1
ZELFSTUDIEOPDRACHT 10: VACCINATIE
Hoofdstuk 6: Vaccins en vaccinatie
6.1 Het principe van vaccinatie
Vaccins zijn een vd meest effectieve en succesvolle antimicrobiële middelen
-> Volledige uitroeiing van pokken
Principe van vaccinatie:
Iemand die vr de eerste keer in contact komt met een infectieuze pathogeen:
Duurt ongeveer een week eer de eerste specifieke antistoffen verschijnen
Duurt ongeveer 2 weken eer de immuunrespons werkt op volle sterkte
Trage primaire respons
De pathogeen heeft tijd genoeg om infectie te veroorzaken
Bij nieuw contact (herontmoeting):
Binnen de twee dagen volledig secundair immuunrespons
Pathogeen geen kans om infectie te veroorzaken
Dus een vaccin zorgt ervoor dat de gevacineerde bij contact met de pathogeen onmiddellijk de snelle en
effectieve secundaire immuunrespons kan opbrengen
OPM. Zonder risico op het doormaken vd infectie
Passieve immunisatie: Passieve toediening van voorgevormde antistoffen
-> Moeder-foetus
6.2 Waaraan moet een goed vaccin voldoen?
Een goed vaccin moet … zijn:
Effectief
-> Juiste types van immuniteit (B of T, meestal mengeling) oproupen
-> Duur van de opgeroepen immuunrespons is van belang
-> Bescherming tegen de ziekte (Belangrijkste!!)
Veilig
-> Vaccin w gegeven aan gezonde mensen
Psychologische draagkracht tov nevenwerkingen is veel kleiner dan bij zieke mensen
-> Uitgebreide veiligheidsmaatregelen bij productie en ontwikkeling
Stabiel
-> Lange tijd bewaard kunnen w
Vooral belangrijk bij levende vaccins
-> Een niet-stabiel vaccin verliest zijn effectiviteit en kan een vals gevoel van veiligheid creëren
Goedkoop
-> Relatief
-> De prijs ve vaccin is gewoonlijk klein vergeleken met de kostprijs van de behandeling vd ziekte
-> Moet laag zijn voor gebruik op grote schaal en in ontwikkelingslanden
, 2
6.3 Types vaccines
Er zijn versch types vaccins
-> De minimumvereiste voor een vaccin: Min 1 protectief antigeen bezit dat ook op het te bestrijden micro-
organisme voorkomt
Heterologe vaccins
-> Vaccin bestaat uit een natuurlijk voorkomende variant van het ziekte veroorzakende micro-
organisme
-> Bezit wel voldoende gemeenschappelijke antigenen met de echte pathogeen
Om protectieve immuunrespons uit te lokken
VB. Vacciniavirus tegen de pokken
Veeartsen gebruiken dergelijke vaccins (variant die dezelfde ziekte veroorzaakt bij een ander
species)
Levende geattenueerde vaccins
-> Afgezwakte vaccins
-> Merendeel vd levende virale vaccins
-> Bevatten een levend micro-organisme dat rechtstreeks afgeleid is vd echte pathogeen
MAAR Heeft zijn virulentie verloren
-> Ontstaan gewoonlijk als gevolg van een toevallig optredende mutaties in de pathogene stam
In genen die verbonden zijn met virulentie
-> Bestaan versch methoden om dergelijke kans op zo’n mutant te vergroten
o Pathogeen een groot aantal keren overenten in het laboratorium
vb. Mycobacterium bovis
-> Is meer dan 10 jaar overgeënt op een glycerol-gal-aardappelmedium
-> Hieruit is een geattenueerde avirulente stam ontstaan
bacil van Calmette-Guérin of BCG stam
o Pathogeen bloot stellen aan chemische mutagenen
o Mutanten zoeken die goed groeien bij lage temperatuur
-> Koude-geadapteerde stammen zijn vaak minder virulent
o Genetische manipulatie
-> Gerichte wijze mutaties proberen te introduceren in genen die een rol spelen in virulentie
Dode of geïnactiveerde vaccins
-> Vooral gebruikt wanneer bovenstaande niet beschikbaar zijn
-> Veiliger
-> Immunogeniciteit, vermogen om een immuunrespons te induceren is kleiner
Moet hierdoor meestal meer dan 1 dosis gegeven w
-> W gedood door formaldehyde, β-propiolacton, fenol of warmte
Subcellulaire vaccins
-> Geweten tegen welk deel vh micro-organisme de beschermende immuunrespons gericht is
Mogelijk om een subcellulair te maken dat alleen deze delen bevat
VB. Vaccins tegen kapselvormende bateriën
-> Meningokok, pneumokok en Haemophilus influenzae type B
Enkel en alleen het kapselpolysacharide vd overeenkomstige bacterie bevatten
-> Hepatitis B-virusvaccin
Bevat oppervlakteproteïnen vh virus
ZELFSTUDIEOPDRACHT 10: VACCINATIE
Hoofdstuk 6: Vaccins en vaccinatie
6.1 Het principe van vaccinatie
Vaccins zijn een vd meest effectieve en succesvolle antimicrobiële middelen
-> Volledige uitroeiing van pokken
Principe van vaccinatie:
Iemand die vr de eerste keer in contact komt met een infectieuze pathogeen:
Duurt ongeveer een week eer de eerste specifieke antistoffen verschijnen
Duurt ongeveer 2 weken eer de immuunrespons werkt op volle sterkte
Trage primaire respons
De pathogeen heeft tijd genoeg om infectie te veroorzaken
Bij nieuw contact (herontmoeting):
Binnen de twee dagen volledig secundair immuunrespons
Pathogeen geen kans om infectie te veroorzaken
Dus een vaccin zorgt ervoor dat de gevacineerde bij contact met de pathogeen onmiddellijk de snelle en
effectieve secundaire immuunrespons kan opbrengen
OPM. Zonder risico op het doormaken vd infectie
Passieve immunisatie: Passieve toediening van voorgevormde antistoffen
-> Moeder-foetus
6.2 Waaraan moet een goed vaccin voldoen?
Een goed vaccin moet … zijn:
Effectief
-> Juiste types van immuniteit (B of T, meestal mengeling) oproupen
-> Duur van de opgeroepen immuunrespons is van belang
-> Bescherming tegen de ziekte (Belangrijkste!!)
Veilig
-> Vaccin w gegeven aan gezonde mensen
Psychologische draagkracht tov nevenwerkingen is veel kleiner dan bij zieke mensen
-> Uitgebreide veiligheidsmaatregelen bij productie en ontwikkeling
Stabiel
-> Lange tijd bewaard kunnen w
Vooral belangrijk bij levende vaccins
-> Een niet-stabiel vaccin verliest zijn effectiviteit en kan een vals gevoel van veiligheid creëren
Goedkoop
-> Relatief
-> De prijs ve vaccin is gewoonlijk klein vergeleken met de kostprijs van de behandeling vd ziekte
-> Moet laag zijn voor gebruik op grote schaal en in ontwikkelingslanden
, 2
6.3 Types vaccines
Er zijn versch types vaccins
-> De minimumvereiste voor een vaccin: Min 1 protectief antigeen bezit dat ook op het te bestrijden micro-
organisme voorkomt
Heterologe vaccins
-> Vaccin bestaat uit een natuurlijk voorkomende variant van het ziekte veroorzakende micro-
organisme
-> Bezit wel voldoende gemeenschappelijke antigenen met de echte pathogeen
Om protectieve immuunrespons uit te lokken
VB. Vacciniavirus tegen de pokken
Veeartsen gebruiken dergelijke vaccins (variant die dezelfde ziekte veroorzaakt bij een ander
species)
Levende geattenueerde vaccins
-> Afgezwakte vaccins
-> Merendeel vd levende virale vaccins
-> Bevatten een levend micro-organisme dat rechtstreeks afgeleid is vd echte pathogeen
MAAR Heeft zijn virulentie verloren
-> Ontstaan gewoonlijk als gevolg van een toevallig optredende mutaties in de pathogene stam
In genen die verbonden zijn met virulentie
-> Bestaan versch methoden om dergelijke kans op zo’n mutant te vergroten
o Pathogeen een groot aantal keren overenten in het laboratorium
vb. Mycobacterium bovis
-> Is meer dan 10 jaar overgeënt op een glycerol-gal-aardappelmedium
-> Hieruit is een geattenueerde avirulente stam ontstaan
bacil van Calmette-Guérin of BCG stam
o Pathogeen bloot stellen aan chemische mutagenen
o Mutanten zoeken die goed groeien bij lage temperatuur
-> Koude-geadapteerde stammen zijn vaak minder virulent
o Genetische manipulatie
-> Gerichte wijze mutaties proberen te introduceren in genen die een rol spelen in virulentie
Dode of geïnactiveerde vaccins
-> Vooral gebruikt wanneer bovenstaande niet beschikbaar zijn
-> Veiliger
-> Immunogeniciteit, vermogen om een immuunrespons te induceren is kleiner
Moet hierdoor meestal meer dan 1 dosis gegeven w
-> W gedood door formaldehyde, β-propiolacton, fenol of warmte
Subcellulaire vaccins
-> Geweten tegen welk deel vh micro-organisme de beschermende immuunrespons gericht is
Mogelijk om een subcellulair te maken dat alleen deze delen bevat
VB. Vaccins tegen kapselvormende bateriën
-> Meningokok, pneumokok en Haemophilus influenzae type B
Enkel en alleen het kapselpolysacharide vd overeenkomstige bacterie bevatten
-> Hepatitis B-virusvaccin
Bevat oppervlakteproteïnen vh virus