Oudheid: Griekenland einde duistere eeuwen& preklassieke periode (ca. 800 vc – ca. 500 vc)
Epiek Lyriek
Auteur / wie? Homeros ca 750 vc – 700 cv Sappho 625 vc – 565 vc
- Niet veel informatie (Homerische kwestie) - Niet veel informatie
- Einde preklassieke periode, vooral gelezen in de
klassieke periode
- Afkomstig van eiland Lesbos
Tekst / werken / Illias & Odysseia 1 gedicht bleef bewaard:
wat? illias odysseia - Thema: liefdespoëzie voor meisjes
Gebaseerd op verhaal over Gebaseerd op verhaal over - Monodische, melische lyriek
Trojaanse oorlog Trojaanse oorlog - Zuiver taalgebruik
Bruut, geweld staat centraal De waarden van de Goding - Directe, persoonlijke toon
Athene staan centraal:
- Saffische strofe: vier versregels, waarvan de laatste
intelligentie & listigheid
onderbroken is (typisch: onderbreking)
Nadruk op de oorlog Nadruk op avonturen
Verwijst naar de materie van Verwijst naar de materie van
de Odysseia de Ilias
Laatste 40 dagen van de Laatste dagen van de reis &
Trojaanse oorlog thuiskomst van de held
Odysseus na 10 jaar lang
oorlog
In medias res In medias res
24 boeken 24 boeken
Dactylische hexameter (vers) Dactylische hexameter (vers)
Kenmerk auteur Homerische kwestie Sapphische strofe
Kenmerken genre - Thematiek: groots, mythologisch, heldendaden & - Naam Lyriek verwijst naar het instrument ‘lier’, dat
het noodlot & ethos nobele klassen de lyrische poëzie vaak begeleidde
- Grote rol goden - Thematiek: wereldse themas (liefde oorlog politiek