt
van het grensoppervlak de lokale loodlijn beschouwd
te worden om de wet van Snellius te kunnen toepassen.
Hoe groter de verandering in brekingsindex, hoe groter
het effect van breking.
Lenzen
Een transparant medium, begrensd door minstens 1 gekromd oppervlak = lens of
bezit een lenswerking
Convergerende lenzen = positieve lenzen = convexe lenzen (in het midden dikker)
o Dubbelbol ()
o Plat-bol (| of |)
o Hol-bol (( of ))
Divergerend lenzen = negatieve lenzen = concave lenzen (in het midden dunner)
o Dubbelhol )(
o Plat-hol )| of |(
o Bol-hol (( of ))