SAMENVATTING MEDIARECHT
§ = teken van een paragraaf
H1: mediarecht, vrijheid van meningsuiting en mediavrijheid
Wat is mediarecht?
= geheel van regels & beginselen die van toepassing zijn op het fenomeen ‘media’ in de ruimste zin van het
woord
Mediarecht geldt zowel voor oude als nieuwe media (bv. kranten, radio en tv en de nieuwe zoals internet,
sociale media, streamingsplatformen,…)
-> snelle evolutie van wat oud en nieuw is, iets kan snel terug oud zijn
Mediarecht geld zowel voor verspreiders van inhoud (dienstverdelers bv. Telenet) als makers van
boodschappen (auteurs/ content providers bv. Journalisten)
media in technische zin (verspreiders) en ‘content providers’ (makers)
verspreiders en makers kunnen samenvallen = media convergentie (één bedrijf maakt én verspreidt
inhoud)
maar is niet noodzakelijk zo Bv. influencer (maker) post iets op Instagram (verspreider)
Mediarecht is complex (3 redenen)
1. Continu nieuwe uitdagingen en ontwikkelingen
Liberalisering van de markt
Meer spelers, meer concurrentie, meer conflicten
Technologische ontwikkelingen
Opkomt internet, streamingsplatformen, sociale media, videoplatformen,… heeft markt door elkaar
geschud, enorme concurrentie voor aandacht van de kijker
reclame doorspoelen, dus minder inkomsten en adverteerders, wat een grote impact heeft op private
bedrijven ( adverteerders gaan dus minder willen betalen, want hebben minder bereik, maar private
bedrijven hebben die inkomsten nodig)
sociale netwerksites: onze gegevens verzamelen en die doorverkopen aan adverteerders
2. Conflicterende belangen
Principe van vrijheid van meningsuiting kan in strijd zijn met andere grondrechten zoals privacy, gelijkheid
(gelijke behandeling), kinderrechten, recht op eerlijk proces,..
Eerlijk proces: media kunnen bepaalde verdachten al presenteren op een manier dat anderen alleen maar
kunnen denken dat dat inderdaad de schuldige is, heeft die persoon dan nog een eerlijk proces?
3. Regels van verschillende overheden
Er bestaat niet één wetboek, er zijn veel verschillende regels die vastliggen in verschillende wetten en decreten
Vlaanderen: Mediadecreet
België: bescherming persoonsgegevens, auteursrechten, …
EU: regels rond vrije concurrentie, vrijheid van verkeer, bescherming persoonsgegevens, digitale diensten,
AI…
WHO (Wereldhandelsorganisatie): auteursrechten (internationale afspraken zodat auteursrechten ook in
andere landen beschermd worden)
1
,= Wie is er nu eigenlijk bevoegd?
Vrijheid van meningsuiting
Principe = totale vrijheid om te zeggen, schrijven, publiceren wat je wil (hoog goed in democratische
samenleving = fundamenteel recht)
Tenzij uitdrukkelijk verboden door de overheid met een goeie reden
<-> = omgekeerde van een dictatuur: verboden, tenzij expliciet toegelaten door de overheid. Er bestaat een
censor of stadsambtenaar die eerst alle uitgaven controleert
Waarom hebben we dan ‘mediarecht’?
Omdat vrijheid van meningsuiting grenzen heeft. Die regels zijn er om rechten van anderen te beschermen of
een legitiem publiek doel te beschermen
- Vrijheid van anderen (privacy, gelijkheid, …)
Wetgeving inzake laster en eerroof, ‘hate speech’, …
- Algemeen belang (zoals mediapluralisme, eerlijke concurrentie, Nederlandse taal en Vlaamse cultuur)
o.a. Mediadecreet, verordening van mediavrijheid
Waar is die vrijheid van meningsuiting beschermt?
Waarom beschermen we die vrijheid van meningsuiting?
Wat beschermen we er in feite onder?
Wanneer kan die vrijheid worden ingeperkt, welke voorwaarden?
Bronnen
Bronnen waarin we de vrijheid van meningsuiting in terugvinden:
1791 – ‘First Amendment’ in de US Constitution
“Congress shall make no law (…) abridging the freedom of speech, or of the press”
De Amerikaanse wetgevende macht mag geen wet uitvaardigen die afbreuk zou doen aan de vrijheid van
meningsuiting of aan de persvrijheid
Geeft een absolute bescherming aan persvrijheid en vrijheid van meningsuiting
1831 – Belgische Grondwet
Grondwetgevers hechten veel belang aan vrijheid van meningsuiting
- art. 19: vrijheid van meningsuiting = algemeen artikel
- art. 25: persvrijheid (geen censuur = op voorhand verbieden dat het verspreid wordt i.p.v. van een
sanctie achteraf + ‘cascadeaansprakelijkheid’ = idee dat als er ergens toch iets fout gaat, dan kan
alleen de auteur zelf vervolgd worden, geen redactie, drukker of boekhandel)
= specifiek artikel dat persvrijheid beschermt
- art. 150: jury (Hof van Assisen, voor moord, misdaden, de zwaarste misdaden)
= zegt dat drukpersmisdrijven beoordeeld worden door een jury in het Hof van Assisen
(Bij het Hof van Assisen beslist niet alleen een rechter, maar ook een jury van burgers “het volk”
2
,1950 – art. 10 EVRM (Raad van Europa)
In wetgevingsbundel:
- staat in het Europees verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM)
- Verdrag uitgevaardigd door de Raad van Europa (= groter dan Europese unie, in totaal 46 landen)
- meer dan 100 jaar later zien we meer nuance (extra betekenis of diepte toevoegt)
- in lid 1 wordt het recht op vrijheid van meningsuiting beschermt
- in lid 2 staan de plichten en verantwoordelijkheden voor de uitoefening van de vrijheid van
meningsuiting
- in 1950 was men meer genuanceerd over de vrijheid van meningsuiting, minder absoluut, omdat
tijdens WO II was die vrijheid van meningsuiting misbruikt om die nazi propaganda te verspreiden
- men had plots minder optimisme rond vrijheid van meningsuiting
- nog steeds een fundamenteel recht, maar er gaan plichten en verantwoordelijkheden mee gepaard en
er zijn grenzen
verschil in visie in Europa en VS zie je nog tot op de dag van vandaag, traditioneel is de dominante visie in de VS
dat de vrijheid van meningsuiting daar sterk beschermt wordt, in Europa minder absoluut
US Supreme Court – Skokie case:
- zie je bv. in een arrest van het Amerikaans hoog gerechtshof (US Supreme court)
- betoging van neo-nazi’s , vlaggen met nazi symbolen, fascistische liederen, slogans in een stad (Skokie)
waar veel overlevende van de holocaust leven. Is in de VS toegelaten
- In Europa zou zoiets in die context zeker verboden kunnen worden
1966 – art. 19 BUPO (VN)
3
, = staat niet in wetgevingsbundel (dus vanbuiten leren
- Ander belangrijk verdrag (van VN) = is het internationaal verdrag van burgerlijke en politieke
grondrechten (BUPO)
- Zelfde als EVRM: recht op een mening koesteren, recht op vrije meningsuiting, maar opnieuw rechten
en verantwoordelijkheden aan verbonden of beperking (spiegelbeeld van EVRM)
2009 – EU-Handvest (Europese Unie)
= grondrechten tekst van de Europese unie (27 lidstaten)
de Europese instellingen passen ook de EVRM toe, maar hebben ook een eigen grondrechten catalogus =
handvest van EU
geen bepalingen waar er ook sprake is van beperkingen, maar handvest anders gestructureerd
MAAR er is aan het einde van het handvest één algemene bepaling (Art. 52) dat gaat over beperkingen van
al die grondrechten
Dit doen ze i.p.v. van bij elk grondrecht een apart lid toe te voegen over beperkingen van dat grondrecht
Conclusie: vrijheid van meningsuiting werd zelf al in die oude grondwetten (Amerikaanse en Belgische)
beschermt, is één van de klassieke grondrechten die we terug vinden in de oudste nog geldende grondwetten
in binnen en buitenland, we vinden die ook terug in internationale en Europese mensenrechtenverdragen,
maar met meer nuance. We zijn het er in vele landen mee over eens dat dat een heel belangrijk goed is in onze
samenleving. Een goed dat alleen maar ingeperkt kan worden als er goede redenen voor zijn en het is een recht
dat de overheid moet beschermen
Weinig onenigheid over, maar onenigheid over de vragen:
Waarom beschermen we de vrijheid van meningsuiting? Wat beschermen we met de vrijheid van
meningsuiting? ‘Hoever gaat die vrijheid van meningsuiting? Hoever gaan we in het beschermen daarvan?, hoe
wegen we die vrijheid af ten opzichte van andere grondrechten?’
Vragen die voor een deel worden beantwoordt in de teksten van de grondwet en verdragen, maar als we het
antwoord op die vragen willen kennen, moeten we ook naar rechtspraak gaan kijken, wat zegt het Europees
hof voor de rechten van de mens daarover, Hoe zijn zij de vrijheid van meningsuiting gaan interpreteren over al
die decennia heen?
Naar die rechtspraak gaan we de volgende lessen kijken. Hoe gaan rechters te werk?
4
§ = teken van een paragraaf
H1: mediarecht, vrijheid van meningsuiting en mediavrijheid
Wat is mediarecht?
= geheel van regels & beginselen die van toepassing zijn op het fenomeen ‘media’ in de ruimste zin van het
woord
Mediarecht geldt zowel voor oude als nieuwe media (bv. kranten, radio en tv en de nieuwe zoals internet,
sociale media, streamingsplatformen,…)
-> snelle evolutie van wat oud en nieuw is, iets kan snel terug oud zijn
Mediarecht geld zowel voor verspreiders van inhoud (dienstverdelers bv. Telenet) als makers van
boodschappen (auteurs/ content providers bv. Journalisten)
media in technische zin (verspreiders) en ‘content providers’ (makers)
verspreiders en makers kunnen samenvallen = media convergentie (één bedrijf maakt én verspreidt
inhoud)
maar is niet noodzakelijk zo Bv. influencer (maker) post iets op Instagram (verspreider)
Mediarecht is complex (3 redenen)
1. Continu nieuwe uitdagingen en ontwikkelingen
Liberalisering van de markt
Meer spelers, meer concurrentie, meer conflicten
Technologische ontwikkelingen
Opkomt internet, streamingsplatformen, sociale media, videoplatformen,… heeft markt door elkaar
geschud, enorme concurrentie voor aandacht van de kijker
reclame doorspoelen, dus minder inkomsten en adverteerders, wat een grote impact heeft op private
bedrijven ( adverteerders gaan dus minder willen betalen, want hebben minder bereik, maar private
bedrijven hebben die inkomsten nodig)
sociale netwerksites: onze gegevens verzamelen en die doorverkopen aan adverteerders
2. Conflicterende belangen
Principe van vrijheid van meningsuiting kan in strijd zijn met andere grondrechten zoals privacy, gelijkheid
(gelijke behandeling), kinderrechten, recht op eerlijk proces,..
Eerlijk proces: media kunnen bepaalde verdachten al presenteren op een manier dat anderen alleen maar
kunnen denken dat dat inderdaad de schuldige is, heeft die persoon dan nog een eerlijk proces?
3. Regels van verschillende overheden
Er bestaat niet één wetboek, er zijn veel verschillende regels die vastliggen in verschillende wetten en decreten
Vlaanderen: Mediadecreet
België: bescherming persoonsgegevens, auteursrechten, …
EU: regels rond vrije concurrentie, vrijheid van verkeer, bescherming persoonsgegevens, digitale diensten,
AI…
WHO (Wereldhandelsorganisatie): auteursrechten (internationale afspraken zodat auteursrechten ook in
andere landen beschermd worden)
1
,= Wie is er nu eigenlijk bevoegd?
Vrijheid van meningsuiting
Principe = totale vrijheid om te zeggen, schrijven, publiceren wat je wil (hoog goed in democratische
samenleving = fundamenteel recht)
Tenzij uitdrukkelijk verboden door de overheid met een goeie reden
<-> = omgekeerde van een dictatuur: verboden, tenzij expliciet toegelaten door de overheid. Er bestaat een
censor of stadsambtenaar die eerst alle uitgaven controleert
Waarom hebben we dan ‘mediarecht’?
Omdat vrijheid van meningsuiting grenzen heeft. Die regels zijn er om rechten van anderen te beschermen of
een legitiem publiek doel te beschermen
- Vrijheid van anderen (privacy, gelijkheid, …)
Wetgeving inzake laster en eerroof, ‘hate speech’, …
- Algemeen belang (zoals mediapluralisme, eerlijke concurrentie, Nederlandse taal en Vlaamse cultuur)
o.a. Mediadecreet, verordening van mediavrijheid
Waar is die vrijheid van meningsuiting beschermt?
Waarom beschermen we die vrijheid van meningsuiting?
Wat beschermen we er in feite onder?
Wanneer kan die vrijheid worden ingeperkt, welke voorwaarden?
Bronnen
Bronnen waarin we de vrijheid van meningsuiting in terugvinden:
1791 – ‘First Amendment’ in de US Constitution
“Congress shall make no law (…) abridging the freedom of speech, or of the press”
De Amerikaanse wetgevende macht mag geen wet uitvaardigen die afbreuk zou doen aan de vrijheid van
meningsuiting of aan de persvrijheid
Geeft een absolute bescherming aan persvrijheid en vrijheid van meningsuiting
1831 – Belgische Grondwet
Grondwetgevers hechten veel belang aan vrijheid van meningsuiting
- art. 19: vrijheid van meningsuiting = algemeen artikel
- art. 25: persvrijheid (geen censuur = op voorhand verbieden dat het verspreid wordt i.p.v. van een
sanctie achteraf + ‘cascadeaansprakelijkheid’ = idee dat als er ergens toch iets fout gaat, dan kan
alleen de auteur zelf vervolgd worden, geen redactie, drukker of boekhandel)
= specifiek artikel dat persvrijheid beschermt
- art. 150: jury (Hof van Assisen, voor moord, misdaden, de zwaarste misdaden)
= zegt dat drukpersmisdrijven beoordeeld worden door een jury in het Hof van Assisen
(Bij het Hof van Assisen beslist niet alleen een rechter, maar ook een jury van burgers “het volk”
2
,1950 – art. 10 EVRM (Raad van Europa)
In wetgevingsbundel:
- staat in het Europees verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM)
- Verdrag uitgevaardigd door de Raad van Europa (= groter dan Europese unie, in totaal 46 landen)
- meer dan 100 jaar later zien we meer nuance (extra betekenis of diepte toevoegt)
- in lid 1 wordt het recht op vrijheid van meningsuiting beschermt
- in lid 2 staan de plichten en verantwoordelijkheden voor de uitoefening van de vrijheid van
meningsuiting
- in 1950 was men meer genuanceerd over de vrijheid van meningsuiting, minder absoluut, omdat
tijdens WO II was die vrijheid van meningsuiting misbruikt om die nazi propaganda te verspreiden
- men had plots minder optimisme rond vrijheid van meningsuiting
- nog steeds een fundamenteel recht, maar er gaan plichten en verantwoordelijkheden mee gepaard en
er zijn grenzen
verschil in visie in Europa en VS zie je nog tot op de dag van vandaag, traditioneel is de dominante visie in de VS
dat de vrijheid van meningsuiting daar sterk beschermt wordt, in Europa minder absoluut
US Supreme Court – Skokie case:
- zie je bv. in een arrest van het Amerikaans hoog gerechtshof (US Supreme court)
- betoging van neo-nazi’s , vlaggen met nazi symbolen, fascistische liederen, slogans in een stad (Skokie)
waar veel overlevende van de holocaust leven. Is in de VS toegelaten
- In Europa zou zoiets in die context zeker verboden kunnen worden
1966 – art. 19 BUPO (VN)
3
, = staat niet in wetgevingsbundel (dus vanbuiten leren
- Ander belangrijk verdrag (van VN) = is het internationaal verdrag van burgerlijke en politieke
grondrechten (BUPO)
- Zelfde als EVRM: recht op een mening koesteren, recht op vrije meningsuiting, maar opnieuw rechten
en verantwoordelijkheden aan verbonden of beperking (spiegelbeeld van EVRM)
2009 – EU-Handvest (Europese Unie)
= grondrechten tekst van de Europese unie (27 lidstaten)
de Europese instellingen passen ook de EVRM toe, maar hebben ook een eigen grondrechten catalogus =
handvest van EU
geen bepalingen waar er ook sprake is van beperkingen, maar handvest anders gestructureerd
MAAR er is aan het einde van het handvest één algemene bepaling (Art. 52) dat gaat over beperkingen van
al die grondrechten
Dit doen ze i.p.v. van bij elk grondrecht een apart lid toe te voegen over beperkingen van dat grondrecht
Conclusie: vrijheid van meningsuiting werd zelf al in die oude grondwetten (Amerikaanse en Belgische)
beschermt, is één van de klassieke grondrechten die we terug vinden in de oudste nog geldende grondwetten
in binnen en buitenland, we vinden die ook terug in internationale en Europese mensenrechtenverdragen,
maar met meer nuance. We zijn het er in vele landen mee over eens dat dat een heel belangrijk goed is in onze
samenleving. Een goed dat alleen maar ingeperkt kan worden als er goede redenen voor zijn en het is een recht
dat de overheid moet beschermen
Weinig onenigheid over, maar onenigheid over de vragen:
Waarom beschermen we de vrijheid van meningsuiting? Wat beschermen we met de vrijheid van
meningsuiting? ‘Hoever gaat die vrijheid van meningsuiting? Hoever gaan we in het beschermen daarvan?, hoe
wegen we die vrijheid af ten opzichte van andere grondrechten?’
Vragen die voor een deel worden beantwoordt in de teksten van de grondwet en verdragen, maar als we het
antwoord op die vragen willen kennen, moeten we ook naar rechtspraak gaan kijken, wat zegt het Europees
hof voor de rechten van de mens daarover, Hoe zijn zij de vrijheid van meningsuiting gaan interpreteren over al
die decennia heen?
Naar die rechtspraak gaan we de volgende lessen kijken. Hoe gaan rechters te werk?
4