Biomedische wetenschappen
– Algemene anatomie
1.Algemene begrippen
Anatomische nomenclatuur
= ontleedkundig
Anatomische houding= referentiehouding menselijk lichaam
Hoofdassen
Dia 11
3 hoofdassen
Doorsneden
1. Sagittale doorsnede BL
2. Frontale doorsnede RO
3. Horizontale/transversale
doorsnede GE
Doorsneden geven vlakkenweer
Vlakken
Mediaan vlak: exact in het midden (van een structuur)
(mediaan is altijd sagittaal, sagittaal is niet altijd mediaan)
Sagittaal vlak: NIET exact in het midden
Frontaal vlak:
Horizontale/transversaal vlak:
Richtingen in de ruimte
Naar de schedel toe <-> naar beneden toe
Naar het midden toe <-> naar buiten/de zijkant
toe
Vooraan, naar de buikzijde toe <-> achteraan,
naar de rugzijde toe
Aan dezelfde kant (van het letsel) <-> aan de
tegenovergestelde kant (van het letsel)
, 1. Transversaal/horizontaal vlak
2. Sagittaal vlak
3. Mediaan vlak
4. Frontaal vlak
A. Superior (craniaal)
B. Inferior (caudaal)
C. Anterior (ventraal)
D. Posterior (Dorsaal)
E. Lateraal
F. Mediaal
Oefening: dia 17:
- L: Horizontale doorsnede, caudaal (inferior)
- R: sagittale, mediane doorsnede,
Bewegingsrichting
1. Flexie en extensie
In sagittaal vlak en rond een horizontale as
, 2. Abductie en adductie
In frontaal vlak rond een sagittale as
3. Rotatie
In transversaal/horizontaal vlak en rond een verticale/longitudinale as
Endo-rotatie = naar binnen toe
Exo-rotatie = naar buiten toen
4. Circumductie
Tegelijkertijd wordt er om 3 assen bewogen
Slingerbeweging om (verlamd) been mee te sleuren
Oefening: dia 21:
- Abductie van arm en been
Oefening: die 22:
- L: Flexibeweging van hoofd
- R: Extensie van hoofd
– Algemene anatomie
1.Algemene begrippen
Anatomische nomenclatuur
= ontleedkundig
Anatomische houding= referentiehouding menselijk lichaam
Hoofdassen
Dia 11
3 hoofdassen
Doorsneden
1. Sagittale doorsnede BL
2. Frontale doorsnede RO
3. Horizontale/transversale
doorsnede GE
Doorsneden geven vlakkenweer
Vlakken
Mediaan vlak: exact in het midden (van een structuur)
(mediaan is altijd sagittaal, sagittaal is niet altijd mediaan)
Sagittaal vlak: NIET exact in het midden
Frontaal vlak:
Horizontale/transversaal vlak:
Richtingen in de ruimte
Naar de schedel toe <-> naar beneden toe
Naar het midden toe <-> naar buiten/de zijkant
toe
Vooraan, naar de buikzijde toe <-> achteraan,
naar de rugzijde toe
Aan dezelfde kant (van het letsel) <-> aan de
tegenovergestelde kant (van het letsel)
, 1. Transversaal/horizontaal vlak
2. Sagittaal vlak
3. Mediaan vlak
4. Frontaal vlak
A. Superior (craniaal)
B. Inferior (caudaal)
C. Anterior (ventraal)
D. Posterior (Dorsaal)
E. Lateraal
F. Mediaal
Oefening: dia 17:
- L: Horizontale doorsnede, caudaal (inferior)
- R: sagittale, mediane doorsnede,
Bewegingsrichting
1. Flexie en extensie
In sagittaal vlak en rond een horizontale as
, 2. Abductie en adductie
In frontaal vlak rond een sagittale as
3. Rotatie
In transversaal/horizontaal vlak en rond een verticale/longitudinale as
Endo-rotatie = naar binnen toe
Exo-rotatie = naar buiten toen
4. Circumductie
Tegelijkertijd wordt er om 3 assen bewogen
Slingerbeweging om (verlamd) been mee te sleuren
Oefening: dia 21:
- Abductie van arm en been
Oefening: die 22:
- L: Flexibeweging van hoofd
- R: Extensie van hoofd