AFDELING II: Fundamentele
kenmerken van het Belgisch
Staatsbestel
1. Rechtsstaat
1.1 Principe
Mens vrij, onafhankelijk en gelijk
Onderwerpen aan gemeenschappelijke regels: sociaal contract, het recht
Conventionele vrijheid: vrijheid in handelen beperkt, maar vrijheid door andere
individuen erkend door sociaal contract (rechtsregels)
Overheid en medeburgers gebonden door de rechtsregel naleving afgedwongen
via effectieve rechtsbescherming
Rechtsstaat = organisatiemodel waarbij men onderworpen is aan de rechtsregel
Volk staat in voor inhoud, uitvoering en naleving v.h. sociaal contract
Nood aan volksvertegenwoordigers via oprichting en organisatie van een
democratisch overheidsgezag (! Machtsmisbruik voorkomen: horizontale
machtenscheiding: H2)
Belgische staat = vrijheidsstaat
Sociaal contract: inperking en bescherming v.d. persoonlijke vrijheid beperkt tot wat
nodig is voor de werking v.h. contract
Individuele vrijheid beperkt voor zover er rechtsregels zijn = vrijheidsregel (alles
wat niet verboden is, is toegestaan)
Voornaamste motief = persoonlijke vrijheid en ontplooiing van haar onderdanen te
garanderen en te vrijwaren waarborging v.d. fundamentele vrijheden en rechten
(in GW en de internationale verdragen)
Besluit : het algemene belang heeft tot doel het private belang te helpen verwezenlijken.
De bemoeienis van de overheid via rechtsregels (sociaal contract) moet steunen op het
principe van de volks-/staatssoevereiniteit en mag niet verder reiken dan nodig
(proportionaliteit/evenredigheid). Daarnaast vloeit hier ook uit voort dat de
uitgevaardigde rechtsregels voldoende duidelijk, voorspelbaar en toegankelijk aan de
onderdanen worden bekendgemaakt (rechtszekerheid) en gelijk moeten worden
toegepast (rechtsgelijkheid).
1.2 gebondenheid van overheid aan het recht
3 staatsmachten = uitvoerende, rechterlijke en wetgevende macht moeten zich elk
binnen hun bevoegdheden houden aan de toepasselijke rechtsregels (GW als hoogste
interne rechtsnorm)
, respectering voor scheiding der machten inherent aan een rechtsstaat
respectering hiërarchie der normen (lagere norm in overeenstemming hogere norm)
onderworpenheid staat aan het recht
vrij regelingen te treffen die hem buiten de toepassing sfeer v.d. rechtsregels stellen
of alleszins afwijkingen te bepalen wat hem betreft
uitzondering: sfeer v.d. fundamentele rechten en vrijheden
o bepaling v.h. recht waaraan staat onderworpen is, verband met de vrijheden
die de GW en de internationale verdragen waarborgen in rechtsstaat wijst
recht dus op fundamentele rechten en vrijheden
1.3 rechtstaat en democratie
democratie = rechtsonderhorigen mee participeren aan het bestuur
democratische aanduiding van gezagsdragers
representatieve democratie democratische aanduiding gezagsdragers
via verkiezingen
iedere burger gelijk en 1 stem
beperkt met betrekking tot nationaliteit, leeftijd, en verblijfplaats
meerpartijenstelsel: verschillende partijen pogen op democratische manier de stem
v.d. kiezen te krijgen (!! Geen exclusiviteit t.o.v. partij op grond van politieke of
filosofische overtuiging)
beslissing bij meerderheid, maar bescherming v.d. minderheid
respect voor minderheid
rechten en vrijheden v.d. ideologische en filosofische minderheden beschermen
minderheid beslis mee in geval van communautaire wetten of voor herziening v.d.
GW
rechtstaat niet mogelijk zonder effectieve rechtsbescherming
rechtsbescherming
1) politieke rechtsbescherming = politieke controle
op elke uitvoerende macht = controle door orgaan waaraan overheid macht te
danken heeft volksvertegenwoordigers die uit gemeenschap v.d. burgers
representatief tot stand gekomen is
ombuds = bemiddelaar daar waar het contact tussen een individu en een organisatie
mank loopt
o behandeling van klacht en de formulering van aanbevelingen op individueel
en structureel vlak
o 3 functies
Bemiddelingsfunctie = positie v.d. burger beschermen
Controlefunctie = werking v.d. overheid controleren en verbeteren
Informatiefunctie
kenmerken van het Belgisch
Staatsbestel
1. Rechtsstaat
1.1 Principe
Mens vrij, onafhankelijk en gelijk
Onderwerpen aan gemeenschappelijke regels: sociaal contract, het recht
Conventionele vrijheid: vrijheid in handelen beperkt, maar vrijheid door andere
individuen erkend door sociaal contract (rechtsregels)
Overheid en medeburgers gebonden door de rechtsregel naleving afgedwongen
via effectieve rechtsbescherming
Rechtsstaat = organisatiemodel waarbij men onderworpen is aan de rechtsregel
Volk staat in voor inhoud, uitvoering en naleving v.h. sociaal contract
Nood aan volksvertegenwoordigers via oprichting en organisatie van een
democratisch overheidsgezag (! Machtsmisbruik voorkomen: horizontale
machtenscheiding: H2)
Belgische staat = vrijheidsstaat
Sociaal contract: inperking en bescherming v.d. persoonlijke vrijheid beperkt tot wat
nodig is voor de werking v.h. contract
Individuele vrijheid beperkt voor zover er rechtsregels zijn = vrijheidsregel (alles
wat niet verboden is, is toegestaan)
Voornaamste motief = persoonlijke vrijheid en ontplooiing van haar onderdanen te
garanderen en te vrijwaren waarborging v.d. fundamentele vrijheden en rechten
(in GW en de internationale verdragen)
Besluit : het algemene belang heeft tot doel het private belang te helpen verwezenlijken.
De bemoeienis van de overheid via rechtsregels (sociaal contract) moet steunen op het
principe van de volks-/staatssoevereiniteit en mag niet verder reiken dan nodig
(proportionaliteit/evenredigheid). Daarnaast vloeit hier ook uit voort dat de
uitgevaardigde rechtsregels voldoende duidelijk, voorspelbaar en toegankelijk aan de
onderdanen worden bekendgemaakt (rechtszekerheid) en gelijk moeten worden
toegepast (rechtsgelijkheid).
1.2 gebondenheid van overheid aan het recht
3 staatsmachten = uitvoerende, rechterlijke en wetgevende macht moeten zich elk
binnen hun bevoegdheden houden aan de toepasselijke rechtsregels (GW als hoogste
interne rechtsnorm)
, respectering voor scheiding der machten inherent aan een rechtsstaat
respectering hiërarchie der normen (lagere norm in overeenstemming hogere norm)
onderworpenheid staat aan het recht
vrij regelingen te treffen die hem buiten de toepassing sfeer v.d. rechtsregels stellen
of alleszins afwijkingen te bepalen wat hem betreft
uitzondering: sfeer v.d. fundamentele rechten en vrijheden
o bepaling v.h. recht waaraan staat onderworpen is, verband met de vrijheden
die de GW en de internationale verdragen waarborgen in rechtsstaat wijst
recht dus op fundamentele rechten en vrijheden
1.3 rechtstaat en democratie
democratie = rechtsonderhorigen mee participeren aan het bestuur
democratische aanduiding van gezagsdragers
representatieve democratie democratische aanduiding gezagsdragers
via verkiezingen
iedere burger gelijk en 1 stem
beperkt met betrekking tot nationaliteit, leeftijd, en verblijfplaats
meerpartijenstelsel: verschillende partijen pogen op democratische manier de stem
v.d. kiezen te krijgen (!! Geen exclusiviteit t.o.v. partij op grond van politieke of
filosofische overtuiging)
beslissing bij meerderheid, maar bescherming v.d. minderheid
respect voor minderheid
rechten en vrijheden v.d. ideologische en filosofische minderheden beschermen
minderheid beslis mee in geval van communautaire wetten of voor herziening v.d.
GW
rechtstaat niet mogelijk zonder effectieve rechtsbescherming
rechtsbescherming
1) politieke rechtsbescherming = politieke controle
op elke uitvoerende macht = controle door orgaan waaraan overheid macht te
danken heeft volksvertegenwoordigers die uit gemeenschap v.d. burgers
representatief tot stand gekomen is
ombuds = bemiddelaar daar waar het contact tussen een individu en een organisatie
mank loopt
o behandeling van klacht en de formulering van aanbevelingen op individueel
en structureel vlak
o 3 functies
Bemiddelingsfunctie = positie v.d. burger beschermen
Controlefunctie = werking v.d. overheid controleren en verbeteren
Informatiefunctie