DEEL 1: INLEIDING
1
, HOOFDSTUK 1: WAT IS
SOCIALE WETGEVING
EIGENLIJK?
Sociaal recht is moeilijk af te bakenen en best onoverzichtelijk, maar het
kenmerk van de sociale wetgeving is hetzelfde voor alle regelgevingen:
- Beschermen van de belangen van de WN’s
- Bevorderen van welzijn
De sociale wetgeving omvat:
Arbeidsrecht
Socialezekerheisrecht
1. individueel arbeidsrecht
- Overeenkomstenrecht
o Wet 3 juli 1978 en de AO
o Wet op tijdelijke arbeid 1976
- Arbeidsreglementering:
o Loonbeschermingswet (p239)
à schafte het trucksysteem af (= groot sociaal misbruik in de 19 e eeuw,
dat inhoudt dat arbeiders na hun werk niet betaald werden in geld,
maar goederen konden uitkiezen voor een bepaald bedrag: dit is
sociaal misbruik omdat je alleen goederen in de fabriekswinkel kon
uitkiezen, en je geld dus niet vrij kon besteden)
o Wet op arbeidsreglement (p259)
= belangrijk document, waarin alle regels staan die voor iedereen
gelden (WG en WN)
bv. een ondernemingsraad moet er zijn vanaf 100 werknemers
o Arbeidswet 1971 (p215)
- arbeidsduur (= hoelang je max. tewerkgesteld mag worden) à als je
een 5-dagenweek werkt: max. 9 uur per dag en max. 38 uur per week
- moederschapsverlof
- zondagsrust (verboden om mensen op zondag te laten werken)
- verbod op nachtarbeid (vanaf 8 uur ’s avonds tot 6 uur ’s morgens)
o WAO ?
- Arbeidsbescherming
o Wet op welzijn op werk 1995 (à welzijnscodex: koninklijk besluit waarin
staat hoe veilig/gezond het moet zijn op het werk)
2
,3
, 2. collectief arbeidsrecht
= Belgisch sociaal model
Hierbij is de syndicale vrijheid belangrijk!
Collectieve arbeidsovereenkomsten (CAO’s)
1. Onderneming
- Ondernemingsraad
à +100 werknemers
- Het CPBW Comité voor de Preventie en Bescherming op het Werk
à +50 werknemers
à sociale verkiezingen om de 4 jaar (hierbij kunnen ze een ander comité
kiezen of niet)
Syndicale afvaardiging onderhandelt CAO’s
Dubbel systeem
2. Sector:
Paritaire comité’s: CAO’s worden gesloten voor de sector bv. barema’s
3. Nationale arbeidsraad (NAR):
= sluiten genummerde CAO’s voor de ganse privésector
bv. de CAO over het GGMMI (= gewaarborgd, gemiddeld, minimum
maandinkomen: wie fulltime werkt moet minstens 1879,13 euro verdienen per
maand)
3. sociaal zekerheidsrecht
= bescherming tegen sociale en professionele risico’s
Sociale risico’s:
- Onvrijwillige werkloosheid
- Minstens 60% arbeidsongeschikt
- Pensioengerechtigde leeftijd (nu: 65, maar vanaf 2025 is dat 66 en in 2030 is
dat 67)
- Armoede (leefloon)
Professionele risico’s:
- Arbeidsongeval
- Beroepsziekte
twee aparte systemen (best een beroepsziekte want die uitkeringen zijn veel
voordeliger)
4
1
, HOOFDSTUK 1: WAT IS
SOCIALE WETGEVING
EIGENLIJK?
Sociaal recht is moeilijk af te bakenen en best onoverzichtelijk, maar het
kenmerk van de sociale wetgeving is hetzelfde voor alle regelgevingen:
- Beschermen van de belangen van de WN’s
- Bevorderen van welzijn
De sociale wetgeving omvat:
Arbeidsrecht
Socialezekerheisrecht
1. individueel arbeidsrecht
- Overeenkomstenrecht
o Wet 3 juli 1978 en de AO
o Wet op tijdelijke arbeid 1976
- Arbeidsreglementering:
o Loonbeschermingswet (p239)
à schafte het trucksysteem af (= groot sociaal misbruik in de 19 e eeuw,
dat inhoudt dat arbeiders na hun werk niet betaald werden in geld,
maar goederen konden uitkiezen voor een bepaald bedrag: dit is
sociaal misbruik omdat je alleen goederen in de fabriekswinkel kon
uitkiezen, en je geld dus niet vrij kon besteden)
o Wet op arbeidsreglement (p259)
= belangrijk document, waarin alle regels staan die voor iedereen
gelden (WG en WN)
bv. een ondernemingsraad moet er zijn vanaf 100 werknemers
o Arbeidswet 1971 (p215)
- arbeidsduur (= hoelang je max. tewerkgesteld mag worden) à als je
een 5-dagenweek werkt: max. 9 uur per dag en max. 38 uur per week
- moederschapsverlof
- zondagsrust (verboden om mensen op zondag te laten werken)
- verbod op nachtarbeid (vanaf 8 uur ’s avonds tot 6 uur ’s morgens)
o WAO ?
- Arbeidsbescherming
o Wet op welzijn op werk 1995 (à welzijnscodex: koninklijk besluit waarin
staat hoe veilig/gezond het moet zijn op het werk)
2
,3
, 2. collectief arbeidsrecht
= Belgisch sociaal model
Hierbij is de syndicale vrijheid belangrijk!
Collectieve arbeidsovereenkomsten (CAO’s)
1. Onderneming
- Ondernemingsraad
à +100 werknemers
- Het CPBW Comité voor de Preventie en Bescherming op het Werk
à +50 werknemers
à sociale verkiezingen om de 4 jaar (hierbij kunnen ze een ander comité
kiezen of niet)
Syndicale afvaardiging onderhandelt CAO’s
Dubbel systeem
2. Sector:
Paritaire comité’s: CAO’s worden gesloten voor de sector bv. barema’s
3. Nationale arbeidsraad (NAR):
= sluiten genummerde CAO’s voor de ganse privésector
bv. de CAO over het GGMMI (= gewaarborgd, gemiddeld, minimum
maandinkomen: wie fulltime werkt moet minstens 1879,13 euro verdienen per
maand)
3. sociaal zekerheidsrecht
= bescherming tegen sociale en professionele risico’s
Sociale risico’s:
- Onvrijwillige werkloosheid
- Minstens 60% arbeidsongeschikt
- Pensioengerechtigde leeftijd (nu: 65, maar vanaf 2025 is dat 66 en in 2030 is
dat 67)
- Armoede (leefloon)
Professionele risico’s:
- Arbeidsongeval
- Beroepsziekte
twee aparte systemen (best een beroepsziekte want die uitkeringen zijn veel
voordeliger)
4