• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 5 van de 119 pagina's
Samenvatting

Uitgebreide Samenvatting Mens en Recht H1t/m 12 + 15 + Begrippenlijst + Ultrakorte samenvatting + 4 oefentoetsen + Ezelsbruggetjes + stappenplan en leerplan

Document preview thumbnail
Voorbeeld 5 van de 119 pagina's

Bij ieder hoofdstuk staat een duidelijke begrippenlijst, zodat je de belangrijkste juridische termen gemakkelijk kunt leren en herhalen. Naast de hoofdstukken bevat de samenvatting ook vier oefentoetsen met antwoorden. De toetsen bevatten zowel gesloten als open vragen en bij de laatste toetsen komen extra veel casussen en instinkvragen aan bod. Hierdoor kun je niet alleen controleren of je de theorie kent, maar ook oefenen met het toepassen van de juridische regels. Voor het leren zijn daarnaast verschillende handige hulpmiddelen toegevoegd, zoals: een ultrakorte samenvatting van de hele leerstof; - de belangrijkste begrippen in één overzicht; - een stappenplan om juridische casussen in 5 stappen op te lossen; - een overzicht van de grootste instinkers; - handige ezelsbruggetjes; - een praktisch leerplan voor je toets; - en een 10-minuten-overzicht met de belangrijkste dingen om op het laatste moment te herhalen. Zo heb je niet alleen een samenvatting van de leerstof, maar eigenlijk een compleet leer- en oefenpakket voor Mens en Recht: van theorie en begrippen tot oefenvragen, casussen en handige manieren om de stof beter te onthouden.

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting Mens en Recht
Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1: Recht en regels..................................................................................................................3
Begrippen hoofdstuk 1:......................................................................................................................5
Hoofdstuk 2: Indeling van het recht.......................................................................................................6
Begrippen hoofdstuk 2:....................................................................................................................10
Hoofdstuk 3: Verbintenissen................................................................................................................12
Begrippen hoofdstuk 3:....................................................................................................................16
Hoofdstuk 4: Kopen..............................................................................................................................18
Begrippenlijst hoofdstuk 4:...............................................................................................................20
Hoofdstuk 5: Huren..............................................................................................................................21
Begrippenlijst hoofdstuk 5:...............................................................................................................25
Hoofdstuk 6: Schulden..........................................................................................................................26
Begrippenlijst hoofdstuk 6:...............................................................................................................28
Hoofdstuk 7: Samenlevingsvormen en echtscheiding..........................................................................31
Begrippen hoofdstuk 7:....................................................................................................................38
Hoofdstuk 8: Ouderschap en gezag......................................................................................................40
Begrippen hoofdstuk 8:....................................................................................................................45
Hoofdstuk 9: Jeugdhulp en kinderbeschermingsmaatregelen..............................................................47
Begrippen hoofdstuk 9:....................................................................................................................54
Hoofdstuk 10: Gezondheidsrecht.........................................................................................................56
Begrippen hoofdstuk 10:..................................................................................................................63
Hoofdstuk 11: Werken..........................................................................................................................65
Hoofdstuk 12: Sociale zekerheid bij ziekte en arbeidsongeschiktheid..................................................69
Begrippenlijst hoofdstuk 12:.............................................................................................................73
Hoofdstuk 15: Vreemdelingenrecht.....................................................................................................75
Begrippen hoofdstuk 15:..................................................................................................................78
Oefentoets 1 – Mens en Recht.............................................................................................................79
Antwoorden oefentoets 1....................................................................................................................82
Oefentoets 2 – Mens en Recht.............................................................................................................84
Antwoorden oefentoets 2....................................................................................................................87
Oefentoets 3 – Proeftoets....................................................................................................................89
Antwoorden oefentoets 3....................................................................................................................93
Mens en Recht – Oefentoets 4.............................................................................................................95

,Antwoorden oefentoets 4..................................................................................................................104
Ultrakorte samenvatting Mens en Recht............................................................................................107
De belangrijkste begrippen in één schema.........................................................................................112
Casussen oplossen in 5 stappen.........................................................................................................113
De grootste instinkers........................................................................................................................114
Ezelsbruggetjes...................................................................................................................................115
Slim leren voor je toets.......................................................................................................................117
Als je maar 10 minuten hebt, dan leer je dit......................................................................................119

,Hoofdstuk 1: Recht en regels
Het recht omvat een stelsel van regels waaraan iedereen zich moet houden, die ervoor bedoeld zijn
om conflicten te voorkomen en op te lossen.

1.1 Waarom is er recht?
Recht gaat om rechten en plichten van individuen of van de overheid, die voortkomen uit normen en
waarden die gelden in de maatschappij. De rechtsregels zijn de afspraken die moeten worden
gehandhaafd, deze komen overeen met de normen.

Het recht heeft verschillende functies:
 Het brengt een doelmatige ordening in de samenleving (bijv. verkeersregels).
 Het geeft spelregels over gedragingen.
 Het stuurt het gedrag van de burgers.

Recht en rechtvaardigheid zijn geen synoniemen, maar het recht is wel gericht op rechtvaardigheid.

1.2 Vindplaatsen van het recht
Er zijn verschillende rechtsbronnen:
 De wet- en regelgeving
 De jurisprudentie
 De gewoonte
 Verdragen

1.2.1 De wet- en regelgeving
Wetten bevatten rechtsregels die zijn vastgesteld door de overheid (Staten-Generaal, minister,
Provinciale Staten en gemeenteraden). De bepalingen zijn genummerd en worden wetsartikelen
genoemd en deze bestaat uit meerdere leden.

Een wettenbundel is een verzameling officiële wetten die door een uitgever is geselecteerd en
samen in een boek zijn opgenomen. De hoogste wet in Nederland is de Grondwet (Gw).

Een regeling die komt van de regering (dus zonder Staten-Generaal, maar de koning en ministers),
wordt een Koninklijk Besluit (KB) genoemd. Een Algemene maatregel van bestuur (AMvB) is een KB
dat regels bevat. Een regeling die afkomstig is van een minister heet een ministeriële regeling. Een
regeling van Provinciale Staten of van de gemeenteraad wordt een verordening genoemd.

Gemeenschapsverordeningen en -richtlijnen zijn vastgesteld voor de hele EU en zijn hierbij
belangrijker dan de Nederlandse Grondwet.

1.2.2 Jurisprudentie
Jurisprudentie is nodig om de wetten toe te passen op individuele situaties. Dit is de taak van de
rechter. Zo’n uitspraak heet: vonnis, uitspraak of arrest. Arrest is een uitspraak van de Hoge Raad
der Nederlanden. De rechter vult zelf normen aan die niet duidelijk in de wet staan of nog niet in de
wet staan beschreven. De rechters vormen nieuw recht en hierdoor wordt jurisprudentie ook wel
rechtersrecht genoemd.

1.2.3 Gewoonte
De regels van gewoonterecht zijn niet opgeschreven, maar ontstaan door het gebruik ervan in
algemene kring. Deze vorm wordt maar weinig gebruikt en staat niet boven de wet.
1.2.4 Verdrag

,Verdragen zijn afspraken tussen twee of meer partijen die op schrift zijn vastgesteld en die gelden
voor beide partijen van het verdrag. Het verdrag met geratificeerd zijn: ze moeten ermee akkoord
zijn. Veel bepalingen hebben een directe werking, want iedereen kan zich daar direct op beroepen
en het staat boven de wetten.

1.3 Aard van de regels
1.3.1 Dwingend en aanvullend recht
Je hebt dwingend recht, waarvan niet mag worden afgeweken. Je hebt ook semidwingend recht en
dat geeft de mogelijkheid om zelf dingen nader te regelen. Er zijn ook regels die alleen gelden als
specifieke afspraken ontbreken, en dit noem je aanvullend recht.

1.3.2. Rangorde in regelingen
De rechtskracht is afhankelijk van de status van de regelgeving. Zo is er een rangorde:
 Verdragen
 Gemeenschapsverordeningen en richtlijnen (regels van de EU)
 Grondwet
 Overige wetten
 Algemene maatregelen van bestuur
 Ministeriële regelingen en richtlijnen
 Provinciale verordeningen
 Gemeentelijke verordeningen

Deze rangorde is belangrijk omdat in de hogere regelgeving niet alles in detail geregeld is en dit
wordt dan overgelaten aan lagere regelgevers. Daarnaast is het zo dat als een wet in de hogere
rangorde geldt, de andere wetten niet meer gelden.

1.3.3 Objectief en subjectief recht
Het objectieve recht bevat alle geldende regels, het zijn regels die voor iedereen gelden. Het
subjectief recht is het persoonlijke recht, dat gebeurt als een bepaald objectief recht wordt
toegekend aan een individu. Er is aan de andere kant ook sprake van subjectieve plichten. Alleen
subjectieve rechten kunnen worden afgedwongen in een procedure voor de rechter.

1.4 Grondrechten
Grondrechten zijn de meest elementaire en onvervreemdbare rechten van een individu, die door
iedereen gerespecteerd moeten worden. Klassieke grondrechten zijn bijv. verbod op discriminatie
(art. 1), vrijheid van meningsuiting (art. 7), recht op privacy (art. 10), recht op onaantastbaarheid van
het menselijk lichaam (art. 11) en vrijheid (art. 15). Sociale grondrechten zijn bijv. recht op
gezondheidszorg (art. 22), recht op sociale zekerheid, recht op werk en recht op welvaart (art. 20). Ze
vormen de opdracht voor de overheid om voor de burgers te zorgen. Als ze daarin tekortschieten,
kunnen daar politieke middelen voor worden ingezet, zoals acties en beïnvloeding van Kamerleden.

Voor inbreuk op een grondrecht, moet er altijd een wettelijke grond bestaan. De rechter oordeelt of
de inbreuk rechtmatig is: in overeenstemming met het recht.

1.5 Recht en de praktijk van het zorg- en welzijnswerk
Het recht vormt een kader waarbinnen de hulp- en dienstverlening binnen sociaal werk plaatsvindt.
Het bepaalt ook het recht van de juridische (on)mogelijkheden van de cliënt. Er is sprake van een
toenemende juridisering in de samenleving, waardoor het moeilijker wordt om hun recht te halen.

, Begrippen hoofdstuk 1:
Algemene maatregel van bestuur: Koninklijk Besluit dat rechtsregels bevat.

Aanvullend recht: Rechtsregels die alleen gelden als specifieke afspraken tussen partijen ontbreken.

Arrest: Uitspraak van het gerechtshof of van de Hoge Raad.

Dwingend recht: Rechtsregels waarvan partijen niet mogen afwijken.

Gemeenschapsverordeningen en richtlijnen: Regelingen die door organen van de Europese Unie zijn
vastgesteld en die in de EU-lidstaten gelden.

Juridisering van de maatschappij: In regels vastleggen van veel situaties.

Jurisprudentie: Uitspraken van rechters.

Klassieke grondrechten: Rechten van een individu waarop de overheid alleen inbreuk mag maken als
de wet haar dat toestaat.

Koninklijk Besluit: Regeling of ander besluit afkomstig van de regering.

Ministeriële regeling: Regeling afkomstig van de minister.

Objectief recht: Alle geschreven en ongeschreven rechtsregels.

Rechtsbron: Vindplaats van het recht.

Rechtsregels: Regels die zijn vastgelegd in rechtsbronnen.

Semidwingend recht: Rechtsregels waarvan alleen ten gunste van de andere partij mag worden
afgeweken.

Sociale grondrechten: Rechten van een individu die door de overheid zo goed mogelijk bereikbaar
moeten worden gemaakt.

Subjectief recht: Recht dat aan iemand persoonlijk is toegekend.

Verdrag: Afspraak tussen twee of meer staten die op schrift is vastgesteld en die geldt in de staten
die partij zijn bij het verdrag.

Verordening, provinciaal of gemeentelijk: Regeling afkomstig van de Provinciale Staten of van de
gemeenteraad.

Wet: Regeling afkomstig van de regering van de Staten-Generaal.

Wetsartikel: Genummerde bepaling in een wet.

Gekoppeld boek
 image
A. Bunthof, Y.M. Visscher Mens en recht
Uitgever: maart 2020 ISBN: 9789001593230 Druk: 10

Documentinformatie

Studie
Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Hoofdstuk 1 t/m 12 + 15
Geüpload op
6 augustus 2022
Bestand laatst geupdate op
11 september 2026
Aantal pagina's
119
Geschreven in
2022/2023
Type
Samenvatting
€7,89

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Heleen12
4,1
(49)
Verkocht
305
Volgers
187
Items
59
Laatst verkocht
4 dagen geleden

Reviews van geverifieerde kopers




Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen