Per spiergroep, score op 0–5.
1. Inspectie
• Heupflexie (L2): iliopsoas.
• Gang: asymmetrie, antalgische gang, Trendelenburg.
• Knie-extensie (L3): quadriceps.
• Bekkenhoogte: vergelijking van beide bekkenkammen.
• Dorsiflexie (L4): tibialis anterior.
• Scoliose: functioneel (corrigeert bij vooroverbuigen) vs structureel
• Teenextensie (L5): extensor hallucis longus.
(blijft).
• Plantairflexie (S1): triceps surae.
• Lordose en volledige houdingsinspectie.
Afwijkend: zwakte, asymmetrie, geen weerstand kunnen bieden.
2. Bewegingsonderzoek
4. Specifieke testen
Uitvoeren: actief → passief; beoordelen op bewegingsbeperking en pijn.
Straight Leg Raise/Lasège
Flexie
• Radiculaire pijn tussen 30–70°: positief
• Pijn bij flexie: discusproblematiek of radiculaire pijn.
(L4/L5/S1 compressie).
• Beperking: mechanisch (artrose) vs musculair.
Bragard
Extensie
• Verergering van pijn bij dorsiflexie van de voet bevestigt zenuwrek.
• Pijn: facetgewrichten, spondylolisthesis.
Slump test
Lateroflexie links/rechts
• Verergering beenpijn bij neuromeningeale rek:
• Pijn ipsilateraal: facet.
radiculopathie.
• Pijn contralateraal: musculair of fascia.
Reflexen
Gecombineerde extensie-rotatie
(Kemp-test)
• Patellapees: L4.
• Achillespees: S1.
• Lokale lumbale pijn: facetpathologie.
Afwijkend = hypo- of areflexie.
• Radiculaire pijn: foraminale stenose
of compressie.