• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 40 pagina's
Samenvatting

Samenvatting Didactiek | Therapeutisch Handelen | Hogeschool Gent | 2025/26

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 40 pagina's

Lesnotities van Didactiek voor de opleiding Logopedie aan Hogeschool Gent, gebaseerd op PowerPoint-presentaties en oefencolleges. Het document behandelt kernconcepten zoals pedagogisch handelen, therapeutische relaties, ortho-didactiek, gedragsverandering (aanleren, afleren, stabiliseren) en het gebruik van digitale educatieve materialen in logopedie. Deze aantekeningen zijn ideaal voor studenten die zich voorbereiding op toetsen of praktische toepassingen in de stage, met extra uitgeschreven onderdelen die verduidelijking bieden naast de PowerPoints.

Voorbeeld van de inhoud

OLOD Kennismakingsstage en therapeutisch handelen – Didactiek

DIDACTIEK
ORGANISATIE EN TE KENNEN LEERSTOF
 PowerPoint van de lessen Didactiek  geen syllabus
 Oefencolleges (toepassen)
 Extra uitgeschreven onderdelen (geen volledige syllabus)
 Lesopnames voor zieke studenten (op aanvraag)

1. INLEIDING
 Hoe zorg je ervoor dat je informatie goed overlevert aan je client?
 Gedrag van zorgvragers:
 (terug) aanleren – afleren – stabiliseren
Waaro Wat
 Terug aanleren = bij accident, terug leren spreken, slikken,..m leren leren
mensen? mensen?
 Stabiliseren = bij neurodegeneratieve ziektes – ziekte tegenhouden
 Afleren = bij duimzuigen

Hoe Hoe
gedrag
leren aanleren/
WAT IS DIDACTIEK? mensen? Behandelen
(Therapeutis
afleren?
 Didactiek = de wetenschap en praktijk van lesgeven Didactiek/
ch handelen)
 Pedagogiek = hoe een leerling zich ontwikkelt aanpak
 Didactiek = hoe je een leerproces organiseert
 Dit verfijnen we in elk stoornisgebied/ domein

“Didactiek is de wetenschapsdiscipline die zich bezighoudt met de vraag HOE kennis,
vaardigheden en houdingen of attitudes door een leerkracht/ therapeut/ begeleider kunnen
worden onderwezen aan lerenden (alle leeftijden)”

 Didactiek = leer van het onderwijzen  Vertrekken vanuit HOE leert een mens
 Leerpsychologie = studie van het  Nadenken HOE kan ik het leerproces
leerproces vormgeven


PEDAGOGIEK – PEDAGOGISCH HANDELEN
 PEDAGOGISCH HANDELEN omvat alle bewuste acties, keuzes en houdingen van opvoeders en
leerkrachten die gericht zijn op de totale ontwikkeling, emotionele veiligheid en begeleiding
van kinderen/jongeren. Het draait om het creëren van een positief klimaat, het opbouwen van
een vertrouwensrelatie en het bieden van structuur en ondersteuning op maat.
 Als er een veilig gevoel is dan zal een client je kunnen vertrouwen met de behandeling
 ~ pedagogische (grond)houding: sensitiviteit – je kijkt verder dan de problemen + houding
 therapeutische houding

BESPREEK MET JE BUUR
 Wat is volgens jullie een goede therapeutische houding voor een logopedist of audioloog?
 Motiveren (aanmoedigen, complimenteren), eerlijkheid (vooruitgang – vertrouwen),
transparant, empatisch zijn, ondersteunen
 Hoe moet een logopedist/audioloog zich gedragen ten opzichte van:
 Cliënt
 Directe omgeving van cliënt
 Brede publiek




1
Ella Van Reusel – PBA-LA MT1

, OLOD Kennismakingsstage en therapeutisch handelen – Didactiek
PEDAGOGISCH HANDELEN ~ THERAPEUTISCHE RELATIES
 Veilig leerklimaat creëeren
 Vertrouwensband met zorgvrager
 Ook met omgeving
 Motiveren van zorgvrager
 Zorgvrager in zijn kracht zetten = empowering
 Ook sterke kwaliteiten benoemen + leren compenseren door kijken waar is client wel goed in
 Zelfredzaamheid bevorderen
 Zelfsturing stimuleren
 Vermijden van aangeleerde hulpeloosheid = personen die steeds hulp vragen
 Therapie moet een korte periode zijn  client kan verder oefenen alleen tijdens therapie en
daarbuiten

ORTHO-DIDACTIEK / ORTHO-PEDAGOGIEK
 HOE leerproces aanpassen aan behoeften van lerenden met specifieke noden = andere aanpak
 Vb. hoe doof kind leren lezen
 Vb. hoe woordenschat aanleren aan kind met TOS
 Vb. hoe kind met persoon met verstandelijke beperking een hoortoestel laten dragen/gebruiken

2. DE BASIS IS GEDRAG
NATURE < > NURTURE
 Rol van biologie tov invloed van omgeving op gedrag
 er is een interactie tussen beide nature en nurture




 Continue wisselwerking met brede omgeving (school, maatschappij,..) en kind



BIOLOGISCH NIVEAU
2
Ella Van Reusel – PBA-LA MT1 = Hersenen gaan ook evolueren
door bijleren + sociale relaties
aangaan + nieuwe taal leren +
nieuwe hobby + gehoor!

, OLOD Kennismakingsstage en therapeutisch handelen – Didactiek




= Aandacht, waarnemen, EF,
begrijpen




= Handelingen die je ziet
 Lezen, schrijven, rekenen,
toen hoe je iets moet doen.


 Neurale netwerken = prikkeloverdracht moet heel snel gebeuren
 Kunnen we versterken door veel te oefenen en herhalen – sterkere hersenverbindingen
 Leren door interactie met elkaar = bij therapie observeren hoe clienten reageren op jouw
therapeutische handelingen
 Je gaat continue therapeutische handelingen aanpassen
 Wat is mijn invloed op gedrag van anderen?

COGNITIEF NIVEAU = BREIN/DENKEN
 Waarneming  Informatieverwerking
 Aandacht  Executieve functies
 Geheugen  Handelen (denken, lezen, schrijven, taal, rekenen, koken, …)


EXECUTIEVE FUNCTIES
 Wij zijn als therapeut de mediator van het leerproces voor de clienten  we willen naar fase tot
waar client eigen gedrag kan sturen + zelfstandig handelen  dit leren we aan door ondersteunen

VERSCHILLENDE DEFINITIES/BESCHRIJVINGEN:
 = Cognitieve processen die betrokken zijn bij het plannen, aansturen van activiteiten (Dawson
& Guare, 2013)
 = Containerbegrip voor mentale processen die een superviserende rol hebben bij het denken
en het gedrag. De term omvat een aantal functies met een neurologische basis, die samenwerken
bij het leiden en coördineren van onze inspanningen om een DOEL te bereiken (Cooper-Kahn &
Forster, 2014)

 = Verzamelterm voor denkprocessen die belangrijk zijn voor het uitvoeren van SOCIAAL EN
DOELGERICHT gedrag (Smidts & Huizinga, 2011)

 = Vermogens die de mens in staat stellen om intentioneel en doelgericht problemen op te
lossen. Deze vermogens zijn onderdeel van de cognitie. Executieve functies worden ook wel
hogere cognitieve processen genoemd


3
Ella Van Reusel – PBA-LA MT1

, OLOD Kennismakingsstage en therapeutisch handelen – Didactiek
 = Paraplubegrip, waaronder alle controlerende of zelfregulerende functies (gedrag) vallen
die ervoor zorgen dat cognitieve activiteit, emotionele respons en openlijk gedrag georganiseerd
en gestuurd worden.

SOORTEN EF?

DAWSON & GUARE (2013): (DEZE EF ZIJN RICHTINGGEVEND VOOR LA)
 Respons-inhibitie: nadenken voordat je iets doet – even inhouden voordat je iets zegt
 Werkgeheugen
 Emotieregulatie
 Volgehouden aandacht = vechten tegen afgeleid zijn
 Taakinitiatie = beginnen aan een taak  uitstelgedrag
 Planning/prioritering
 Organisatie
 Timemanagement: tijd inschatten, verdelen en deadlines halen
 Doelgericht gedrag
 Flexibiliteit: flexibel omgaan met veranderingen en tegenslag
 Metacognitie: een stapje terug doen om jezelf en de situatie te overzien en te evalueren




COGNITIEVE
FUNCTIES



 tijdsorientatie – visualiseren

KERN EF?
 Erg onduidelijk welke functies hier allemaal onder vallen
 internationaal overeenstemming over de drie belangrijkste kern executieve functies, namelijk:
 Impulsinhibitie: is de vaardigheid om onmiddellijke beloningen te kunnen uitstellen en niet
direct te handelen of te reageren, maar pas na een zekere reflectie (Jolles, 2017).

 Werkgeheugen: het opslaan, verwerken en onthouden van informatie. Het werkgeheugen
houdt informatie vast die we via de zintuigen hebben binnengekregen, maar ook informatie uit
het langetermijngeheugen. Het werkgeheugen maakt het mogelijk om informatie vast te houden
- te 'parkeren' - maar ook om met die informatie te werken (Jolles, 2017).

 Cognitieve flexibiliteit: het “outside the box” kunnen denken. Je ziet iets uit verschillende
perspectieven, wisselt snel tussen taken, maar wisselt alleen wanneer dit nodig is.

 Drie functies niet zonder elkaar + werken samen.
 Vanuit drie executieve functies => hogere-orde executieve functies gebouwd, zoals redeneren,
probleemoplossend vermogen en plannen.

EF-METAFOREN

4
Ella Van Reusel – PBA-LA MT1

Documentinformatie

Geüpload op
17 oktober 2026
Aantal pagina's
40
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
€6,96

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
0
Volgers
0
Items
36
Laatst verkocht
-



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen