H01: Historiek en evoluties in de thuisverpleging
1. Wat is thuisverpleging?
= verpleegkundige handelingen, verleend in de woon-verblijfplaats van de patiënt/cliënt.
- Praktijkkamer van de verpleegkundige
- Tijdelijke of definitieve woon/verblijfplaats van mindervaliden
Thuisverpleging bevindt zich volledig in de eerstelijnsgezondheidszorg.
2. Historiek
- 1908: officiële opstart verpleegsteropleiding in België
- 1921: Eerste thuisverpleegkundige, vooral gericht op hygiëne en naleven gezondheidsregels
- 1964: Eerste Nationale overeenkomst met het RIZIV voor de regeling van de financiering en bepalen van
honoraria voor verpleging aan huis
- 1989: Grondige verruiming van de nomenclatuur.
- 1991: Invoering van de KATZ schaal
- 2012: Verplicht gebruik van Mycarenet
3. Evoluties met gevolgen voor de thuisverpleging
3.1. Demografie
- Vergrijzing
- Generatie-effect en technische vooruitgang
- Chronische zieken en complexe zorg
3.2. Economische evoluties
- Stijging daghospitalisatie, vermindering verpleegdagen en ziekenhuisduur
- Kostprijs RVT/ROB/WZC
o RVT = rust- en verzorgingstehuis
o ROB = rustoord voor bejaarden
o WZC = woonzorg centrum
3.3. Informatica
- Premie – hoofdberoep, meer dan 33 000 factureren
- Homologatie en gestructureerd gegevens registreren
3.4. Patiënt gebonden
3.4.1. Individualisering – mondige patiënt
- Aanpassing aan ritme van dagelijks leven van de patiënt
- Patiënt gelegenheid laten sociale contacten te blijven handhaven
- Assertieve patiënten: hogere verwachtingen, meer geïnformeerd = meer stimulatie tot self-empowerment, een
actieve rol in eigen zorgproces
,3.4.2. Rechten van de patiënt (ook plichten)
Eigen verantwoordelijkheid binnen het zorgproces.
4. Groei van de thuisverpleging
Evoluties verstrekkingen
- Sinds 2004 bijna een verdubbeling van het aantal verstrekkingen (groei ca. 5%)
Evolutie van de RIZIV-uitgaven
- Uitgaven stijgen jaarlijks ca. 7% sinds 2004
Evolutie van het aantal thuisverpleegkundigen
- Periode 2012 – 2014 jaarlijkse stijging van het aantal thuisverpleegkundigen met 4%
, H02: Organisatie van de thuisverpleging in België
1. Staatstructuur: bevoegdheden in het kader van de gezondheidszorg
1.1. Federale staat
- Sociale zekerheid en volksgezondheid
- Meer en meer wordt naar de gemeenschappen getrokken
1.2. Gemeenschappen
= gebaseerd op taal
Gemeenschapsmaterie:
- Curatieve geneeskunde
- Preventieve geneeskunde
- Intra-extramurale zorgverlening
- Preventieve gezondheidszorg
- Opleidingen (medische en paramedische beroepen)
In het kader van de intra en extramurale zorgverlening is de gemeenschap verantwoordelijk voor het bepalen van de
prioriteiten m.b.t. de bouw(vergunningen) en subsidies. Alsook subsidies voor zware medische apparatuur, inspectie,
erkenning en sluiting van instellingen en andere gezondheidszorg voorzieningen.
6de staatshervorming heeft de bouw en werking van oudereninstellingen ook naar Vlaanderen getrokken:
reglementering, financiering, dagprijs.
1.3. Gewesten
- Bevoegdheden over economische gebieden, streken en regio’s.
- Bevoegd o.a. voor huisvesting, wetenschappelijk onderzoek en toezicht op de besturing van de provincies en
de gemeenten.
1. Wat is thuisverpleging?
= verpleegkundige handelingen, verleend in de woon-verblijfplaats van de patiënt/cliënt.
- Praktijkkamer van de verpleegkundige
- Tijdelijke of definitieve woon/verblijfplaats van mindervaliden
Thuisverpleging bevindt zich volledig in de eerstelijnsgezondheidszorg.
2. Historiek
- 1908: officiële opstart verpleegsteropleiding in België
- 1921: Eerste thuisverpleegkundige, vooral gericht op hygiëne en naleven gezondheidsregels
- 1964: Eerste Nationale overeenkomst met het RIZIV voor de regeling van de financiering en bepalen van
honoraria voor verpleging aan huis
- 1989: Grondige verruiming van de nomenclatuur.
- 1991: Invoering van de KATZ schaal
- 2012: Verplicht gebruik van Mycarenet
3. Evoluties met gevolgen voor de thuisverpleging
3.1. Demografie
- Vergrijzing
- Generatie-effect en technische vooruitgang
- Chronische zieken en complexe zorg
3.2. Economische evoluties
- Stijging daghospitalisatie, vermindering verpleegdagen en ziekenhuisduur
- Kostprijs RVT/ROB/WZC
o RVT = rust- en verzorgingstehuis
o ROB = rustoord voor bejaarden
o WZC = woonzorg centrum
3.3. Informatica
- Premie – hoofdberoep, meer dan 33 000 factureren
- Homologatie en gestructureerd gegevens registreren
3.4. Patiënt gebonden
3.4.1. Individualisering – mondige patiënt
- Aanpassing aan ritme van dagelijks leven van de patiënt
- Patiënt gelegenheid laten sociale contacten te blijven handhaven
- Assertieve patiënten: hogere verwachtingen, meer geïnformeerd = meer stimulatie tot self-empowerment, een
actieve rol in eigen zorgproces
,3.4.2. Rechten van de patiënt (ook plichten)
Eigen verantwoordelijkheid binnen het zorgproces.
4. Groei van de thuisverpleging
Evoluties verstrekkingen
- Sinds 2004 bijna een verdubbeling van het aantal verstrekkingen (groei ca. 5%)
Evolutie van de RIZIV-uitgaven
- Uitgaven stijgen jaarlijks ca. 7% sinds 2004
Evolutie van het aantal thuisverpleegkundigen
- Periode 2012 – 2014 jaarlijkse stijging van het aantal thuisverpleegkundigen met 4%
, H02: Organisatie van de thuisverpleging in België
1. Staatstructuur: bevoegdheden in het kader van de gezondheidszorg
1.1. Federale staat
- Sociale zekerheid en volksgezondheid
- Meer en meer wordt naar de gemeenschappen getrokken
1.2. Gemeenschappen
= gebaseerd op taal
Gemeenschapsmaterie:
- Curatieve geneeskunde
- Preventieve geneeskunde
- Intra-extramurale zorgverlening
- Preventieve gezondheidszorg
- Opleidingen (medische en paramedische beroepen)
In het kader van de intra en extramurale zorgverlening is de gemeenschap verantwoordelijk voor het bepalen van de
prioriteiten m.b.t. de bouw(vergunningen) en subsidies. Alsook subsidies voor zware medische apparatuur, inspectie,
erkenning en sluiting van instellingen en andere gezondheidszorg voorzieningen.
6de staatshervorming heeft de bouw en werking van oudereninstellingen ook naar Vlaanderen getrokken:
reglementering, financiering, dagprijs.
1.3. Gewesten
- Bevoegdheden over economische gebieden, streken en regio’s.
- Bevoegd o.a. voor huisvesting, wetenschappelijk onderzoek en toezicht op de besturing van de provincies en
de gemeenten.