Hoofdstuk 1: Algemene principes
1) Het alfabetisch principe
2) Aanleren van teken-klankkoppelingen
3) Orthografisch leren
4) Systematic phonics instruction
1.1 Het alfabetische principe: fonologische structuur als basis voor het
schrift
= fonologische structuur als basis voor schrift
• Taal
o Bestaat uit
▪ Fonemen: betekenisonderscheidend
▪ Allofonen
▪ Grafemen
▪ Opgelet voor
Co-articulatiefenomeen
Detecteren klankverschillen afzondelrijk klanken heel moeilijk
• Fonemen
= de kleinste klankeenheden in de taal die een betekenisonderscheidende functie hebben
• Allofonen
= klankverschillen die niet betekenisonderscheidend zijn
bv: foneem /d/ in ‘die’ klinkt anders dan de /d/ in ‘doe’
• Coarticulatie
= fonemen in een woord die samen worden uitgesproken, versmelten met elkaar
• Elk foneem kan je uitspreken op verschillende manieren: het heeft dus verschillende
allofone variaties
• Elke taal: bepaald aantal fonemen
• Grafeem
= het teken dat staat voor een bepaald foneem
bv: ee voor e
• Een grafeem is niet hetzelfde als een letter
bv: in het woord ‘zijn’ bestaat het grafeem ‘ij’ uit twee letters
• Keerzijde alfabetisch schrift
o Fonemen in gesproken woorden zeer moeilijk te onderscheiden door niet-
geletterden
o Medeklinkers moeilijk te onderscheiden van klinkers door co-articulatiefenomeen
, o Medeklinkers kan je niet afzonderlijk uitspreken
▪ Klanken samenvoegen tot 1 woord
▪ Abstractie maken van klankverschillen tussen afzonderlijke klanken B-A-L en
begrijpen dat de afzonderlijke klanken samen overeenkomen met de
klankvorm BAL
• Leren lezen is
o Inzicht verwerven in de relatie tussen grafemen en fonemen
o Bewust worden van het feit dat woorden bestaan uit abstracte klankeenheden
o Bewust worden van het feit dat woorden ongevoelig worden voor allofone variaties
1.2 Het aanleren van teken-klankkoppeling
1) Fonemische bewustzijn + letterkennis
2) Rol van articulatie
3) Handgeschreven letters
4) Klankeigenschappen
➢ Via multisensorische of crossmodale integratie van informatie
1.2.1 Fonemisch bewustzijn + letterkennis
• TKK: worden pas geïntegreerd tot audiovisuele objecten na aantal jaren leeservaring
• Inzicht in de relatie tussen tekens en klanken zijn nauw verbonden met
o Vaardigheden om klankinformatie te kunnen gebruiken
o Aandacht te schenken aan klankverschillen en klankgelijkenissen in woorden
o Met klanken kunnen spelen in woordspelletjes
o Klankinformatie opslaan in lange- en kortetermijngeheugen
• Nood aan impliciete fonologische verwerking
• Nood aan fonemisch bewustzijn
= doorgedreven manipulatie van klanken, vaardigheid om bewust om te gaan met de
klankstructuur van woorden
• Isoleren/segmenteren/analyseren van klanken uit woord is elementair
• Trainen fonemische bewustzijn moet gekoppeld worden aan orthografie
• Fonemen = abstract en tijdelijk (verdwijnt in spraakstroom)
• Grafemen = zichtbaar, stabiel en onderscheidbaar
• Letterkennis: fonemen in geheugen vasthouden/vergelijken/manipuleren
• Lettertekens: abstractie van in elkaar vloeiende articulatiebewegignen
bv: kinderen ontdekken dat de eerste klank in ‘pan’ gepresenteerd wordt door hetzelfde
, foneem en hetzelfde grafeem als de laatste klank in ‘lip’
• Eerste stap: expliciet opdelen woorddelen in fonemen + letterkennis
1.2.2 De rol van articulatie
• = versterken foneembewustzijn + komen tot geïntegreerde TKK
• Bij ruis en achtergrondlawaai: veel informatie uit articulatie
• Articulatie: zichtbaar en voelbaar
• Articulatie koppelen aan tekens + foneemsegmentatie
• Onderzoek: multisensorische aanpak werkt bij het aanleren en versterken van TKK
1.2.3 Handgeschreven letters
• Multisensorische integratie bij aanleren TKK
• Schrijven: motorische code bij visueel-auditieve TKK
• Onderzoek: schrijven draagt bij tot het activeren van hersengebieden mbt succesvol lezen
• Schrijfpatronen + visuele aspecten van letters
Zintuigelijk-motorische code in geheugen
Sterke kwaliteitsvolle representaties van letters
1.2.4 Klankeigenschappen
• Letters verkennen in alle aspecten van klank en vorm
• Veelzijdig exploreren van TKK
• Ordening: korte/lange klinkers, tweetekenklanken, meertekenklanken
• Maar coarticulatie ‘vervorm’ klanken
• Leren lezen: ongevoelig voor allofonen
TKK op woordniveau
Alle posities en combinatie bekende letters
• Foneembewustzijn ook met perceptuele factoren
• Onsets en rime: geen naturlijke eenheden
o Onset: beginrijm
= de medeklinker of medeklinkercombinatie aan het begin vn een woord
o Rime
= eindrijm
• Fonemen vooraan isoleren = moeilijk
• Perceptueel-fonetische factoren
/w j l r m n/ sterke klinkereigenschappen = moeilijk te onderscheiden