Neuropsychologie en psychopathologie
Inleiding
Neuropsychologie en psychopathologie
= Onderzoek naar de relatie tussen hersenletsels en/of hersendisfuncties en gedragveranderingen.
• Hersenletsel = hersenletsel zichtbaar op de scans
• Hersendisfunctie = geen duidelijk letsel maar je merkt in de neurale circuits dat er iets niet goed
werk
→ Ze doen de werking van de hersenen mislopen
Met wat kan het te maken hebben?
• Sensori-motoriek
• Aandacht
o Niet-spatiaal
o Spatiaal
▪ Je kan je aandacht richten in een specifiek component in de ruimte
• Geheugen
• Perceptie
o Auditief, visueel, tactiel, reuk, smaak
o (verbaal) lichaamsschema
o Posturaal lichaamsschema
• Praxis
• Taal
• Emotionele communicatie
• Emotionele en uitvoerende gedragscontrole/ executieve
• Intellectuele functies
• Persoonlijkheid
• Sociaal gedrag
• Psychopathologie
→ We zoomen voornamelijk in op de stoornissen hiervan
Hoofdstuk 1: Functionele neuroanatomie
1.1 Model informatieverwerking
• Info komt binnen in de hersenen en wordt automatisch verwerkt door onze zintuigen, eerder
opgedane kennis, … en wordt geintegreerd
o Van het concreet gaan we naar iets van een hoger orde abstract concept
o Dankzij de concepten is taal mogelijk geworden
• Alles wat we met de zintuigen opnemen wordt continue getoetst met eerder opgedane info
en zoeken naar herkennen over dingen die ik reeds geleerd heb
• Info komt afferent binnen en wordt terug naar de spieren gestuurd om bewegingen mogelijk te
maken
• 2 blokken: zintuiglijke vindt posterieur (achteraan) in de hersenen plaats en motorische vindt
meer vooraan in de hersenen plaats
1
,→ Laag 1: primair niveau, lager orde
→ Laag 2: hoger orde
→ Figuur met verschillende cognitieve functies
• Lager orde, secundaire associatie van de cortex, hogere/ tertiare gebieden van de hersenen
• Centraal staat het geheugen: er is altijd een terugkoppeling met het geheugen, alle cognitieve
functies doen sterk beroep op het geheugen
1.2 Basisopbouw hersenen
1.2.1 Grijze kernen: Striatale systemen - Basale ganglia
2
,1.2.2 Limbisch systeem
1.2.3 Tussenhersenen (diencephalon)
1.2.4 De kleine hersenen
1.2.5 Hersenstam (truncus cerebri)
3
, 1.3 Model informatieverwerking
CURSUS:
‘Het onderscheid tussen waarnemen en handelen is duidelijk in de functionele architectuur van de
hersenen veranderd’
• De hersenstam (+ thalamus) zorgen ervoor dat we voldoende responsief zijn in een constant
veranderende omgeving → vereist een niveau van verhoogde alertheid
o Herstemstam heeft sterk regelend effect op vitale functies: handhaving van homeostase,
gewaarwording van pijn en honger, regeling van ademhaling, bloeddruk, …
• De zintuigen sturen info door naar de thalamus → stuurt dan door naar primaire sensorische
cortex en subcorticale systemen waarvan hypothalamus en amydala deel van uitmaken
o Op die manier is er emotionele informatieverwerking en directe en indirecte beïnvloeding
van autonoom en centraal zenuwstelsel via parallelle circuits
• Vanuit de primaire sensorische cortex wordt info verder verwerkt en geïntegreerd in posterieure
sensorische associatiegebieden
o Met als doel:
▪ Ruimtelijke of spatiale info te genereren (WAAR zie ik, hoor ik of voel ik iets?)
▪ Herkenning of identificatie mogelijk maken (WAT zie ik, hoor ik, voel ik?)
o Dorsale en ventrale verbindingen spelen een rol
▪ ventrale informatieverwerking (WAT-analyse): link met limbisch systeem → herkenning
mogelijk maken
▪ Dorsale verbindingen (WAAR-analyse): conneties met actiegebieden van frontale
regio’s → waarnemen is steeds in functie van handelen
• Daarna wordt info doorgestuurd via bovenste-dorsale en onderste-ventrale
informatieverwerkingsbanen naar de associatiebanen van de anterieuze frontale cortex →
stuurt motorische impulsen via de primaire motorische cortex naar de spieren
o Frontale lobben belangrijk bij de algemene organisatie van gedrag
▪ Betrokken bij plannen, reguleren en controleren van gedrag, aandacht, geheugen,
taal, het oplossen van problemen, motivationele en emotionele processen
4
Inleiding
Neuropsychologie en psychopathologie
= Onderzoek naar de relatie tussen hersenletsels en/of hersendisfuncties en gedragveranderingen.
• Hersenletsel = hersenletsel zichtbaar op de scans
• Hersendisfunctie = geen duidelijk letsel maar je merkt in de neurale circuits dat er iets niet goed
werk
→ Ze doen de werking van de hersenen mislopen
Met wat kan het te maken hebben?
• Sensori-motoriek
• Aandacht
o Niet-spatiaal
o Spatiaal
▪ Je kan je aandacht richten in een specifiek component in de ruimte
• Geheugen
• Perceptie
o Auditief, visueel, tactiel, reuk, smaak
o (verbaal) lichaamsschema
o Posturaal lichaamsschema
• Praxis
• Taal
• Emotionele communicatie
• Emotionele en uitvoerende gedragscontrole/ executieve
• Intellectuele functies
• Persoonlijkheid
• Sociaal gedrag
• Psychopathologie
→ We zoomen voornamelijk in op de stoornissen hiervan
Hoofdstuk 1: Functionele neuroanatomie
1.1 Model informatieverwerking
• Info komt binnen in de hersenen en wordt automatisch verwerkt door onze zintuigen, eerder
opgedane kennis, … en wordt geintegreerd
o Van het concreet gaan we naar iets van een hoger orde abstract concept
o Dankzij de concepten is taal mogelijk geworden
• Alles wat we met de zintuigen opnemen wordt continue getoetst met eerder opgedane info
en zoeken naar herkennen over dingen die ik reeds geleerd heb
• Info komt afferent binnen en wordt terug naar de spieren gestuurd om bewegingen mogelijk te
maken
• 2 blokken: zintuiglijke vindt posterieur (achteraan) in de hersenen plaats en motorische vindt
meer vooraan in de hersenen plaats
1
,→ Laag 1: primair niveau, lager orde
→ Laag 2: hoger orde
→ Figuur met verschillende cognitieve functies
• Lager orde, secundaire associatie van de cortex, hogere/ tertiare gebieden van de hersenen
• Centraal staat het geheugen: er is altijd een terugkoppeling met het geheugen, alle cognitieve
functies doen sterk beroep op het geheugen
1.2 Basisopbouw hersenen
1.2.1 Grijze kernen: Striatale systemen - Basale ganglia
2
,1.2.2 Limbisch systeem
1.2.3 Tussenhersenen (diencephalon)
1.2.4 De kleine hersenen
1.2.5 Hersenstam (truncus cerebri)
3
, 1.3 Model informatieverwerking
CURSUS:
‘Het onderscheid tussen waarnemen en handelen is duidelijk in de functionele architectuur van de
hersenen veranderd’
• De hersenstam (+ thalamus) zorgen ervoor dat we voldoende responsief zijn in een constant
veranderende omgeving → vereist een niveau van verhoogde alertheid
o Herstemstam heeft sterk regelend effect op vitale functies: handhaving van homeostase,
gewaarwording van pijn en honger, regeling van ademhaling, bloeddruk, …
• De zintuigen sturen info door naar de thalamus → stuurt dan door naar primaire sensorische
cortex en subcorticale systemen waarvan hypothalamus en amydala deel van uitmaken
o Op die manier is er emotionele informatieverwerking en directe en indirecte beïnvloeding
van autonoom en centraal zenuwstelsel via parallelle circuits
• Vanuit de primaire sensorische cortex wordt info verder verwerkt en geïntegreerd in posterieure
sensorische associatiegebieden
o Met als doel:
▪ Ruimtelijke of spatiale info te genereren (WAAR zie ik, hoor ik of voel ik iets?)
▪ Herkenning of identificatie mogelijk maken (WAT zie ik, hoor ik, voel ik?)
o Dorsale en ventrale verbindingen spelen een rol
▪ ventrale informatieverwerking (WAT-analyse): link met limbisch systeem → herkenning
mogelijk maken
▪ Dorsale verbindingen (WAAR-analyse): conneties met actiegebieden van frontale
regio’s → waarnemen is steeds in functie van handelen
• Daarna wordt info doorgestuurd via bovenste-dorsale en onderste-ventrale
informatieverwerkingsbanen naar de associatiebanen van de anterieuze frontale cortex →
stuurt motorische impulsen via de primaire motorische cortex naar de spieren
o Frontale lobben belangrijk bij de algemene organisatie van gedrag
▪ Betrokken bij plannen, reguleren en controleren van gedrag, aandacht, geheugen,
taal, het oplossen van problemen, motivationele en emotionele processen
4