29/09/2025
- examenvragen → voorbeelden in dagelijkse leven
1. De geschiedenis van de sociale psychologie & onderzoeksmethoden
- psychologie = wetenschappelijke studie v menselijk gedrag & interne processen die hieraan
ten grondslag liggen
- wetenschappelijk = methoden uit exact-wet. disciplines, maar door complexiteit v gedrag →
theorie minder goed volledig toetsbaar
- methodologie: verschillende fasen
● Fase 1: observatie/ beschrijving
● Fase 2: stellen v hypothesen
→ literatuuronderzoek hoort hierbij
● Fase 3: onderzoeksplan, type design & meetmethode (obv. vraag: enquête, observatie,
experiment, etc.)
● Fase 4: dataverzameling & verwerking
● Fase 5: interpretatie & hypothesen voor verder onderzoek
- soc psychologie = hoe sociale context invloed kan hebben op individu
- Geschiedenis: sterke focus op psyche
→ denken & lichaam staan los v elkaar→ lichaam = waarneembaar, psyche =
anders waarneembaar
→ nu is de verhouding anders = ze hebben invloed op elkaar, staan naast
elkaar
- nature & nurture → tweelingenstudies, genetisch identiek maar andere
opvoeding = rol v nature komt naar boven
- Het belang v biologie: 2 aspecten
1. evolutionair = eigenschappen verhogen kans op overleving → worden
doorgegeven
vb: inprenting & glimlach babys
2. lichamelijke processen = hersenletsels (impulsiviteit, Alzheimer)
WEIRD = Westerse culturen die rijk en democratisch zijn
- soc psychologie = studie naar hoe gedachten, gevoelens, motivaties & gedrag v mensen
worden beïnvloed door aanwezigheid v anderen & hoe we zelf een invloed hebben op
anderen
>< met sociologie = onderzoeksmethoden & maatschappij vs individu
Effect v reacties v anderen
- filmpje zonder reactie ⇒ andere stemresultaten
,→ anderen vinden het grappig ⇒ kans dat wij het grappig vinden stijgt
Groei sociale psychologie:
→ 3 fasen
1) Jaren v bevestiging = beïnvloed door beurscrash & WOII
→ armoede & hoe kies je nu zo´n leider
- Kurt Lewin: gedrag wordt bepaald door hoe we wereld zien & interpreteren, afh. v persoon
& omgeving
2) Groei & debat = teleurstelling in oplossen maatschappelijke problemen
- soc had weinig invloed op maatsch problemen
→ te veel labo experimenten, WEIRD-populatie
→ ethiek in vraag gesteld
3) Methodologische & inhoudelijk pluralisme = ik snap hier niets van
2. Onderzoeksmethoden
Waarom belangrijk?
- ontwikkelen v kritische blik
→ persuasieve communicatie
→ onderzoek dat in media wordt gerapporteerd
→ nep wetenschappelijke studie
Overzicht: cyclisch onderzoeksproces
1. Ideeën ontwikkelen
- observatie & praktijkervaring
- theorieën toepassen
- wet literatuur zoeken (primaire & secundaire bronnen)
2. Ideeën verfijnen
- operationaliseren v variabelen
= directe observaties die door anderen herhaald kunnen worden
= concepten definiëren in termen v gebruikte meetprocessen
vb: agressie → fysiek of verbaal
+ 2 soorten variabelen:
1. Onafhankelijk: karakteristieken v situatie ( manipuleerbaar )
2. Afhankelijk: gedragingen v persoon of dier → resultaat of gedrag
→ theorie = relatie tussen beide variabelen
,- meten v variabelen: zelfbeschrijving & observatie
Nominale of categoriale verbanden:
- geen correlatie
Ordinaal:
- aantal type correlatie kan je hierop plakken
Interval:
-
Marshmallow test
= mate kleuters behoeften uitstellen ⇒ latere succes in carrière
- doel: drang naar onmiddellijke beloning meten → voorspeller voor latere
carrière-mogelijkheden
- begripsvaliditeit = meet de variabele wat het zegt te meten (expert consensus nodig )+
zorgen experimentele manipulaties voor variaties in variabelen die we bedoelen te
manipuleren
Meten v variabelen: zelfrapportage & observatie
- enquête: enkelvoudige of meervoudige schalen bestaande uit meerdere items
→ meervoudige schalen hebben voorkeur:
1. risico op vertekening door verwoording of verschillende interpretaties
2. verschillende items die zelfde concept meten = interne consistentie nagaan
Beperkingen v schalen voor zelfrapportering
- sociale wenselijkheidsvertekening: pos beeld van zelf schetsen, tegemoet komen aan
maatschappelijke norm
- inwilligingstendens: neiging akkoord te gaan met stellingen
- opletten met suggestieve vragen
- herinnerings-vertekening
- effect v antwoordschaal: neiging om geen extreme antwoorden te geven
→ grotere schaal ⇒ meer extreme antwoorden
Meten v variabelen door observatie
- codeerschema & interbeoordelaar-betrouwbaarheid
- gedragsregistratie door computers
→ uitdagingen voor validiteit: sociale wenselijkheid
- volgorde-effect
- sociale wenselijkheid
3. Ideeën testen
- observationeel onderzoek
= systematisch observeren v personen, in natuurlijke situaties
→ vaak met hulp v handlanger
- validiteit verhogen door: meerdere observatoren & objectieve registratie
, - archiefonderzoek
= bestaande verslagen of documenten bestuderen
- opiniepeiling
= enquêtes met vragen over attitudes, meningen, gedragingen, vaak met bedoeling uit
steekproef te veralgemenen
→ afh v hoe representatief steekproef is & hoe goed vraag gesteld is
→ geen suggestieve vragen ( ervan uitgaan dat iemand iets al doet )
06/10/2025
- experimenteel onderzoek: controle & volledige toevallige toewijzing = basisvoorwaarden
→ variabele wordt gemanipuleerd (OV): op voorhand bepaald welke kenmerken
die variabele moet aannemen + moeten ad random zijn
→ v deze variabele wordt effect op andere variabele bekeken (AV)
- conditie groep 1 moet zo vergelijkbaar zijn zoals de conditie v groep 2 → daarom ad
random !
→ in labo-settings invloed uitsluiten v alle andere storende variabelen
→ niet echt realiteit, nabootsen omstandigheid echt leven = moeilijk
- ook experimenten in natuurlijke settings, ook hier externe factoren proberen uitfilteren
- controle: variabelen die worden gemanipuleerd = verschillen, alle andere mogelijke
beïnvloedende variabelen blijven constant & onveranderd
→ nodig om invloed v OV op AV toe te schrijven aan OV
● labo-condities: invloed v andere variabelen uitschakelen, reactief (onnatuurlijke
setting)
● natuurlijke setting: invloed v andere variabelen in beide groepen gelijk, minder
controle maar wel natuurlijke reacties
→ door controle & volledige toevallige toewijzing = elimineren invloed v
alle andere variabelen, met uitzondering v experimentele manipulatie
- Interne validiteit: redelijke zekerheid waarmee we kunnen stellen dat effect op AV enkel
door OV veroorzaakt werd
→ controlegroep: ondergaat alle zelfde invloeden behalve experimentele manipulatie
Uitdaging interne validiteit:
- ethische aspecten in natuurlijke settings om controlegroep te gebruiken
- proefleidereffect: mogelijk deelnemers in bepaalde condities anders behandelen door eigen
verwachtingen
→ oplossing: iemand anders de resultaten laten bekijken / bestuderen
→ oplossing: contact tussen onderzoeker & deelnemer beperken
- Externe validiteit: mate waarin dezelfde resultaten bekomen zouden worden met andere
personen & op ander moment
→ veralgemening is moeilijk als groepen specifiek gemaakt worden