HOOFDSTUK 1: HET BREDERE PLAATJE
VOORWOORD
Grondslagen?
Wat we nu doen, is het resultaat van een voorgeschiedenis, die de basis van ons handelen vormt.
Geschiedkundige ontwikkelingen / grondslagen = zaken die gebeurd zijn.
Veronderstellingen over hoe de werkelijkheid in elkaar zit en hoe die onderzocht kan
worden (conceptuele / filosofische grondslagen) = hoe we denken over de realiteit.
Wereld is sterk veranderd
200 jaar geleden
- Meeste mensen zeer arm en jong <-> nu een verouderde populatie
- Geen verplicht onderwijs
- Meesten werkten op het land
- Moeizaam reizen (bleef meestal in eigen streek), vriendenkring dicht in de buurt
- Meestal stil geen radio / streaming
- Kerkelijk
50 jaar geleden
- Telefoons zaten vast aan muren
- Informatie opzoeken in een bibliotheek
- Geen computers of internet
1: DE UITVINDING VAN HET SCHRIFT
De preliterate cultuur
Beschikbaarheid van geschreven informatie belangrijk keerpunt in de geschiedenis. De
geschiedenis start wanneer men begon te schrijven, alles ervoor noemt men de voorgeschiedenis /
prehistorie.
De introductie van geschreven documenten is 1 van de benagrijkste momenten in de
ontwikkeling van de wetenschap.
Preliterate beschaving: Beschaving voordat het schrift werd uitgevonden.
Eigenschappen van ongeletterde samenlevingen ~ Lindberg
Lindberg bestudeerde bestaande culturen die geen gebruik maken van het schrift.
1. Denken gericht op het oplossen van concrete, praktische problemen, niet op het begrijpen
van fenomenen.
o Hun kennis beperkt zich tot ‘knowhow’ zonder theoretisch begrip van de
onderliggende principes.
o Bv. gereedscahp maken, vuur aansteken, jagen…
2. Vluchtigheid / vloeibaarheid van kennis: Kennis van de feitelijke geschiedenis van een stam is
beperkt tot 2 generaties, er is een mondelinge overdracht van praktische vaardigheden (kennis is
er zolang dat de mensen die de kennis hebben nog leven).
, 2
3. Mythes en verhalen over ontstaan met contradicties, ook animisme.
o Veel mythes over de wereld, goden & geesten.
o Doordat het doorvertelt wordt, worden er veel aanpassingen aan gedaan
andere verhalen / versies.
o Animisme -> het geloof dat niet alleen mensen en dieren, maar ook planten,
levenloze voorwerpen (stenen, gebruiksvoorwerpen) en natuurverschijnselen
(rivieren, donder) een eigen ziel, geest of bewustzijn bezitten.
Functie mythes: Versterkten de waarden & houdingen van de gemeenschap & vervulden menselijke
behoefte aan verklarende principes: orde, eenheid en betekenis geven aan gebeurtenissen.
Animisme ~ Tylor: Uitleg van de werking van de wereld en het heelal door middel van geesten
met mensachtige kenmerken.
Onderscheid maken tussen het denken van ‘primitieve mensen’ & ‘wetenschappelijke denken’
in de westerse wereld. Volgens Tylor keken ze naar de wereld als kinderen.
“Wetenschappelijk denken kan niet plaatsvinden zonder schriftelijke
gegevens.” Lindberg
De eerste schrijfsystemen
Geschreven taal is ontstaan
Soemerië (-3.4K) en zo is verspreid / beïnvloed naar Egypte (-3.2K).
China (-1.2K) had al simpel schrijfsysteem maar werd onder invloed van Soemerië verfijnd.
Indianen in Midden en Zuid-Amerika (-300) afzonderlijk een eigen schrift hebben gemaakt.
Deze geschreven talen werden voorafgegaan door protoschrift: symbolen om entiteiten weer te
geven zonder linguïstische informatie die ze met elkaar verbindt.
Doel van het schrift? Oorspronkelijk gebruikt om bezittingen aan te duiden bij het opmaken van
een inventaris aan de hand van eerst tekeningen die uitgroeiden naar symbolen.
Geschreven taal is gebaseerd op 2 principes:
o Tekens stellen betekenissen voor = pictogrammen
bv. tekening van een zon -> stelt zon voor
o Tekens stellen klanken voor = fonogrammen
bv. de letter ‘b’ staat in ons alfabet voor een bepaalde klank
Kenmerken van schrijfsystemen
Kunnen onze taal voorstellen met 40 à 50 tekens.
Schriftsystemen bestonden uit een combinatie van pictogrammen & fonogrammen.
Fonogrammen werden vervangen door eenvoudigere tekens die betekenisvolle klanken
in taal (fonemen) of lettergrepen symboliseren.
o Egyptische hiërogliefen ontcijferd, door realisatie dat het gesproken lettergrepen
vertegenwoordigen.
Het gebruik van fonogrammen om fonemen weer te geven leidde tot de
alfabetische schrijfsystemen (begon met Fenicisch alfabet: basis van Arabisch,
Hebreeuws & Grieks alfabet).
, 3
De correspondentie tussen fysieke tekenen en de betekenis van het woord nam
geleidelijk aan toe -> schrijfsysteem werd logografisch i.p.v. pictografisch: het
gebruikt tekens die hele woorden of begrippen voorstellen.
Bv. = 木 boom
Schrift dat het dichst bij pictogrammen gebleven is, is het Chinees, maar werd
nadien logografisch.
Meeste geschreven woorden bestaan uit 2 karakters die een relatie hebben met
de betekenis van het woord en de uitspraak.
Alfabetisch schrift: Minder overeenkomsten leren tussen dialecten.
Pictogram: Een informatieoverdragend teken dat bestaat uit een afbeelding die lijkt op de
persoon, het dier of het object dat het vertegenwoordigd.
Fonogram: Een teken dat een klank of een lettergreep van gesproken taal voorstelt, vormt de
basis van het schrijfsysteem.
Logograaf: Een teken dat een gesproken woord vertegenwoordigd, dat niet langer een
fysieke gelijkenis heeft met de betekenis van het woord (Chinees).
Geschriften als een extern geheugen
Schrijven en de accumulatie (het vergaren) van kennis
We kunnen zaken bewaren voor een lange tijd, en hoeven niet meer te steunen op het
menselijk geheugen = accumulatie!
Maakt een cumulatie van kennis mogelijk
o Bouwen op de kennis van anderen: nieuwe denkers moeten niet herontdekken wat
er eerder ontdekt was.
Dit wil NIET zeggen dat inzichten nooit over het hoofd worden gezien, maar wel
dat inzichten opgehaald kunnen worden als iemand ervoor zoekt.
o “Een dwerg op de schouders van reuzen”
Maakt het mogelijk om tegenstrijdigheden te zien / veranderen manier waarop
kennis werd bewaard.
o Kennis hoeft niet meer letterlijk onthouden te worden om ze door te geven, het
belang van ritme & rijm neemt af (want rijm werd gebruikt om een verhaal te
onthouden).
o Belangrijke voorwaarde voor wetenschappelijke kennis.
Socrates was niet blij met het schrift
o Verhaal over de God Thoth van Egypte & de koning die allemaal uitvindingen
bespraken (voor & nadelen). God benadrukte het voordeel van informatie
behouden
& de koning het nadeel. Socrates was het eens met de koning: het schrift maakt
studenten lui, want ze leren niets meer van buiten.
o Tegenstrijdig, leerling Plato schreef over socrates’ visie, anders wisten we niet van
zijn bestaan.
Door geschreven teksten konden culturen formele beperkingen versoepelen en zich concentreren
op de inhoud!
, 4
De lezer
Wie kan lezen?
Lange tijd waren lezers zeer beperkt in aantal (tot algemene leerplicht), niet iedereen kon lezen
& schrijven. Dit was bedoeld door de elite om mensen uit te sluiten & ze te behouden als
werkkracht.
Scriptio continua: aaneenlopende tekst zonder spaties, moesten hardop lezen / mompelen (dit
maakte het heel moeiljk om te lezen).
Pas in de 8e eeuw begon men spaties te gebruiken. Saenger stelde dat spaties het mogelijk
maakte om stil te lezen.
In 383 sprak Aurelius Augustinus zijn verbazing uit, toen hij de bisschop zag die kon stil lezen.
De invloed van spelling (orhtography)
Verwerving van lezen in andere talen is makkelijker als er een transparante relatie is tussen
de spelling & geluid van de talen, waardoor kinderen het in minder dan 1j kunnen leren.
Spaans, Italiaan, Duits, Koreaans…
Bij een niet-transparante relatie tussen spelling & geluid van talen hebben kinderen tot 4 jaar
nodig + wordt de kans op leerproblemen vergroot.
Engels, Hebreeuws…
Lezen zonder kritisch na te denken
Scholastische methode: Studiemethode waarbij studenten onvoorwaardelijk teksten uit het
hoofd leren & reciteren waarvan wordt gedacht dat ze onveranderlijke waarheden overdragen:
men mocht niet kritisch nadenken over de kennis die ze konden terugvinden in de literatuur.
Methode hangt af van het doorzettingsvermogen & intelligentie van de student.
Tot in de 20ste eeuw was de scholastische methode gangbaar in scholen.
Gupta klaagde het Indiase onderwijs aan, omdat deze nog beïnvloed werd door overblijfselen van
het oude Indiase systeem: ze leren een boek uit hun hoofd en krijgen daarna pas uitleg over de
inhoud ervan.
Beste methode om te leren is door zelf kritisch te zijn, het zorgt voor diepere verwerking. Het
onderwijs nu focust te veel op vanbuiten leren.
2: DE ONTDEKKING VAN GETALLEN
De ontdekking van getallen was cruciaal voor de groei van kennis. Er schuilt heel wat kennis & inzicht
achter eenvoudige bewerkingen die nog niet onderzocht werd, tot de Franse wiskundeleraar Georges
Ifrah. Hij besloot de kwestie ter hand te nemen, die hem 10j duurde.
De grenzen van de visuele waarneming en de speciale status van het getal vijf
Het gemak waarmee de getallen tot drie te begrijpen zijn
Het bezit van goederen vereiste de capaciteit om ze te tellen. Het vroegste bewijs is
gevonden in Afrika (35 000 – 20 000 v.C): het Ishango-botje, waarop lijnen zijn
gekerfd.