1. Afbakening van het onderwerp van de cursus: organisatie versus inhoud van de hulp- en dienstverlening.
2. Is een wettelijk omkadering überhaupt noodzakelijk om aan hulp- en dienstverlening te kunnen of te mogen
doen?
3. Visies op de organisatie van de hulpverlening: algemene beschouwingen.
4. Visies op de hulpverleningen in de 20e en 21e eeuw.
1. Afbakening van het onderwerp van de cursus: organisatie versus inhoud van de hulp- en
dienstverlening.
Hoe wordt de inhoudelijke hulpverlening in Vlaanderen georganiseerd?
De focus wordt gelegd op:
- Randvoorwaarden.
- De wettelijke kaders die de wetgever heeft voorzien waarbinnen aan hulp- en
dienstverlening kan/moet worden gedaan.
Wie hulp- en dienstverlening organiseert, moet zich schikken naar een aantal wettelijke
voorschriften die via federale (wetten) of geestelijke regelgeving (decreten) is voorgeschreven.
Deze wetten en decreten schrijven voor wat moet en mogelijk is.
Enkele voorbeelden:
- Zonder een ‘geldig ticket’ uitgereikt door een toegangspoort van de overheid kan je geen
gebruik maken van residentiële ondersteuning.
- Wil je flexibel in het juiste aanbod kunnen voorzien (van mobiel en ambulant over semi-
residentieel tot de mogelijkheid van residentie), op maat van je cliënten, dan zal je je moeten
laten erkennen als een multifunctioneel centrum (MFC) of als een zorgondersteuner met een
flexibel aanbod meerderjarigen (FAM).
- Privé-initiatieven om een zorgboerderij op te richten met als doel te voorzien in een vorm
van dagbesteding voor minderjarigen en meerderjarigen met een beperking zullen aan
erkenningsvoorwaarden moeten voldoen zoals die zijn bepaald door de wetgever.
2. Is een wettelijk omkadering überhaupt noodzakelijk om aan hulp- en dienstverlening te
kunnen of te mogen doen?
- De overheid is in de geschiedenis niet steeds op dezelfde manier als vandaag betrokken
geweest hoe de hulp- en dienstverlening zich ontwikkeld heeft.
- Het is een uitvinding van de vorige eeuw dat hulpverlening op basis van leeftijd en
problematiek georganiseerd is.
o Eind 19e en begin 20e eeuw dienden minderjarigen voor een gewone rechtbank te
verschijnen (er waren nl. geen jeugdrechtbanken).
o Minderjarige landlopers en delinquenten werden samen met volwassenen
opgesloten/opgenomen in landloperkolonies of gevangenissen.
1