VBAC, placenta afwijkingen, vruchtwaterafwijkingen en NS prolaps
VBAC (vaginale bevalling na keizersnede)
Taak vrvr
- Prognotische gunstige factoren:
o Vorige sectio omv stuit, foetale nood
o Eerdere vaginale bevallingen
- Risico’s
o Uterusruptuur
o Verlengde ontsluiting en uitdrijvingsfase afh van voorafgaande reden van sectio en verloskundige VG
Aandachtspunten
- Steeds bevalling 2°lijns! Dus in een ziekenhuis!
- Steeds waakinfuus plaatsen of heparine slotje
- Inductie geleidelijk opdrijven. Liefst een spontane ontsluitings- en uitdrijvingsfase.
- Continue monitoring, liefst inwendige druksonde (plots wegvallen van druk= symptoom ruptuur)
- EDA kan symptomen van ruptuur camoufleren
- Vrvr kent de symptomen van NVO, NVU en uterusruptuur en is hier speciaal alert voor. Hanteer het partogram correct en interpreteer.
- Arts is in huis en sectiofaciliteiten zijn onmiddellijk aanwezig
- Risico op ruptuur >indien er <18 maanden tussen sectio en partus is of indien er koorts was na vorige sectio. Advies 6 maand na sectio niet
opnieuw zwanger worden.
- Inductie bij VBAC 2 tot 3x risico op ruptuur en repaet sectio. Steeds waakinfuus
- Geen misoprostol
- Succes afh van oorzaak sectio. Indien stuit, foetale nood meer succes dan foetopelvische disproportie of NVO.
Uterusruptuur
- Verhoogde risicopatiënten:
• Indien vorige sectio omwille van foeto-pelvische disproportie was of NVO of NVU
- Symptomen:
• Plotse foetale deceleraties
• Vaginaal bloedverlies
• Maternele hypotensie
• Geen voorliggend deel meer palpabel
• Geen goede drukregistratie of wegvallen van druk
• Pijn door de EDA
• Shock symptomen vrouw
• Voorafgaand aan de ruptuur: periode van hyperactieve weeën, drukgevoelig ous, onrustige
dame en pijn ook tussen weeën door, ring van Bandl zichtbaar
- Taak van de vrvr bij een uterusruptuur
o Noodbel duwen
o O2 toedienen en harttonen continue bewaken
o Indien nog geen iv lijn: iv lijn met dikke katheter en mogelijk nog kruisproef
o Gynaecoloog, ok, pediater en neonatologie verwittigen
o Alles klaarmaken voor een spoedsectio
Placenta afwijkingen
Placenta inplanting
Bij een abnormale inplanting van placenta zijn er 3 soorten:
- Accreta: inplanting in myometrium maar niet in heel de spier
- Increta: dieper in myometrium maar niet voorbij de spier
- Percreta: voorbij de spier
Placenta retentie
Taak vrvr :
- Tijd bewaken
- Roep hulp in van een gynaecoloog
- Bloedverlies en contractiliteit bewaken
- Pas systematisch cct toe en ter preventie pas het actief nageboortebeleid toe in opdracht van de arts
- In opdracht van de arts: dien 40 tot 100IE synto opgelost in 50 ml fysiologisch via vena umbilicalis toe
- Geef het nodige materiaal voor een manuele placenta afhaling zoals bijvoorbeeld een steriele manchet
- Informeer en coach het koppel
- Zorg voor een IV lijn met een dikke katheter
- Indien de manuele afhaling onder algemene narcose: ok short, ok verwittigen, pre operatieve vragenlijst, sieraden en nagellak
uit
- Check na de verwijdering of er geen AB moet gegeven worden
- Observeer na de verwijdering goed het bloedverlies en de contractiliteit. Check of mogelijk moedermelk moet afgekolfd worden
1
VBAC (vaginale bevalling na keizersnede)
Taak vrvr
- Prognotische gunstige factoren:
o Vorige sectio omv stuit, foetale nood
o Eerdere vaginale bevallingen
- Risico’s
o Uterusruptuur
o Verlengde ontsluiting en uitdrijvingsfase afh van voorafgaande reden van sectio en verloskundige VG
Aandachtspunten
- Steeds bevalling 2°lijns! Dus in een ziekenhuis!
- Steeds waakinfuus plaatsen of heparine slotje
- Inductie geleidelijk opdrijven. Liefst een spontane ontsluitings- en uitdrijvingsfase.
- Continue monitoring, liefst inwendige druksonde (plots wegvallen van druk= symptoom ruptuur)
- EDA kan symptomen van ruptuur camoufleren
- Vrvr kent de symptomen van NVO, NVU en uterusruptuur en is hier speciaal alert voor. Hanteer het partogram correct en interpreteer.
- Arts is in huis en sectiofaciliteiten zijn onmiddellijk aanwezig
- Risico op ruptuur >indien er <18 maanden tussen sectio en partus is of indien er koorts was na vorige sectio. Advies 6 maand na sectio niet
opnieuw zwanger worden.
- Inductie bij VBAC 2 tot 3x risico op ruptuur en repaet sectio. Steeds waakinfuus
- Geen misoprostol
- Succes afh van oorzaak sectio. Indien stuit, foetale nood meer succes dan foetopelvische disproportie of NVO.
Uterusruptuur
- Verhoogde risicopatiënten:
• Indien vorige sectio omwille van foeto-pelvische disproportie was of NVO of NVU
- Symptomen:
• Plotse foetale deceleraties
• Vaginaal bloedverlies
• Maternele hypotensie
• Geen voorliggend deel meer palpabel
• Geen goede drukregistratie of wegvallen van druk
• Pijn door de EDA
• Shock symptomen vrouw
• Voorafgaand aan de ruptuur: periode van hyperactieve weeën, drukgevoelig ous, onrustige
dame en pijn ook tussen weeën door, ring van Bandl zichtbaar
- Taak van de vrvr bij een uterusruptuur
o Noodbel duwen
o O2 toedienen en harttonen continue bewaken
o Indien nog geen iv lijn: iv lijn met dikke katheter en mogelijk nog kruisproef
o Gynaecoloog, ok, pediater en neonatologie verwittigen
o Alles klaarmaken voor een spoedsectio
Placenta afwijkingen
Placenta inplanting
Bij een abnormale inplanting van placenta zijn er 3 soorten:
- Accreta: inplanting in myometrium maar niet in heel de spier
- Increta: dieper in myometrium maar niet voorbij de spier
- Percreta: voorbij de spier
Placenta retentie
Taak vrvr :
- Tijd bewaken
- Roep hulp in van een gynaecoloog
- Bloedverlies en contractiliteit bewaken
- Pas systematisch cct toe en ter preventie pas het actief nageboortebeleid toe in opdracht van de arts
- In opdracht van de arts: dien 40 tot 100IE synto opgelost in 50 ml fysiologisch via vena umbilicalis toe
- Geef het nodige materiaal voor een manuele placenta afhaling zoals bijvoorbeeld een steriele manchet
- Informeer en coach het koppel
- Zorg voor een IV lijn met een dikke katheter
- Indien de manuele afhaling onder algemene narcose: ok short, ok verwittigen, pre operatieve vragenlijst, sieraden en nagellak
uit
- Check na de verwijdering of er geen AB moet gegeven worden
- Observeer na de verwijdering goed het bloedverlies en de contractiliteit. Check of mogelijk moedermelk moet afgekolfd worden
1