1
HET INTERMEDIAIR METABOLISME
THEMA 4: Het Stikstofmetabolisme
DEEL 13: Nucleotidenmetabolisme
Hoofdstuk 1: Inleiding
De nucleotiden Ribonucleoside en deoxyribonucleoside fosfaat zijn belangrijk voor alle cellen
-> Zonder deze zou RNA en DNA niet geproduceerd kunnen worden
Proteïnen zouden niet gevormd kunnen worden
Cellen zouden niet kunnen voortplanten
-> Nucleotiden dienen ook als carriers van geactiveerde intermediaire in de synthese van
koolhydraten, lipiden en geconjugeerde proteïnen (UDP-glucose)
-> Zijn structurele componenten van verschillende essentiële co-enzymen
CoA, FADH2, NADH en NADPH
-> Kunnen ook als secundaire messengers dienen in signaal transductie pathways
cAMP en cGMP
-> Essentiële dragers van chemische energie
ATP en GTP
-> Allosterische regulators in talrijke metabole reacties
ATP, AMP, ADP
Kunnen onderverdeeld w naargelang de structuur van aromatische basen
-> Purines en Pyrimidines
-> Volgen elke een eigen synthese route
Hoofdzakelijk in de lever
Purines en pyrimidines w minimaal uit de voeding gehaald
-> Synthese de novo en recuperatie is belangrijk
, 2
Hoofdstuk 2: Nucleotide structuur
Nucleotiden bestaan uit een stikstofbase, een pentose monosacharide (ribose/deoxyribose) en minstens 1
fosfaat groep
-> De stikstofbase behoort ofwel tot de purines ofwel tot de pyrimidines
2.1 Structuur purines en pyrimidines
Er zijn 5 verschillende stikstofbasen
-> RNA: Adenine, Guanine, Cytosine en Uracil
-> DNA: Adenine, Guanine, Cytosine en Thymine
Er bestaan ook vreemde basen die gemodificeerd zijn
-> Komen voor in sommige soorten hun DNA en RNA
Vb. Viraal DNA en Transfer RNA (tRNA)
-> Base modificaties zijn methylatie, glycosylatie, acetylatie en reductie
NUMMERING!!!
Nucleoside = Een stikstof base + pentose suiker
-> Het suiker kan zowel ribose als 2-deoxyribose zijn
Nucleotide = Een nucleoside + fosfaat groep (1 of meerdere)
-> De eerste fosfoaat groep zal via een ester verbinding aan de 5’-OH w vastgemaakt op het
nucleoside
-> Vormt een nucleoside-5’-fosfaat
HET INTERMEDIAIR METABOLISME
THEMA 4: Het Stikstofmetabolisme
DEEL 13: Nucleotidenmetabolisme
Hoofdstuk 1: Inleiding
De nucleotiden Ribonucleoside en deoxyribonucleoside fosfaat zijn belangrijk voor alle cellen
-> Zonder deze zou RNA en DNA niet geproduceerd kunnen worden
Proteïnen zouden niet gevormd kunnen worden
Cellen zouden niet kunnen voortplanten
-> Nucleotiden dienen ook als carriers van geactiveerde intermediaire in de synthese van
koolhydraten, lipiden en geconjugeerde proteïnen (UDP-glucose)
-> Zijn structurele componenten van verschillende essentiële co-enzymen
CoA, FADH2, NADH en NADPH
-> Kunnen ook als secundaire messengers dienen in signaal transductie pathways
cAMP en cGMP
-> Essentiële dragers van chemische energie
ATP en GTP
-> Allosterische regulators in talrijke metabole reacties
ATP, AMP, ADP
Kunnen onderverdeeld w naargelang de structuur van aromatische basen
-> Purines en Pyrimidines
-> Volgen elke een eigen synthese route
Hoofdzakelijk in de lever
Purines en pyrimidines w minimaal uit de voeding gehaald
-> Synthese de novo en recuperatie is belangrijk
, 2
Hoofdstuk 2: Nucleotide structuur
Nucleotiden bestaan uit een stikstofbase, een pentose monosacharide (ribose/deoxyribose) en minstens 1
fosfaat groep
-> De stikstofbase behoort ofwel tot de purines ofwel tot de pyrimidines
2.1 Structuur purines en pyrimidines
Er zijn 5 verschillende stikstofbasen
-> RNA: Adenine, Guanine, Cytosine en Uracil
-> DNA: Adenine, Guanine, Cytosine en Thymine
Er bestaan ook vreemde basen die gemodificeerd zijn
-> Komen voor in sommige soorten hun DNA en RNA
Vb. Viraal DNA en Transfer RNA (tRNA)
-> Base modificaties zijn methylatie, glycosylatie, acetylatie en reductie
NUMMERING!!!
Nucleoside = Een stikstof base + pentose suiker
-> Het suiker kan zowel ribose als 2-deoxyribose zijn
Nucleotide = Een nucleoside + fosfaat groep (1 of meerdere)
-> De eerste fosfoaat groep zal via een ester verbinding aan de 5’-OH w vastgemaakt op het
nucleoside
-> Vormt een nucleoside-5’-fosfaat