Het zenuwstelsel
‣ Coördinatie is nodig
• van àlle orgaanstelsels
• om homeostase te handhaven
• in reactie op veranderingen in buitenwereld/binnenwereld
‣ Hoe?
• dubbel systeem: ZENUWSTELSEL en HORMOONSTELSEL
‣ Hoe?
• dubbel systeem: ZENUWSTELSEL en HORMOONSTELSEL
‣ zenuwstelsel: aparte structuren
‣ hormoonstelsel: via bloed/lichaamsvochten
• werken samen maar verschillen in karakteristieken!
‣ Doel zenuwstelsel
1. meten van interne en externe milieu (-veranderingen)
2. integratie van informatie uit deze zintuigen
3. coördinatie gewilde èn ongewilde reacties van andere orgaanstelsels
‣ Hoe?
1. 2 grote soorten cellen
- Neuronen (zenuwcel!!!!)
- ondersteunende cellen = ‘neuroglia’
‣ anatomische indeling
1. CZS = centrale zenuwstelsel
2. PZS = perifeer zenuwstelsel
CZS = centrale zenuwstelsel
‣ 2 delen = hersenen en ruggenmerg
‣ integratie en coördinatie informatie uit PZS
‣ maar ook hogere functies: IQ, geheugen, emoties
PZS = perifeer zenuwstelsel
‣ alle zenuwweefsel dat niet tot CZS behoort
‣ functionele indeling (5 ‘systemen’)
1
, benige beschermt
weke delen
afferent
Somatisch vs visceraal
‣ functionele indeling
• zintuigen en receptoren
- somatisch: registratie sensorische informatie afkomstig van buiten het
lichaam
- visceraal: van binnen het lichaam
‣ functionele indeling
• afferent deel van het PZS: detecteert verandering, info
• doel: plaatsen in CZS waar informatieverwerking
‣ functionele indeling
• CZS
• informatieverwerking + ‘beslissingen’ nemen
• efferente PZS
- somatische ZS = contractie skeletspieren
- autonome ZS (AZS) = ‘visceromotorisch’
‣ klierweefsel, vetweefsel, glad spw, hartspw
‣ automatisch en onwillekeurig
‣ stimulerend = (ortho-)sympathisch
‣ remmend = parasympathisch
• effectoren
• skeletspieren
• klierweefsel
• vetweefsel
• glad spierweefsel
• hartspierweefsel
2
,SAMENSTELLING ZENUWSTELSEL
• 2 soorten cellen
• neuronen: basiseenheid zenuwstelsel
• communicatie onderling èn met andere soorten cellen
• neuroglia: steunweefsel zenuwstelsel
• ondersteunende functie
• kleiner dan neuronen, maar talrijker
• unieke eigenschap: kunnen delen!!!
• zenuwcellen of neuronen
• structurele èn functionele eenheden zenuwstelsel
• reactie op fysische en chemische veranderingen in omgeving
• communicatie dmv elektrochemische veranderingen = zenuwimpulsen
• andere neuronen
• cellen buiten zenuwstelsel (zie ‘effectoren’)
• ‘typisch’ neuron
• meerdere vertakte dendrieten
• cellichaam
• axon
• synapsknoppen
‣ zenuwcellen of neuronen
• dendriet: ontvangers elektrochemische berichten
- meestal meerdere
• cellichaam
- eerder afgerond
- grote kern
- geen centriolen (dus geen deling!)
- grote hh mitochondria, RER
= grijze kleur = grijze stof!
• axon: verzenders van informatie
- meestal 1
- eindigt in communicerende synapsknop met andere cel
‣ neurogliale cellen
• fysieke ondersteuning
• isolatie zenuwweefsel
• voedingsvoorziening
• differentiatie zenuwweefsel
3
, ‣ indeling
• centraal zenuwstelsel (CZS)
‣ hersenen
‣ ruggenmerg
• perifeer zenuwstelsel (PZS)
‣ perifere zenuwen
ALGEMENE FUNCTIES VAN HET ZENUWSTELSEL
• sensorisch
- sensorische receptoren aan uiteinden
perifere zenuwen
- omgezet in zenuwimpulsen
- doorgestuurd naar CZS
• integratief
- signalen worden bij elkaar gebracht
- creatie ‘percepties’, ‘sensaties’
- (on-)bewuste beslissingen
• motorisch
- beslissingsimpulsen versturen naar
effectoren
- spieren en klieren
- bewust = somatisch zenuwstelsel
- onbewust = autonome zenuwstelsel
NEUROGLIALE CELLEN
‣ essentieel voor werking neuronen
• opvullen ruimtes
• structuur
• myeline-productie
• fagocytose
‣ talrijker dan neuronen in CZS, ook te vinden in PZS
‣ kunnen delen!
‣ 4 types in CZS
• astrocyten
• oligodendrocyten
• microgliale cellen
• ependymcellen
astrocyten: stercellen
• tussen neuronen en bloedvaten
= bloed-hersenbarrière
• bieden structurele ondersteuning
• vormen ook littekenweefsel dat ruimtes opvult na letsels aan het centrale
zenuwstelsel
4
‣ Coördinatie is nodig
• van àlle orgaanstelsels
• om homeostase te handhaven
• in reactie op veranderingen in buitenwereld/binnenwereld
‣ Hoe?
• dubbel systeem: ZENUWSTELSEL en HORMOONSTELSEL
‣ Hoe?
• dubbel systeem: ZENUWSTELSEL en HORMOONSTELSEL
‣ zenuwstelsel: aparte structuren
‣ hormoonstelsel: via bloed/lichaamsvochten
• werken samen maar verschillen in karakteristieken!
‣ Doel zenuwstelsel
1. meten van interne en externe milieu (-veranderingen)
2. integratie van informatie uit deze zintuigen
3. coördinatie gewilde èn ongewilde reacties van andere orgaanstelsels
‣ Hoe?
1. 2 grote soorten cellen
- Neuronen (zenuwcel!!!!)
- ondersteunende cellen = ‘neuroglia’
‣ anatomische indeling
1. CZS = centrale zenuwstelsel
2. PZS = perifeer zenuwstelsel
CZS = centrale zenuwstelsel
‣ 2 delen = hersenen en ruggenmerg
‣ integratie en coördinatie informatie uit PZS
‣ maar ook hogere functies: IQ, geheugen, emoties
PZS = perifeer zenuwstelsel
‣ alle zenuwweefsel dat niet tot CZS behoort
‣ functionele indeling (5 ‘systemen’)
1
, benige beschermt
weke delen
afferent
Somatisch vs visceraal
‣ functionele indeling
• zintuigen en receptoren
- somatisch: registratie sensorische informatie afkomstig van buiten het
lichaam
- visceraal: van binnen het lichaam
‣ functionele indeling
• afferent deel van het PZS: detecteert verandering, info
• doel: plaatsen in CZS waar informatieverwerking
‣ functionele indeling
• CZS
• informatieverwerking + ‘beslissingen’ nemen
• efferente PZS
- somatische ZS = contractie skeletspieren
- autonome ZS (AZS) = ‘visceromotorisch’
‣ klierweefsel, vetweefsel, glad spw, hartspw
‣ automatisch en onwillekeurig
‣ stimulerend = (ortho-)sympathisch
‣ remmend = parasympathisch
• effectoren
• skeletspieren
• klierweefsel
• vetweefsel
• glad spierweefsel
• hartspierweefsel
2
,SAMENSTELLING ZENUWSTELSEL
• 2 soorten cellen
• neuronen: basiseenheid zenuwstelsel
• communicatie onderling èn met andere soorten cellen
• neuroglia: steunweefsel zenuwstelsel
• ondersteunende functie
• kleiner dan neuronen, maar talrijker
• unieke eigenschap: kunnen delen!!!
• zenuwcellen of neuronen
• structurele èn functionele eenheden zenuwstelsel
• reactie op fysische en chemische veranderingen in omgeving
• communicatie dmv elektrochemische veranderingen = zenuwimpulsen
• andere neuronen
• cellen buiten zenuwstelsel (zie ‘effectoren’)
• ‘typisch’ neuron
• meerdere vertakte dendrieten
• cellichaam
• axon
• synapsknoppen
‣ zenuwcellen of neuronen
• dendriet: ontvangers elektrochemische berichten
- meestal meerdere
• cellichaam
- eerder afgerond
- grote kern
- geen centriolen (dus geen deling!)
- grote hh mitochondria, RER
= grijze kleur = grijze stof!
• axon: verzenders van informatie
- meestal 1
- eindigt in communicerende synapsknop met andere cel
‣ neurogliale cellen
• fysieke ondersteuning
• isolatie zenuwweefsel
• voedingsvoorziening
• differentiatie zenuwweefsel
3
, ‣ indeling
• centraal zenuwstelsel (CZS)
‣ hersenen
‣ ruggenmerg
• perifeer zenuwstelsel (PZS)
‣ perifere zenuwen
ALGEMENE FUNCTIES VAN HET ZENUWSTELSEL
• sensorisch
- sensorische receptoren aan uiteinden
perifere zenuwen
- omgezet in zenuwimpulsen
- doorgestuurd naar CZS
• integratief
- signalen worden bij elkaar gebracht
- creatie ‘percepties’, ‘sensaties’
- (on-)bewuste beslissingen
• motorisch
- beslissingsimpulsen versturen naar
effectoren
- spieren en klieren
- bewust = somatisch zenuwstelsel
- onbewust = autonome zenuwstelsel
NEUROGLIALE CELLEN
‣ essentieel voor werking neuronen
• opvullen ruimtes
• structuur
• myeline-productie
• fagocytose
‣ talrijker dan neuronen in CZS, ook te vinden in PZS
‣ kunnen delen!
‣ 4 types in CZS
• astrocyten
• oligodendrocyten
• microgliale cellen
• ependymcellen
astrocyten: stercellen
• tussen neuronen en bloedvaten
= bloed-hersenbarrière
• bieden structurele ondersteuning
• vormen ook littekenweefsel dat ruimtes opvult na letsels aan het centrale
zenuwstelsel
4