Bijzondere goederen en
overeenkomsten:
Hoofdstuk 1 : persoonlijke en zakelijke rechten
o Inleiding
Vermogensrechten hebben klassieke 3 deling
1) Zakelijke rechten
2) Persoonlijke rechten
3) Intellectuele rechten
Onderscheid Z-P rechten :
Was al in romeins rijk
Code civil maakt absoluut onderscheid van de 2 rechten , was om feodaliteit tegen te gaan
( hier waren de 2 met elkaar meer vermengt )
2019 BW is er met 10 boeken die langzaam in werking zullen treden
Zakelijke rechten Boek 3
Persoonlijke rechten Boek 5 , 6 en ( 7 – dit moet nog komen )
Dit onderscheid heeft best wat gevolgen
1) Enkel Zakelijke rechten hebben attributen die enkel aan hun zijn gegeven ( vb : volgrecht
etc..)
2) Verjaring :
Art.2262 oud BW : Zakelijke rechten verjaren na 30j
Art.2262bis OBW : persoonlijke rechten in beginsel na 10j
3) Plaats rechtzaak :
Voor persoonlijke rechter woonplaats verweerder ( art.624 Ger.W)
Voor zakelijke Rechter van plek waar goed gelegen is ( art.629 Ger.W)
4) Publiciteit
In beginsel hebben enkel zakelijke rechten publiciteitsmechanismes die ze bekend maken
art.1690 OBW ZR op schuldvordering , door erkenning/kennisgeving van/aan SA
3.24 BW Roerende zakelijke rechten Bezit
3.30 BW Onroerende goederen ZR Hypotheek register
Absolute werking ZR Ze hebben dus grote tegenwerpelijkheid kan dus erga omnes instellen
,Sommige Persoonlijke rechten worden ook in hypotheek register gezet
vb : huur > 9j en aankoopopties of verkoopsrechten ( art.3.30 , §1 , 5° en 6° BW )
Maar meestal hebben PR enkel een relatieve werking , kan je enkel tegen SA instellen
o De klassieke leer van de 2-deling
Klassiek idee :
Zakelijke rechten is relatie tussen persoon die heerschappij heeft over goed
tussen rechtssubject en rechtsobject
betrekking op goederen
Persoonlijke rechten : SE en SA relatie , geeft aansprak op bepaalde gedraging van een persoon
tussen rechtssubjecten
Betrekking op diensten verleend door SA
Kritiek :
1) Ook Persoonlijke rechten kunnen betrekking hebben op goederen
Vb : huurrecht
+ ook steeds meer zakelijke rechten worden op onlichamelijke goederen gezet
( dematerialisering ) , dit kunnen dus ook dan bv persoonlijke rechten zijn
2) Ook zakelijke rechten doen verhoudingen tussen personen ontstaan
Vb : erfdienstbaarheden , mede eigendom , vruchtgebruik , …
Laten wederzijdse rechten en plichten ontstaan die men net zoals een verbintenis van
persoonlijke aard zouden kunnen afdwingen
o De leer van het personalisme
Idee : Zowel Zakelijke als persoonlijke rechten doen een rechtsband ontstaan tussen 2
rechtsubjecten .
Verschil is bij tegenwerpelijkheid ervan :
Zakelijk recht kan je erga omnes instellen = absoluut recht
Persoonlijk recht kan je enkel tegen de SA instellen = relatief recht
Kritiek :
1) Bestaan van persoonlijke rechten is tegenstelbaar aan derden te kwader trouw ( die kennis
ervan hebben van bestaan of moeten hebben )
, als ze niet bestaan eerbiedigen dan 5.111 BW
2) Tegenwerpelijkheid ZR is verbonden aan hun publiciteit en niet aard recht !
Sommige persoonlijke rechten hebben dus ook publiciteit
gradatie in tegenwerpelijkheid bij de ZR ( bv : 3.28 die derde te goeder trouw ZR op
roerend goed kan laten krijgen, bij onroerende kan dit nooit )
o Leer van het Neo personalisme ( Ginossar)
De grote verdeling moet volgens hen niet Zakelijk R. vs PersoonlijkR rechten zijn
Het is eigendomsrecht vs beperkte vermogens rechten
Eigendomsrecht = het meest volmaakte vermogensrecht
daarnaast heb je nog de beperkte vermogensrechten
eigendom is hoogste vermogensrecht en zakelijk recht , alle andere zakelijke rechten zijn
ervan afgeleid
Dan maakt hij dus nog een verdere verdeling tussen PR vs ZR
Persoonlijk rechten hebben persoonlijke verbintenis kan enkel tegen SA , gaan dus niet over
met een bepaalde hoedanigheid
Zakelijke rechten hebben kwalitatieve verbintenis is verbonden aan hoedanigheid eigenaar
en maakt dus dat je ze kan instellen op bv nieuwe bijzondere legataris .
Ginossar breid dus eigendom helemaal uit , goed gedaan voor deze tijd want
1) Dematerialisering eigendom op onlichamelijke goederen meer belangrijk
2) Eigendom staat voor hem boven alle andere
o Numerus clausus beginsel
Beginsel is dat enkel als de wet een vermogensrecht erkent als zakelijk kan het een zakelijk recht
zijn , je kan dus geen onbenoemde zakelijke rechten hebben.
Art.3.3 BW :
in ons nieuw recht hebben we numerus clausus beginsel met 2 dimenties
1) Externe dimensie : je kan geen onbenoemde zakelijke rechten hebben . Je kan er dus geen
zelf maken
2) Interne dimensie : Je moet bij toepassen van de zakelijke rechten hun kenmerken
eerbiedigen ( moet dus definitie respecteren zie art.3.1 BW )
, Wat zijn de zakelijke rechten dan volgens art.3.3 BW :
1) Eigendomsrecht
2) Mede-eigendom
3) Zakelijke gebruiksrechten
geven titularis van ZR een gebruiks en genotsrecht ( vb : erfpacht , opstal ,…)
4) Zakelijke zekerheden
geven recht aan titularis om als eerst betaalt te worden uit opbrengst van betrokken goed
om dus nakoming van schuldvorderingen te garanderen
Fiduciaire eigendom tot zekerheid
= wanneer eigendomsrecht doel heeft om nakoming SV te garanderen
2 soorten
1) Eigendom overdracht voor zekerheid
2) Eigendom voorbehouden tot zekerheid
Is dit dan niet eigenlijk in strijd met het NC beginsel want staan niet in 3.3 BW ? zie infra
Beperkingen van het NC beginsel
Wilsautonomie gehindert art. 3.1 BW zegt dat men enkel de definities moet respecteren
van de bestaande zakelijke rechten er zijn dus wel x aantal dozen maar de dozen zijn groot met
veel speelruimte om af te wijken
Kan ook niet afwijken als wet het zegt , is voor zo een 7 tal artikelen ( vb 3.141) + 1 hoofdstuk in
boek 3 ( art.3.84 – 3.100 BW ) = appertementenrecht
Vroeger – 2 soorten eigendom DD en DU Nu maar 1 ondeelbare eigendomsbegrip 3.50 BW
1 eigendomsrecht toont dus heel goed het NC beginsel
o Wilsautonomie bij persoonlijke rechten
Bij persoonlijke rechten heb je het beginsel van de wilsautonomie , je kan dus wel onbenoemde
contracten hebben . Men kan dus wel vrij tenzij OO of dwingend recht is de omvang van persoonlijk
recht bepalen .
Benoemde contracten :
Je hebt dus wel benoemde contracten , deze zijn in BW geregeld
alle contracten die een ZR doen overgaan horen hier ook bij , deze zijn ook grotendeels
aanvullend recht
Vroeger contractenrecht was enorm veel aanvullend recht , nu steeds meer dwingend recht om
zwakkere partij te beschermen
Let op : je kan niet in contract opeens definitie zakelijk recht veranderen.
overeenkomsten:
Hoofdstuk 1 : persoonlijke en zakelijke rechten
o Inleiding
Vermogensrechten hebben klassieke 3 deling
1) Zakelijke rechten
2) Persoonlijke rechten
3) Intellectuele rechten
Onderscheid Z-P rechten :
Was al in romeins rijk
Code civil maakt absoluut onderscheid van de 2 rechten , was om feodaliteit tegen te gaan
( hier waren de 2 met elkaar meer vermengt )
2019 BW is er met 10 boeken die langzaam in werking zullen treden
Zakelijke rechten Boek 3
Persoonlijke rechten Boek 5 , 6 en ( 7 – dit moet nog komen )
Dit onderscheid heeft best wat gevolgen
1) Enkel Zakelijke rechten hebben attributen die enkel aan hun zijn gegeven ( vb : volgrecht
etc..)
2) Verjaring :
Art.2262 oud BW : Zakelijke rechten verjaren na 30j
Art.2262bis OBW : persoonlijke rechten in beginsel na 10j
3) Plaats rechtzaak :
Voor persoonlijke rechter woonplaats verweerder ( art.624 Ger.W)
Voor zakelijke Rechter van plek waar goed gelegen is ( art.629 Ger.W)
4) Publiciteit
In beginsel hebben enkel zakelijke rechten publiciteitsmechanismes die ze bekend maken
art.1690 OBW ZR op schuldvordering , door erkenning/kennisgeving van/aan SA
3.24 BW Roerende zakelijke rechten Bezit
3.30 BW Onroerende goederen ZR Hypotheek register
Absolute werking ZR Ze hebben dus grote tegenwerpelijkheid kan dus erga omnes instellen
,Sommige Persoonlijke rechten worden ook in hypotheek register gezet
vb : huur > 9j en aankoopopties of verkoopsrechten ( art.3.30 , §1 , 5° en 6° BW )
Maar meestal hebben PR enkel een relatieve werking , kan je enkel tegen SA instellen
o De klassieke leer van de 2-deling
Klassiek idee :
Zakelijke rechten is relatie tussen persoon die heerschappij heeft over goed
tussen rechtssubject en rechtsobject
betrekking op goederen
Persoonlijke rechten : SE en SA relatie , geeft aansprak op bepaalde gedraging van een persoon
tussen rechtssubjecten
Betrekking op diensten verleend door SA
Kritiek :
1) Ook Persoonlijke rechten kunnen betrekking hebben op goederen
Vb : huurrecht
+ ook steeds meer zakelijke rechten worden op onlichamelijke goederen gezet
( dematerialisering ) , dit kunnen dus ook dan bv persoonlijke rechten zijn
2) Ook zakelijke rechten doen verhoudingen tussen personen ontstaan
Vb : erfdienstbaarheden , mede eigendom , vruchtgebruik , …
Laten wederzijdse rechten en plichten ontstaan die men net zoals een verbintenis van
persoonlijke aard zouden kunnen afdwingen
o De leer van het personalisme
Idee : Zowel Zakelijke als persoonlijke rechten doen een rechtsband ontstaan tussen 2
rechtsubjecten .
Verschil is bij tegenwerpelijkheid ervan :
Zakelijk recht kan je erga omnes instellen = absoluut recht
Persoonlijk recht kan je enkel tegen de SA instellen = relatief recht
Kritiek :
1) Bestaan van persoonlijke rechten is tegenstelbaar aan derden te kwader trouw ( die kennis
ervan hebben van bestaan of moeten hebben )
, als ze niet bestaan eerbiedigen dan 5.111 BW
2) Tegenwerpelijkheid ZR is verbonden aan hun publiciteit en niet aard recht !
Sommige persoonlijke rechten hebben dus ook publiciteit
gradatie in tegenwerpelijkheid bij de ZR ( bv : 3.28 die derde te goeder trouw ZR op
roerend goed kan laten krijgen, bij onroerende kan dit nooit )
o Leer van het Neo personalisme ( Ginossar)
De grote verdeling moet volgens hen niet Zakelijk R. vs PersoonlijkR rechten zijn
Het is eigendomsrecht vs beperkte vermogens rechten
Eigendomsrecht = het meest volmaakte vermogensrecht
daarnaast heb je nog de beperkte vermogensrechten
eigendom is hoogste vermogensrecht en zakelijk recht , alle andere zakelijke rechten zijn
ervan afgeleid
Dan maakt hij dus nog een verdere verdeling tussen PR vs ZR
Persoonlijk rechten hebben persoonlijke verbintenis kan enkel tegen SA , gaan dus niet over
met een bepaalde hoedanigheid
Zakelijke rechten hebben kwalitatieve verbintenis is verbonden aan hoedanigheid eigenaar
en maakt dus dat je ze kan instellen op bv nieuwe bijzondere legataris .
Ginossar breid dus eigendom helemaal uit , goed gedaan voor deze tijd want
1) Dematerialisering eigendom op onlichamelijke goederen meer belangrijk
2) Eigendom staat voor hem boven alle andere
o Numerus clausus beginsel
Beginsel is dat enkel als de wet een vermogensrecht erkent als zakelijk kan het een zakelijk recht
zijn , je kan dus geen onbenoemde zakelijke rechten hebben.
Art.3.3 BW :
in ons nieuw recht hebben we numerus clausus beginsel met 2 dimenties
1) Externe dimensie : je kan geen onbenoemde zakelijke rechten hebben . Je kan er dus geen
zelf maken
2) Interne dimensie : Je moet bij toepassen van de zakelijke rechten hun kenmerken
eerbiedigen ( moet dus definitie respecteren zie art.3.1 BW )
, Wat zijn de zakelijke rechten dan volgens art.3.3 BW :
1) Eigendomsrecht
2) Mede-eigendom
3) Zakelijke gebruiksrechten
geven titularis van ZR een gebruiks en genotsrecht ( vb : erfpacht , opstal ,…)
4) Zakelijke zekerheden
geven recht aan titularis om als eerst betaalt te worden uit opbrengst van betrokken goed
om dus nakoming van schuldvorderingen te garanderen
Fiduciaire eigendom tot zekerheid
= wanneer eigendomsrecht doel heeft om nakoming SV te garanderen
2 soorten
1) Eigendom overdracht voor zekerheid
2) Eigendom voorbehouden tot zekerheid
Is dit dan niet eigenlijk in strijd met het NC beginsel want staan niet in 3.3 BW ? zie infra
Beperkingen van het NC beginsel
Wilsautonomie gehindert art. 3.1 BW zegt dat men enkel de definities moet respecteren
van de bestaande zakelijke rechten er zijn dus wel x aantal dozen maar de dozen zijn groot met
veel speelruimte om af te wijken
Kan ook niet afwijken als wet het zegt , is voor zo een 7 tal artikelen ( vb 3.141) + 1 hoofdstuk in
boek 3 ( art.3.84 – 3.100 BW ) = appertementenrecht
Vroeger – 2 soorten eigendom DD en DU Nu maar 1 ondeelbare eigendomsbegrip 3.50 BW
1 eigendomsrecht toont dus heel goed het NC beginsel
o Wilsautonomie bij persoonlijke rechten
Bij persoonlijke rechten heb je het beginsel van de wilsautonomie , je kan dus wel onbenoemde
contracten hebben . Men kan dus wel vrij tenzij OO of dwingend recht is de omvang van persoonlijk
recht bepalen .
Benoemde contracten :
Je hebt dus wel benoemde contracten , deze zijn in BW geregeld
alle contracten die een ZR doen overgaan horen hier ook bij , deze zijn ook grotendeels
aanvullend recht
Vroeger contractenrecht was enorm veel aanvullend recht , nu steeds meer dwingend recht om
zwakkere partij te beschermen
Let op : je kan niet in contract opeens definitie zakelijk recht veranderen.