LEERDOELEN
CHRONISCHE PIJN DEEL 1
Module 1 neurofysiologie van pijn
De student kan verklaren waarom chronische pijn onze aandacht verdient. (zie
introductiefilmpje)
De student kan de verschillen tussen acute pijn en chronische pijn uitleggen.
De student kan de begrippen neuroplasticiteit en centrale sensitisatie uitleggen en linken met
chronische pijn.
Module 2 verschillende typen pijn
De student kan de verschillende typen pijn uitleggen (nociceptieve pijn, neuropathische pijn,
nociplastische pijn)
Module 3 biopsychosociaal model
De student kan benoemen welke factoren invloed hebben op de sensitiviteit van het
zenuwstelsel en de pijnervaring van de patiënt.
CHRONISCHE PIJN DEEL 2
Module 1 chronische pijn-heropfrissing
De student kan beschrijven en verklaren welke factoren van invloed zijn op de pijnbeleving,
zowel het in stand houden als het verminderen van chronische pijn. (biopsychosociale factoren,
neuroplasticiteit en leefstijlfactoren)
Module 2 patiëntgerichte aanpak en communicatie
De student kan verklaren waarom communicatie één van de belangrijkste pijlers is in de
behandeling van chronische pijn.
De student kan verklaren waarom een persoonsgerichte aanpak een noodzaak is bij de
behandeling van chronische pijn.
De student kent het begrip pijneducatie, kan dit kaderen binnen de zorg voor chronisch zieken
en kan concrete tips geven over hoe je dit als verpleegkundige best aanpakt.
De student weet op welke manier je als professional het zelfmanagement van de zorgvrager met
een chronische aandoening kan versterken.
Module 3 Pijnmanagement
De student kan benoemen welke stappen moeten gevolgd worden om tot een ideaal
behandelplan te komen voor chronische pijn.
De student kan verklaren waarom de behandeling zich ook moet richten op psychosociale
factoren zoals angst en catastroferen.
De student kan verklaren waarom de behandeling zich ook moet richten op het stimuleren van
lichamelijke activiteit.
Module 4 mono-of multidisciplinaire aanpak
1
, De student kan verklaren wat de meerwaarde is van een multidisciplinaire benadering
2
,E-LEARNING
Link: https://www.domusmedica.be/medicampus/e-learning-zonder-accreditering
DEEL 1
AANLEIDING EN BELANG (FILMPJE)
1/5 van de Belgen kampt met chronische pijn
Chronische pijn = meest voorkomende probleem in de gezondheidszorg
Erkend als ziekte, niet enkel als symptoom
Impact levenskwaliteit PT
Duurste probleem in de gezondheidszorg
VPK: inzichten wetenschappelijk onderzoek
Biomedisch denken werkt niet voor PT met chronische pijn
We moeten inzetten op leefstijlfactoren
MODULE 1: NEUROFYSIOLOGIE VAN PIJN
Pijn = alarm dat ons waarschuwt voor potentieel gevaar
Maakt deel uit van een beschermend systeem, met als doel de overlevingskansen te verhogen
Belangrijke sensatie van ons lichaam
DEFINITIE VAN PIJN
“Pijn is een onplezierige, sensorische en emotionele ervaring die verband houdt met, of lijkt op
een verband met feitelijke of potentiële weefselschade.” – International Association for the
Study of Pain (IASP)
1ste deel definitie: pijn = zowel een sensorische (zintuiglijke) als emotionele ervaring
2de deel definitie: pijn heeft een dubbelzinnig karakter ervaring hangt samen met ‘actuele of
dreigende weefselschade’ of het lijkt erop dat er sprake is van ‘actuele of dreigende
weefselschade’
Opmerkingen:
Pijn is altijd een persoonlijke ervaring die in verschillende mate beïnvloed is door biologische,
psychologische en sociale factoren
3
, Pijn en nociceptie zijn verschillende fenomenen. Pijn kan niet enkel gekoppeld worden aan
activiteit in sensorische neuronen
Het concept van pijn wordt door een individu gevormd aan de hand van zijn levenservaring
De pijnervaring van een persoon moet altijd gerespecteerd worden
Pijn heeft meestal een adaptieve rol, maar het kan ook nadelige gevolgen hebben op het
functioneren en het sociale en psychologische welzijn
Verbale uitleg over pijn is maar één van de vele manieren om pijn uit te drukken: onvermogen
om te communiceren ontneemt niet de mogelijkheid dat een mens pijn ervaart
DEFINITIE VAN NOCICEPTIE
“the neural processes of encoding and processing noxious stimuli.”
Nociceptie omvat de mechanismen waardoor potentiële schadelijke prikkels door het
zenuwstelsel worden gedetecteerd, verwerkt, overgedragen en worden behandeld
Pas wanneer de nociceptieve prikkel verwerkt wordt door onze hersenen en je er bewust van
wordt, kan het leiden tot het ervaren van pijn
Pijn is alles wat de patiënt waarneemt als pijnlijk, ongeacht of er sprake is van nociceptie of niet
Pijn zit in ons bewustzijn, we ervaren het wanneer onze hersenen besluiten dat je
beschermd moet worden
Bij de ervaring van pijn spelen zowel biomedische, psychologische als sociale factoren een
belangrijke rol die kunnen leiden tot een pijnervaring en die de mate van pijn beïnvloedt
De rol van al deze factoren verschillen per individu, dit maakt pijn zo complex
De duur tussen acute en chronische pijn is verschillend, maar waar acute pijn een beschermende
functie heeft is dat bij chronische pijn vaak niet meer zo
ACUTE <-> CHRONISCHE PIJN
Acute pijn betekent dat de pijn recentelijk is ontstaan en een beschermende rol heeft. Het komt
meestal voor wanneer er beschadiging aan het lichaam optreedt of als er een risico is op
beschadiging. Dit betekent niet dat de mate van pijn afhangt van het risico of beschadiging.
Enorme hoeveelheid wetenschappelijk onderzoek is hier duidelijk in: de pijn hangt af van de
beoordelling van het gevaar door de hersenen en het waarschijnlijke voordeel van een
beschermende houding, niet van het werklijke gevaar of het werkelijke voordeel van een
beschermende houding
Pijn wordt als chronisch beschouwd wanneer het langer aanhoudt dan van het normale beloop
van het herstel mag worden verwacht. Het wordt meestal aangeduid als pijn die langer dan 3
maanden aanhoudt. In de meeste gevallen heeft chronische pijn geen beschermende rol meer.
De pijn wordt niet meer veroorzaakt door de oorspronkelijke weefselbeschadiging, welke vaak
genezen is, maar door een verandering in het zenuwstelsel. Ons alarmsysteem is ontregeld en
verhoogt de overdracht van prikkels in het (centrale) zenuwstelsel, met overgevoeligheid tot
gevolg. Het lichaam is in wezen in een "overbeschermende" modus
4