Medische beeldvorming met radioprotectie
Hoofdstuk 1: Algemene begrippen
1.1 Begincompetenties
1.1.1 Enchondrale ossificatie
• = vervanging van kraakbeen door bot
• epifysaire groeischijf
o rustzone
▪ bevat normaal hyalien kraakbeen
o proliferatiezone
▪ = groeizone
▪ actief delende chondrocyten
▪ dochtercellen in rijen volgens lengterichting v/h bot
▪ zorgt dat epifysaire schijf ‘dik’ w
o hypertrofiezone
▪ = zwellingszone
▪ kraakbeencellen resorberen kraakbeenmatrix
▪ kraakbeenmatrix gereduceerd tot dunne balkjes
o verkalkingszone
▪ kraakbeenmatrix verkalkt
• leidt tot destructie v/d chondrocyten
• gebrek aan voedingsstoffen
▪ osteoblasten zetten primair bot af tegen de verkalkte matrix
o botvormingszone
▪ verkalkte kraakbeenmatrix septa in de lengterichting doorbroken
• ontstaan longitudinale tunnels
▪ tunnels w ingenomen door bloedvaten en osteoblasten
▪ primair bot w afgezet tegen resterende kraakbeenbalkjes
• kant v/d epifyse
o bloedvaten voeren hier ook osteoprogenitorcellen aan
o zorgt ervoor dat deze zone ook begint met verkalken
o vorming spongieus bot
• epifysaire lijn blijft
o restant v/d epifysaire schijf
o wnr alle kraakbeencellen stoppen met delen en vervangen zijn
1
,1.1.2 Gebit
Hond
• permanent gebit
o 42 tanden
▪ 3I
▪ 1C
▪ 4P
▪ 2M boven, 3M onder
o scheurkiezen
▪ belangrijke tanden
• bovenaan: 4P
• onderaan: 1M
▪ zorgen dat vleesproducten makkelijk doorgescheurd kunnen w
▪ staan speciaal t.o.v. elkaar
• precies zoals schaar
o laatste molaren hebben een plat maalvlak
▪ mogelijkheden tot pletten/malen
• tandnummering: Triadan systeem
o heel wijdverspreid
▪ makkelijk om een tand aan te duiden met een cijfer
▪ makkelijk om in te voeren in systemen
o 4 kwadranten
▪ 1: RB
▪ 2: LB
▪ 3: LO
▪ 4: LB
▪ (recht op dier ziende is het met de klok mee)
o volgende cijfers
▪ positie v/d tanden
▪ middenste snijtand: ..01
▪ allerlaatste molaar: ..10/11
o indien er een tand mist
▪ geen nummers overslagen
▪ laatste molaar behoudt hetzelfde cijfer
2
, • occlusie of beetrelatie
o snijtanden
▪ staan scharend op elkaar
▪ schuiven over elkaar
o hoektanden
▪ haaktand onderkaak staat voor de positie v/d bovenkaak
▪ kroon maakt bijna contact met tandvlees v/d andere kaak
▪ bij slechte aanleg kunnen er snel kwetsuren ontstaan
o premolaren
▪ vooral alternerend
▪ interdigiteren
o laatste molaren
▪ meer plat vlak
Kat
• permanent gebit
o 30 tanden
▪ 3I
▪ 1C
▪ 3P boven, 2P onder
▪ 1M
o scheurkiezen
▪ boven: P4
▪ onder: M1
▪ kunnen als referentie gebruikt w wnr er tanden missen
o geen maalvlakken t.h.v. molaren
▪ kat is echte vleeseter
• occlusie of beetrelatie
o vooral scharend
o hoektanden
▪ zelfde als bij hond
o kiezen
▪ alternerend vanaf P2 bovenaan
▪ M1 occludeert met geen enkele andere tand
Paard
• definitieve snijtand
o robuuste, zware tand
o vaak een groeve in het midden
o cement neemt plantpigmenten op
o dus: buitenkant v/d tanden zijn geen glazuur
▪ cement → glazuur → dentine
3
, • 44 tanden
o 3I
o 1C
▪ enkel bij hengsten
▪ soms bij merries rudimentair aanwezig
▪ deze gaan niet continu groeien
o 4P
▪ wolfskies is de eerste premolaar
▪ af en toe aanwezig
o 3M
• triadansysteem
o hetzelfde als bij KHD
o 05 vr de wolfskies
4
Hoofdstuk 1: Algemene begrippen
1.1 Begincompetenties
1.1.1 Enchondrale ossificatie
• = vervanging van kraakbeen door bot
• epifysaire groeischijf
o rustzone
▪ bevat normaal hyalien kraakbeen
o proliferatiezone
▪ = groeizone
▪ actief delende chondrocyten
▪ dochtercellen in rijen volgens lengterichting v/h bot
▪ zorgt dat epifysaire schijf ‘dik’ w
o hypertrofiezone
▪ = zwellingszone
▪ kraakbeencellen resorberen kraakbeenmatrix
▪ kraakbeenmatrix gereduceerd tot dunne balkjes
o verkalkingszone
▪ kraakbeenmatrix verkalkt
• leidt tot destructie v/d chondrocyten
• gebrek aan voedingsstoffen
▪ osteoblasten zetten primair bot af tegen de verkalkte matrix
o botvormingszone
▪ verkalkte kraakbeenmatrix septa in de lengterichting doorbroken
• ontstaan longitudinale tunnels
▪ tunnels w ingenomen door bloedvaten en osteoblasten
▪ primair bot w afgezet tegen resterende kraakbeenbalkjes
• kant v/d epifyse
o bloedvaten voeren hier ook osteoprogenitorcellen aan
o zorgt ervoor dat deze zone ook begint met verkalken
o vorming spongieus bot
• epifysaire lijn blijft
o restant v/d epifysaire schijf
o wnr alle kraakbeencellen stoppen met delen en vervangen zijn
1
,1.1.2 Gebit
Hond
• permanent gebit
o 42 tanden
▪ 3I
▪ 1C
▪ 4P
▪ 2M boven, 3M onder
o scheurkiezen
▪ belangrijke tanden
• bovenaan: 4P
• onderaan: 1M
▪ zorgen dat vleesproducten makkelijk doorgescheurd kunnen w
▪ staan speciaal t.o.v. elkaar
• precies zoals schaar
o laatste molaren hebben een plat maalvlak
▪ mogelijkheden tot pletten/malen
• tandnummering: Triadan systeem
o heel wijdverspreid
▪ makkelijk om een tand aan te duiden met een cijfer
▪ makkelijk om in te voeren in systemen
o 4 kwadranten
▪ 1: RB
▪ 2: LB
▪ 3: LO
▪ 4: LB
▪ (recht op dier ziende is het met de klok mee)
o volgende cijfers
▪ positie v/d tanden
▪ middenste snijtand: ..01
▪ allerlaatste molaar: ..10/11
o indien er een tand mist
▪ geen nummers overslagen
▪ laatste molaar behoudt hetzelfde cijfer
2
, • occlusie of beetrelatie
o snijtanden
▪ staan scharend op elkaar
▪ schuiven over elkaar
o hoektanden
▪ haaktand onderkaak staat voor de positie v/d bovenkaak
▪ kroon maakt bijna contact met tandvlees v/d andere kaak
▪ bij slechte aanleg kunnen er snel kwetsuren ontstaan
o premolaren
▪ vooral alternerend
▪ interdigiteren
o laatste molaren
▪ meer plat vlak
Kat
• permanent gebit
o 30 tanden
▪ 3I
▪ 1C
▪ 3P boven, 2P onder
▪ 1M
o scheurkiezen
▪ boven: P4
▪ onder: M1
▪ kunnen als referentie gebruikt w wnr er tanden missen
o geen maalvlakken t.h.v. molaren
▪ kat is echte vleeseter
• occlusie of beetrelatie
o vooral scharend
o hoektanden
▪ zelfde als bij hond
o kiezen
▪ alternerend vanaf P2 bovenaan
▪ M1 occludeert met geen enkele andere tand
Paard
• definitieve snijtand
o robuuste, zware tand
o vaak een groeve in het midden
o cement neemt plantpigmenten op
o dus: buitenkant v/d tanden zijn geen glazuur
▪ cement → glazuur → dentine
3
, • 44 tanden
o 3I
o 1C
▪ enkel bij hengsten
▪ soms bij merries rudimentair aanwezig
▪ deze gaan niet continu groeien
o 4P
▪ wolfskies is de eerste premolaar
▪ af en toe aanwezig
o 3M
• triadansysteem
o hetzelfde als bij KHD
o 05 vr de wolfskies
4