Psychopathologie
Hoofdstuk 1
1.1 Inleiding
Psychopathologie = houdt zich bezig met afwijkende emoties, gedragingen en gedachten,
beschrijft psychische stoornissen, oorzaken ervan en behandeling (zit tussen klinisch en
psychiatrie)
Psychiatrie = medisch specialisme gericht op diagnostiek en behandeling van psychische
stoornissen
Klinische psychologie = bevordering van het psychische welbevinden
Psychische stoornis = geheel van afwijkende emoties, gedachten met storing in het
functioneren en persoonlijk lijden
Eigen gevoelens en gedachten spelen een rol in hoe je met mensen omgaat en hoe je hen
gaat behandelen en begeleiden, is dus belangrijk van zicht te hebben op hoe jezelf in elkaar
steekt want zo kan je mensen beter behandelen en begeleiden.
1.2 Hoe definiëren we afwijkend gedrag?
Er is geen juist oogpunt waaruit je naar afwijkend gedrag kan kijken, je kan zowel uit bio,
sociaal als psychologisch oogpunt kijken. Je kan er breed naar kijken.
Iedereen heeft angst, verdriet, paniek maar wanneer is het dan afwijkend?
1.2.1 Criteria voor abnormaliteit
-uitzonderlijk (stemmen horen die er niet zijn)
-sociaal afwijkend (achterdocht)
-foute perceptie/interpretatie (wanen)
-emotioneel lijden (afwezig of aanwezig)
-ongepast of contraproductief (alcoholmisbruik verstoort het functioneren)
-gevaar (voor zichzelf / ander zelfmoordgedachten)
Afwijkend gedrag kan dus op verschillende manieren gedefinieerd worden , er moet een
combinatie zijn van deze criteria en in een bepaald opzicht afwijkend zijn is verschillend van
geheel afwijkend zijn !
1.2.2 Culturele aspecten van afwijkend gedrag
-gezondheid en ziekte verschilt van cultuur tot cultuur (ziekten van blanke man vb alc,drugs
vs indiaanse ziekten vb problemen in stam)
-afwijkend gedrag verschilt van cultuur tot cultuur (angst in westen vb financieel, niet
bijhoren vs afrikaanse landen vb voortplanting en HIV)
-terminologie verschilt in cultuur tot cultuur (depressie in westen vb schuld/verdriet vs in
oosten vb vermoeidheid, zwakte)
,1.3 Historische visies op afwijkend gedrag
Hippocrates stelde dat de gezondheid van het lichaam en de geest wordt bepaald door een
evenwicht in de humores. Een verstoring van het evenwicht was verantwoordelijk voor het
afwijkend gedrag. In de middeleeuwen was afwijkend gedrag een teken van bezetenheid van
boze geesten. Hierdoor werden deze mensen uitgedreven. In de Arabische psychiatrie werd
er een humaan beeld geschept op de behandeling van psychiatrische patiënten. Rond 1600
werden gestichten of gekkenhuizen opgericht waar zowel bedelaars als geestelijk
gestoorden verbleven. Door Pinel en Pussin ontstond een morele therapie. Dit was
gebaseerd op het idee dat patiënten door een menselijk verblijf in een ontspannen
omgeving weer normaal zouden gaan functioneren. In de 20ste eeuw werden we
geïntroduceerd aan effectieve medicijnen. Hierdoor konden patiënten weer normaal
functioneren in de maatschappij. De antipsychiatriebeweging ging er vanuit dat psychische
stoornissen niet bestonden en dat dat niet moest worden behandeld.
Hoofdstuk 2 : Visies op oorzaak en gevolg van psychische stoornissen en behandelmethoden
Psychische stoornissen hebben verschillende oorzaken en gevolgen. Als we gaan kijken naar
de oorzaken en gevolgen van een ziekte, dan is de zieke patiënt resultante van :
-levensverhaal van de patiënt
-karakteristieken van de ziekte op zich
-sociaal-relationele en fysieke omgeving (context)
-houding, visie, kennis, vaardigheden van behandelaar
2.1 Het biologisch perspectief
Biologische factoren als een verstoorde werking van de neurotransmitters in de hersenen,
erfelijkheid en onderliggende afwijkingen in de hersenen spelen een rol bij het ontstaan ban
afwijkend gedrag.
Redenen :
-betere technieken om hersenfuncties en lichamelijke processen te meten
-toename kennis biologische oorzaken afwijkend gedrag (rol van genetica en het
functioneren van zenuwstelsel)
2.1.2 Evaluatie van biologische perspectieven
-Verband psychische stoornissen en biologische defecten
Gokken en heel hoge dopaminewaarden
-Biologische defecten onder de vorm van
Verstoorde werking neurotransmitters
Onderliggende afwijkingen in de hersenen
-Bij meeste psychische stoornissen : interactie biologische factoren en omgevingsfactoren
,Hoofdstuk 3 : Classificatie en beoordeling van afwijkende G-G-G
Patiënt vindt het zelf dat er iets vreemds met zichzelf gebeurt egodystone gedragingen
Patiënt heeft zelf geen last maar mensen in zijn omgeving merken het afwijkend gedrag op
egosyntone gedragingen
3.1 Inleiding
Waarom is het zo belangrijk om gedrag te classificeren?
-classificatie vorm de basis van de wetenschap
door het definiëren en ordenen van afwijkend gedrag kunnen onderzoeksresultaten
besproken worden onder wetenschappers en verder onderzocht worden
-classificatiesystemen vormen de grond voor belangrijke beslissingen
bij bepaalde stoornissen is het beter om het met therapie te behandelen terwijl andere
stoornissen misschien beter behandeld wordt met medicijnen.
-classificatie helpt om het verloop van een ziekte te voorspellen
schizofrenie verloopt volgens een vast patroon.
-classificatie helpt het onderscheiden van populaties met gelijksoortig afwijkend gedrag
vergemakkelijkt de zoektocht naar gemeenschappelijke factoren die licht kunnen werpen
op de oorzaken
Classificeren is iets typisch menselijk. Intuïtief deel je mensen in categorieën (sympathiek –
antipathiek leidt ertoe dat je mensen al dan niet gaat mijden). Dit soort gevoelens is
normaal. Het is belangrijk te beseffen dat ze een rol spelen en niet enkel iets over de
patiënt zeggen maar ook over jezelf! Groot belang van je hiervan bewust te zijn als
hulpverlener!
3.2 Classificatie van afwijkende gedragspatronen
Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (DSM)
Wereldwijd meest gebruikte classificatiesysteem binnen geestelijke gezondheidszorg
International Classification of Diseases (ICD)
algemene geneeskundige systeem, wordt gehanteerd door WHO
Uitgangspunt om een aandoening in de DSM-5 en de ICD-10 op te nemen is dat er sprake
moet zijn van :
-emotioneel lijden
-belemmeringen in het functioneren
-gedrag dat leidt tot persoonlijk lijden, pijn, invaliditeit
-langdurig en geen normale reactie binnen bepaalde culturele context
3.2.1 De DSM : systematiek, werkwijze en taalgebruik
DSM wordt gebruikt voor het classificeren van stoornissen en niet voor het classificeren van
mensen.
, 3.3Kenmerken van de DSM
-beschrijft – geeft geen verklaring => A-theoretisch
-opsomming van diagnostische kenmerken & symptomen van afwijkend gedrag
-Geen uitspraken over oorsprong (oorsprong vaak onbekend)
-Diagnose door gedrag te vergelijken met criteria die DSM-classificatiesysteem geeft voor
stoornissen
3.3.1 Evaluatie van het DSM-systeem
-betrouwbaarheid = consistentie
als verschillende behandelaars bij hun beoordeling met behulp van zelfde systeem tot
dezelfde diagnose komen
-validiteit
in hoeverre komt diagnose overeen met geobserveerde gedrag
beide ok bij angst-stemmings en verslavingsproblemen
minder ok voor sommige andere diagnostische categorieën
3.3.2 Voor- en nadelen van DSM 5
beschrijving van specifieke criteria
specifieke criteria
te biologisch
stigmatiserend te weinig oog voor sterktes
Hoofdstuk 1
1.1 Inleiding
Psychopathologie = houdt zich bezig met afwijkende emoties, gedragingen en gedachten,
beschrijft psychische stoornissen, oorzaken ervan en behandeling (zit tussen klinisch en
psychiatrie)
Psychiatrie = medisch specialisme gericht op diagnostiek en behandeling van psychische
stoornissen
Klinische psychologie = bevordering van het psychische welbevinden
Psychische stoornis = geheel van afwijkende emoties, gedachten met storing in het
functioneren en persoonlijk lijden
Eigen gevoelens en gedachten spelen een rol in hoe je met mensen omgaat en hoe je hen
gaat behandelen en begeleiden, is dus belangrijk van zicht te hebben op hoe jezelf in elkaar
steekt want zo kan je mensen beter behandelen en begeleiden.
1.2 Hoe definiëren we afwijkend gedrag?
Er is geen juist oogpunt waaruit je naar afwijkend gedrag kan kijken, je kan zowel uit bio,
sociaal als psychologisch oogpunt kijken. Je kan er breed naar kijken.
Iedereen heeft angst, verdriet, paniek maar wanneer is het dan afwijkend?
1.2.1 Criteria voor abnormaliteit
-uitzonderlijk (stemmen horen die er niet zijn)
-sociaal afwijkend (achterdocht)
-foute perceptie/interpretatie (wanen)
-emotioneel lijden (afwezig of aanwezig)
-ongepast of contraproductief (alcoholmisbruik verstoort het functioneren)
-gevaar (voor zichzelf / ander zelfmoordgedachten)
Afwijkend gedrag kan dus op verschillende manieren gedefinieerd worden , er moet een
combinatie zijn van deze criteria en in een bepaald opzicht afwijkend zijn is verschillend van
geheel afwijkend zijn !
1.2.2 Culturele aspecten van afwijkend gedrag
-gezondheid en ziekte verschilt van cultuur tot cultuur (ziekten van blanke man vb alc,drugs
vs indiaanse ziekten vb problemen in stam)
-afwijkend gedrag verschilt van cultuur tot cultuur (angst in westen vb financieel, niet
bijhoren vs afrikaanse landen vb voortplanting en HIV)
-terminologie verschilt in cultuur tot cultuur (depressie in westen vb schuld/verdriet vs in
oosten vb vermoeidheid, zwakte)
,1.3 Historische visies op afwijkend gedrag
Hippocrates stelde dat de gezondheid van het lichaam en de geest wordt bepaald door een
evenwicht in de humores. Een verstoring van het evenwicht was verantwoordelijk voor het
afwijkend gedrag. In de middeleeuwen was afwijkend gedrag een teken van bezetenheid van
boze geesten. Hierdoor werden deze mensen uitgedreven. In de Arabische psychiatrie werd
er een humaan beeld geschept op de behandeling van psychiatrische patiënten. Rond 1600
werden gestichten of gekkenhuizen opgericht waar zowel bedelaars als geestelijk
gestoorden verbleven. Door Pinel en Pussin ontstond een morele therapie. Dit was
gebaseerd op het idee dat patiënten door een menselijk verblijf in een ontspannen
omgeving weer normaal zouden gaan functioneren. In de 20ste eeuw werden we
geïntroduceerd aan effectieve medicijnen. Hierdoor konden patiënten weer normaal
functioneren in de maatschappij. De antipsychiatriebeweging ging er vanuit dat psychische
stoornissen niet bestonden en dat dat niet moest worden behandeld.
Hoofdstuk 2 : Visies op oorzaak en gevolg van psychische stoornissen en behandelmethoden
Psychische stoornissen hebben verschillende oorzaken en gevolgen. Als we gaan kijken naar
de oorzaken en gevolgen van een ziekte, dan is de zieke patiënt resultante van :
-levensverhaal van de patiënt
-karakteristieken van de ziekte op zich
-sociaal-relationele en fysieke omgeving (context)
-houding, visie, kennis, vaardigheden van behandelaar
2.1 Het biologisch perspectief
Biologische factoren als een verstoorde werking van de neurotransmitters in de hersenen,
erfelijkheid en onderliggende afwijkingen in de hersenen spelen een rol bij het ontstaan ban
afwijkend gedrag.
Redenen :
-betere technieken om hersenfuncties en lichamelijke processen te meten
-toename kennis biologische oorzaken afwijkend gedrag (rol van genetica en het
functioneren van zenuwstelsel)
2.1.2 Evaluatie van biologische perspectieven
-Verband psychische stoornissen en biologische defecten
Gokken en heel hoge dopaminewaarden
-Biologische defecten onder de vorm van
Verstoorde werking neurotransmitters
Onderliggende afwijkingen in de hersenen
-Bij meeste psychische stoornissen : interactie biologische factoren en omgevingsfactoren
,Hoofdstuk 3 : Classificatie en beoordeling van afwijkende G-G-G
Patiënt vindt het zelf dat er iets vreemds met zichzelf gebeurt egodystone gedragingen
Patiënt heeft zelf geen last maar mensen in zijn omgeving merken het afwijkend gedrag op
egosyntone gedragingen
3.1 Inleiding
Waarom is het zo belangrijk om gedrag te classificeren?
-classificatie vorm de basis van de wetenschap
door het definiëren en ordenen van afwijkend gedrag kunnen onderzoeksresultaten
besproken worden onder wetenschappers en verder onderzocht worden
-classificatiesystemen vormen de grond voor belangrijke beslissingen
bij bepaalde stoornissen is het beter om het met therapie te behandelen terwijl andere
stoornissen misschien beter behandeld wordt met medicijnen.
-classificatie helpt om het verloop van een ziekte te voorspellen
schizofrenie verloopt volgens een vast patroon.
-classificatie helpt het onderscheiden van populaties met gelijksoortig afwijkend gedrag
vergemakkelijkt de zoektocht naar gemeenschappelijke factoren die licht kunnen werpen
op de oorzaken
Classificeren is iets typisch menselijk. Intuïtief deel je mensen in categorieën (sympathiek –
antipathiek leidt ertoe dat je mensen al dan niet gaat mijden). Dit soort gevoelens is
normaal. Het is belangrijk te beseffen dat ze een rol spelen en niet enkel iets over de
patiënt zeggen maar ook over jezelf! Groot belang van je hiervan bewust te zijn als
hulpverlener!
3.2 Classificatie van afwijkende gedragspatronen
Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (DSM)
Wereldwijd meest gebruikte classificatiesysteem binnen geestelijke gezondheidszorg
International Classification of Diseases (ICD)
algemene geneeskundige systeem, wordt gehanteerd door WHO
Uitgangspunt om een aandoening in de DSM-5 en de ICD-10 op te nemen is dat er sprake
moet zijn van :
-emotioneel lijden
-belemmeringen in het functioneren
-gedrag dat leidt tot persoonlijk lijden, pijn, invaliditeit
-langdurig en geen normale reactie binnen bepaalde culturele context
3.2.1 De DSM : systematiek, werkwijze en taalgebruik
DSM wordt gebruikt voor het classificeren van stoornissen en niet voor het classificeren van
mensen.
, 3.3Kenmerken van de DSM
-beschrijft – geeft geen verklaring => A-theoretisch
-opsomming van diagnostische kenmerken & symptomen van afwijkend gedrag
-Geen uitspraken over oorsprong (oorsprong vaak onbekend)
-Diagnose door gedrag te vergelijken met criteria die DSM-classificatiesysteem geeft voor
stoornissen
3.3.1 Evaluatie van het DSM-systeem
-betrouwbaarheid = consistentie
als verschillende behandelaars bij hun beoordeling met behulp van zelfde systeem tot
dezelfde diagnose komen
-validiteit
in hoeverre komt diagnose overeen met geobserveerde gedrag
beide ok bij angst-stemmings en verslavingsproblemen
minder ok voor sommige andere diagnostische categorieën
3.3.2 Voor- en nadelen van DSM 5
beschrijving van specifieke criteria
specifieke criteria
te biologisch
stigmatiserend te weinig oog voor sterktes