Syllabus
IN DIALOOG MET KINDEREN MET HUN DIVERSE BEHOEFTEN
WAT IS EEN DIALOOG?
Communiceren
o Elk gedrag dat we stellen
o Een hefboom om samen met kinderen te leren, verbinden, moeilijkheden aan te
pakken, genieten, …
o Moet zorgzaam, effectief en verbindend zijn
We gaan voor een dialoog waarbij inhoud wordt uitgewisseld, maar ook steeds aandacht
is voor de relatie, en dit binnen een respectvolle context. Het is geen discussie, debat of
eenrichtingsgesprek.
IN DIALOOG TREDEN OM DE BASISBEHOEFTEN TE STIMULEREN
In dialoog gaan voor positieve relatie op te bouwen en kinderen stimuleren om te
groeien.
Afstemmen op basisbehoeften van het kind (verbondenheid, autonomie,
competentie)
DE RELATIE TUSSEN EEN DIALOOG, DE BASISBEHOEFTEN EN MOTIVATIE
Motivatie is belangrijk om het leren en presteren te bevorderen.
Intrinsieke motivatie
- Je doet iets omdat je het zelf leuk of interessant vindt.
Voorbeeld: lezen omdat je het verhaal spannend vindt.
- Factoren zoals autonomie, competentie en verbondheid, verhogen de intrinsieke
motivatie
Extrinsieke motivatie
- Je doet iets voor een beloning of om straf te vermijden.
Voorbeeld: leren voor een goed cijfer.
Als we de basisbehoeften en de motivatie van kinderen willen ondersteunen, dan dienen
we onze dialoog en taal hierop af te stemmen. -> sensitief en responsief met kinderen
omgaan.
1
,FUNDAMENTEN VOOR EEN POSITIEVE DIALOOG EN REALATIE: DE
BASISHOUDINGEN WAARDEREN EN VERTROUWEN
BELANG VAN EEN POSITIEVE RELATIE
Carl. R. Rogers en Thomas Gordon (5 essentiële elementen van een goede dialoog)
1. Gelijkwaardigheid
2. Authenticiteit
3. Acceptatie
4. Empathie
5. Ontvakelijkheid -> zowel lln als lrk moetern bereid en in staat staan om met elkaar
in dialoog te gaan.
Wat is een positieve relatie?
1. Zich veilig voelen
2. Durven tonen dat je een probleem hebt en snel hulpt durft ervaren
3. Loyaliteit tonen om aan te tonen dat je de positieve relatie wilt behouden
4. Minder acceptatie grens aftasten van leerkracht
5. Individuele kenmerken van leerkrachten en leerlingen
6. Interactie tussen leekrachten en leerlingen
7. Externe invloeden
Positieve relaties zijn van groot belang voor een gezonde ontwikeling van de
leerlingen
Het hebben van een positieve relatie met de leerkracht blijkt een goede voorloper te
zijn voor het soort gedrag dat lln vertonen op een latere leeftijd
De leerkracht moet actie ondernemen om een positieve relatie met kinderen te creëren.
Waarderend communiceren is dan essentieel. Toon interesse en appreciatie, een
relatie opbouwen kost tijd en vraag geduld en vertrouwen.
DE PLAATS VAN DIALOOG BINNEN EEN POSITIEVE RELATIE
Een goed dialoog speelt een belangrijke rol in het ontwikkelen van een positieve
relatie -> niet altijd eenvoudig
De mogelijkheid tot communicatie en begrip ontstaat wanneer men oog heeft voor de
persoon, het kind. Het ontvoorwaardelijk accepteren van een kind en het
vertrouwen bieden is essentieel om een positieve dialoog en relatie op te bouwen.
WAARDEREN EN VERTROUWEN ALS FUNDAMENTEN VOOR EEN POSITIEVE
RELATIE EN DIALOOG
Waarderen:
Onvoorwaardelijk accepteren
Tonen van werkelijke belangstelling in wie het kind is
Positieve communicatie wijze hanteren (actief luisteren, duidelijke lichaamstaal,
…)
2
, Hanteren van constructieve feedback om de behoefte aan competentie te
ondersteunen
Vertrouwen:
Geloven in het kind en het kind dit laten ervaren
Veilige omgeving
Je zelf tonen zoals je bent (= authenticiteit)
Empathie tonen
In een positieve relatie is er ruimte om eigen creativiteit, authenticiteit en
individualiteit te ontwikkelen.
Vertrouwen is ook fundamenteel voor een positief affect op de sfeer
WAARDERING EN VERTROUWEN TONEN IN ONZE DIALOOG MET
KINDEREN
OPVOEDINGSSTIJLEN EN HUN INVLOED OPDE DIALOOG MET KINDEREN
Opvoeding vindt plaats in interactie tusse opvooeder en het kind.
AANSTURENDE STIJL (STUREN EN IN CONTACT)
De leerkracht geeft instructie en informatie, hij maakt ook duidelijk welk gedrag hij
van de leerlingen verlangt. -> geeft grenzen aan
Wederzijds respect en acceptatie
Typerend leerkrachtengedrag: afspraken maken, woordt verlenen, knopen
doorhakken, feedback geven, …
Effect op kinderen: Het kind leert dat er regels zijn waaraan het zich moet
houden, maar dat die regels wel ter discussie kunnen gesteld worden.
BEGELEIDENDE STIJL (VOLGEN EN IN CONTACT)
Kenmerkt zich door grote initiatief en inbreng van de lln. De leerkracht accepteert
en stimuleert het volop denken van de lln.
3