Lichamelijke Opvoeding
Marie Vandebroek
I. Begrippenlijst over cursustekst springen
De volgende begrippen worden gebruikt in de cursustekst over springen:
Begrip Betekenis
Steunsprongen Sprong over of van een toestel
Wendsprongen Handensteun op de hindernis, de voeten passeren
de hindernis achter de handen
Hurksprongen De voeten passeren de hindernis door de handen
Spreidsprongen De voeten passeren de hindernis buiten de handen,
de benen zijn gestrekt
Loopspringen Springen komt vaak in combinatie met andere
bewegingsvormen voor
Ritmisch springen Leert het kind ritme aanhouden tijdens het springen
Vrije sprongen Als de zweeffase niet onderbroken wordt door een
steunmoment van 2 handen
Diepspringen Vanaf een verhoogd vlak naar beneden springen
Dubbele afstoot Met 2 voeten afstoten op de springplank
Schaarsprong Een schaarsprong is een sprong die onder hoogspringen
valt in de lessen LO. Het been het dichtst bij het touw
wordt voorwaarts gestrekt, waarna met het andere been
wordt afgestoten. Na de afstoot wordt ook dit been zo
hoog mogelijk voorwaarts gestrekt. De benen maken dus
een schaarbeweging.
Plint Is een turntoestel, bestaande uit verschillende
houten elementen die op elkaar worden gestapeld
Trapezoïde Een trapezoïde is een turntoestel dat gebruikt wordt in de
lessen LO om kinderen de bewegingsvaardigheden van
springen maar ook klimmen en klauteren, hangen,
schommelen en zwaaien te leren. Het bestaat uit ijzeren
staven in de vorm van een trapezium waar turnmateriaal
aan gehangen kan worden zoals banken.
Hinken Op 1 been steunen en met het andere been heen
gaan
Huppen Kleine sprongetjes maken maar nog niet volledig
door springen
Huppelen Dansende manier van voortbewegen
1
Marie Vandebroek
I. Begrippenlijst over cursustekst springen
De volgende begrippen worden gebruikt in de cursustekst over springen:
Begrip Betekenis
Steunsprongen Sprong over of van een toestel
Wendsprongen Handensteun op de hindernis, de voeten passeren
de hindernis achter de handen
Hurksprongen De voeten passeren de hindernis door de handen
Spreidsprongen De voeten passeren de hindernis buiten de handen,
de benen zijn gestrekt
Loopspringen Springen komt vaak in combinatie met andere
bewegingsvormen voor
Ritmisch springen Leert het kind ritme aanhouden tijdens het springen
Vrije sprongen Als de zweeffase niet onderbroken wordt door een
steunmoment van 2 handen
Diepspringen Vanaf een verhoogd vlak naar beneden springen
Dubbele afstoot Met 2 voeten afstoten op de springplank
Schaarsprong Een schaarsprong is een sprong die onder hoogspringen
valt in de lessen LO. Het been het dichtst bij het touw
wordt voorwaarts gestrekt, waarna met het andere been
wordt afgestoten. Na de afstoot wordt ook dit been zo
hoog mogelijk voorwaarts gestrekt. De benen maken dus
een schaarbeweging.
Plint Is een turntoestel, bestaande uit verschillende
houten elementen die op elkaar worden gestapeld
Trapezoïde Een trapezoïde is een turntoestel dat gebruikt wordt in de
lessen LO om kinderen de bewegingsvaardigheden van
springen maar ook klimmen en klauteren, hangen,
schommelen en zwaaien te leren. Het bestaat uit ijzeren
staven in de vorm van een trapezium waar turnmateriaal
aan gehangen kan worden zoals banken.
Hinken Op 1 been steunen en met het andere been heen
gaan
Huppen Kleine sprongetjes maken maar nog niet volledig
door springen
Huppelen Dansende manier van voortbewegen
1