ALLEMAAL TAAL
/10
1. Bespreek zo volledig mogelijk onderstaande taalsituatie. Leg de onderlinge verbanden zo
duidelijk mogelijk uit: hoe werken al die elementen samen om tot een efficiënte boodschap te
komen?
a) Bespreek alle elementen op niveau van de taalsystematiek.
b) Bespreek alle functies van taalgebruik.
1
, 2. Het is een uitdaging voor kinderen om perfect successief tweetalig
te worden.
Geef drie voorwaarden voor een succesvol verloop.
Licht toe hoe jij als leerkracht hierin een rol kan spelen.
Leg voldoende grondig uit. Beperk je niet tot het opsommen van
losse puntjes. /5
BEGRIJPEND LEZEN
1. Bekijk onderstaand materiaal voor een les begrijpend lezen. Werk een lesvoorbereiding uit.
/10
a) Bepaal een mogelijk lesonderwerp voor een TOTAALLES.
b) Bepaal mogelijke einddoelen.
c) Bepaal een mogelijke leerinhoud.
d) Bepaal een mogelijk lesverloop met beschrijving van enkele onderwijsleeractiviteiten.
Fragmengt uit: 'Jan zegt nooit wat.'
Het is acht uur. Ik ga naar school.
Naast mij loopt Els.
Ze is net zo oud als ik.
We zijn op dezelfde dag geboren. En we zitten in dezelfde at is fijn. We zijn samen jarig.
Nog vijf dagen. Dan is het zo ver.
Dan hebben we een feestje bij mij thuis.
Els brengt de limonade mee.
Mama zorg voor taart.
Een taart met tien kaarsjes.
Die eten we dan met z'n allen op.
Ik ben er nu al blij om.
Al onze vrienden zullen er zijn: Dieter, Bart, Joske en Inge.
Nog vijf dagen. Ik droom er al van.
Els en ik lopen samen langs het pad.
'Kijk, daar is Jan', zegt Els.
2
/10
1. Bespreek zo volledig mogelijk onderstaande taalsituatie. Leg de onderlinge verbanden zo
duidelijk mogelijk uit: hoe werken al die elementen samen om tot een efficiënte boodschap te
komen?
a) Bespreek alle elementen op niveau van de taalsystematiek.
b) Bespreek alle functies van taalgebruik.
1
, 2. Het is een uitdaging voor kinderen om perfect successief tweetalig
te worden.
Geef drie voorwaarden voor een succesvol verloop.
Licht toe hoe jij als leerkracht hierin een rol kan spelen.
Leg voldoende grondig uit. Beperk je niet tot het opsommen van
losse puntjes. /5
BEGRIJPEND LEZEN
1. Bekijk onderstaand materiaal voor een les begrijpend lezen. Werk een lesvoorbereiding uit.
/10
a) Bepaal een mogelijk lesonderwerp voor een TOTAALLES.
b) Bepaal mogelijke einddoelen.
c) Bepaal een mogelijke leerinhoud.
d) Bepaal een mogelijk lesverloop met beschrijving van enkele onderwijsleeractiviteiten.
Fragmengt uit: 'Jan zegt nooit wat.'
Het is acht uur. Ik ga naar school.
Naast mij loopt Els.
Ze is net zo oud als ik.
We zijn op dezelfde dag geboren. En we zitten in dezelfde at is fijn. We zijn samen jarig.
Nog vijf dagen. Dan is het zo ver.
Dan hebben we een feestje bij mij thuis.
Els brengt de limonade mee.
Mama zorg voor taart.
Een taart met tien kaarsjes.
Die eten we dan met z'n allen op.
Ik ben er nu al blij om.
Al onze vrienden zullen er zijn: Dieter, Bart, Joske en Inge.
Nog vijf dagen. Ik droom er al van.
Els en ik lopen samen langs het pad.
'Kijk, daar is Jan', zegt Els.
2