1. Systeemdenken
Inleiding
Verder bouwen op filosofie van de relationele zorg 1:
o Bouwt verder op onze relationele visie op verpleegkunde:
Nood aan brede kennis en kijk op de verschillende benaderingen
binnen de hulpverlening:
Verruimt manier van manier.
Andere bril waardoor je naar de werkelijkheid kijkt.
Systeemtheorie
Systeemtheorie:
o Een manier van denken, een specifieke benaderingswijze, waarmee de
verschillende soorten werkelijkheid waarbinnen de theorie haar toepassing
vindt, op een vruchtbare wijze benaderd kunnen worden.
Een bril waardoor je naar de werkelijkheid kunt kijken.
Mogelijkheden tot “behandeling”.
Definitie van het begrip systeem
Elementen – objecten – delen => individuen.
Systeem:
o Een samenspel van elementen en van betrekkingen tussen die elementen, dat
als geheel functioneert door de onderlinge afhankelijkheid van de elementen
en dat voor de betrokken elementen bepaalde functies vervult.
Niet het individu, maar het individu in zijn omgeving tot onderwerp.
Voorbeelden van een systeem:
o Een gezin, leefgroep, vriendengroep, team, organisatie…
De kern van het systeem wordt niet gevormd door de eigenschappen van de
individuen die deel uitmaken van het systeem, maar door de betrekkingen die deze
individuen onderling met elkaar onderhouden en het patroon dat die betrekkingen
met elkaar vormen. Een systeem heeft een structuur.
1
,Het “kader” en de “context” als kernbegrippen
Begrippen van de systeemtheorie zijn abstract.
Wanneer een bepaalde wetenschap objecten met behulp van de systeemtheorie
bestudeert:
o Wil men die objecten bestuderen in een breder kader, geplaatst in hun context.
o Wil men naar de dingen kijken via het meer omvattend geheel.
o Kan men een beter begrip van de sociale werkelijkheid krijgen indien men de
brede blik hanteert en probeert de dingen in een breed perspectief te zien.
o Ziet men eenvoudig meer wanneer men vanuit het geheel naar de delen kijkt
en de dingen probeert synthetisch of vanuit het geheel te benaderen.
o Probeert men de objecten te zien als onderdelen van en beïnvloed door het
systeem waarvan zij deel uitmaken.
o Gaat het om een wijze van benaderen waarbij men veel aandacht heeft voor
de structuur waarbinnen deze dingen hun plaats en hun onderlinge verband
hebben.
o Gaat het om “inclusief” denken en kijken, wat betekent dat men de omgeving
“meeneemt” in zijn wijze van kijken en benaderen.
De belangrijkste uitgangspunten van de systeemtheorie
De kern van de systeemtheorie kan worden samengevat in de volgende vijf principes:
Het geheel is meer dan de som van de delen
Het systeem heeft een eigen karakter dat niet te herleiden is tot de eigenschappen
van de delen.
Vroeger werd deze omschrijving al in de groepsdynamica gehanteerd:
o De groep is meer dan de som van haar delen.
Voorbeeld:
o De groep heeft een bepaald karakter en kan als energiek, coöperatief of sterk
samenhangend worden getypeerd.
2
,Binnen het systeem (geheel) zijn de delen van elkaar afhankelijk
In een systeem hangt alles met alles samen:
o De verandering heeft in een systeem een heel eigen karakter.
Als er in een systeem iets verandert, komt het gehele systeem in beweging.
Voorbeeld:
o Door de vermaatschappelijking van de zorg worden bedden in ziekenhuizen
afgebouwd ten voordele van de thuiszorg die verder uitgebouwd wordt.
Het systeem bepaalt in belangrijke mate het gedrag van de individuen
Ieder gedrag van een individu wordt bepaald door het systeem en de omgeving.
Sommige mensen hebben de weldadige ervaring in een team te werken dat het
beste in hen naar boven haalt.
Anderen hebben het slechter getroffen:
o Hun kwaliteiten worden in hun werksituatie niet zichtbaar omdat ze het
mikpunt zijn van pestende en sarrende collega’s.
Voorbeeld:
o Iris werkt sinds kort op een dienst chirurgie. Ze heeft soms last van stotteren
en dit neemt toe als ze zich nerveus voelt. Iris voelt zich als nieuwe collega
heel sterk opgevangen door het team. Het valt haar op dat ze de laatste tijd
op het werk weinig stottert.
Het systeem probeert zich op allerlei manieren aan te passen aan
zijn omgeving, omdat het wil overleven
Een systeem adapteert zich steeds aan de omgeving om te overleven.
Voorbeeld:
o Een bedrijf doet marktonderzoek om in te spelen op de wensen van de
consument. Een organisatie stelt haar doelen bij als blijkt dat de oude doelen
niet meer voorzien in de behoeften van de samenleving.
3
, Een systeem heeft de eigenschap zichzelf te handhaven en te
blijven voortbestaan wanneer het eigenlijk geen recht van
bestaan meer heeft
Ieder systeem tracht zich te handhaven:
o Een kwestie van overleven en blijven voortbestaan.
Voorbeeld:
o Een eerstelijnsorganisatie werd overbodig toen de regering bepaalde dat de
hulpverlening aan allochtonen vanaf een bepaald moment tot de reguliere
taken van het algemeen maatschappelijk werk zou gaan behoren. De
instelling heeft zichzelf toen gepositioneerd als een tweedelijnsinstelling, die
zich ten doel stelde de deskundigheid te bevorderen van
eerstelijnszorgverleners op het gebied van de hulpverlening aan allochtonen.
Kenmerken van open systemen
Niveaus waarop systemen en delen geformuleerd kunnen worden
De niveaus waarop systemen en hun delen worden geformuleerd, variëren van
situatie tot situatie en worden in eerste instantie bepaald door de belangstelling en
behoefte van degene die het systeem beschrijft en bestudeert.
Het flexibele karakter van het systeembegrip maakt dat de gebruiker het niveau
waarop hij het systeem definieert zelf mag bepalen:
o Keuze moet zinvol zijn.
o Moet tot inzicht leiden.
o Erop gericht zijn dat ze de gebruiker een beter zicht op en het begrip van het
systeem biedt.
Voorbeeld:
o Gezinnen worden door de gezinszorgverlener opgevat en benaderd als
systemen terwijl ze in de ogen van de verpleegkundige gelden als delen van
het wijksysteem.
Het tijdselement
Een systeem heeft altijd een zekere wordingsgeschiedenis die een bepaalde tijdsduur
impliceert.
Voor een systeem zijn een bepaalde onderlinge afhankelijkheid en onderlinge
structuur nodig. De totstandkoming vraagt een zekere tijd.
4