Parathyroïdectomie
1. Oorzaak
Vaak een een ongewenste e.ect bij chirurgie van de schildklier
2. Verloop
De hoeveelheid parathormoon is onvoldoende à calciëmie daalt à tetanie
ð spierspasmen (o.a. laryngopasmen) dit kan leiden tot verstikking (asfyxie)
Hyperparathyroïde (bv tumor van parathyroïden)
1. Verloop
Calciëmie neemt toe à gevaar voor calcificatie van weke organen en het ontwikkelen van nierstenen
Rachitis (kinderen) of hypocalciëmie
1. Oorzaak
Te kort aan vit D à onvoldoende verkalking van de beenderen
ð rachtitis = gemakkelijk vervormen
ð demineralisatie
2. Preventie
Als supplement gegeven (colecaliferol) in de voeding toegevoegd
Osteïtis deformans (ziekte van Paget) , een vaak voorkomend skeletziekte
1. Verloop
Reorganisatie van de structuur van beenderen à makkelijker breken van beenderen
2. Behandeling
Biotechnologisch aangemaakt calcitonine (deze pakt ook hypercalciëmie aan)
- humaan calcitonine
- calcitonine van zalm (salcatonine, 20x actiever dan humaan)
Tenosynovitis
1. Oorzaak
door trauma / overbelasting à ontsteking van de peesscheden
2. Behandeling
farmacologisch gekozen voor ontstekingsremmer
studentenelleboog: pijn ter hoogte van olecranon door ontsteking / bloeding in de slijmbeurs ter hoogte
van de tip van de elleboog als gevolg van trauma, herhaald buigen of leunen op de elleboog
Lage rugpijn zie p19-21
,Bursitis
1. Oorzaak
= acute / chronische onsteking van de bursa door trauma, infectie, reumatoïde artritis
Gevolg van buitengewoon sterke belasting van gewricht
2. Symptonen
Gepaard met een lokale ontsteking en opstaling van vocht
resulterend in pijn, zwelling en beperkte beweegelijkheid van het gewricht
3. Behandeling
farmacologisch gekozen voor een ontstekingsremmer
+ punctie om vocht/bloed uit de bursa te verwijderen
eventueel infiltratie met corticosteroïden
Als laatste optie: chirurgisch verwijdering
Geknelde zenuw en/of Carpaal tunnel syndroom
1. Oorzaak
Bij zwelling van structuren rondom de tunnel
of bij zwelling van peesscheden door ontsteking
2. Symptonen
Pijn, verdoofd gevoel, tintelingen vingers behalve pink
voornamelijk tijdens nacht (carpaal tunnel syndroom)
Osteoporose = systematische skeletale aandoening
1. Oorzaak / symptonen
lage botmassa + micro-architecturale aantasting van botweelfsels à botfragiliteit en gevoeligheid
voor fracturen
diagnose door botdensitometrie (DXA, Dual-energy X-ray Absorptionmetrie) of BMD (laag)
2. risicofactoren
Vroege menopauze door daling van oestrogeen die helpt bij botopbouw
Lage Ca-inname via voeding
roken, alcohol, weinig lichaamsbeweging (door verminderde mechanische stress à collageenvezels
en minderalen minder ingebouwd in beenderen)
3. Behandeling
DOEL: oplopen van fracturen verkleinen door skelet te versterken en valsrisico te verminderen
algemene maatregelen kunnen verlies van botmassa vertragen maar BMD niet herstellen
suplementatie van Ca en vit D alleen e.ectief bij patiënten met tekorten
valpreventieprogramma’s: oefenprogramma voor spierversterking + balanstraining + correctie van
visuele beperking
farmacologisch (voor mensen met hoog risico, gebaseerd op klinische inschatting + patiëntvoorkeur,
leeftijd, nierfunctie, grootte risico op facturen)
bisfosfaten = inhibitoren van de osteoclastische botresorptie
, Osteoartritis of artrose = degeneratieve gewrichtsaandoening (inflammatoir systematisch)
1. Oorzaak
Invaliditeit / chronische gewrichtspijn (belangrijkste oorzaak bij volwassenen wereldwijd)
mechanische overbelasting in een gewricht
2. Verloop (progressief en evoluerend)
aandoening van de synoviale gewrichten:
I. stress op kraakbeen
II. kraakbeen aangetast en afgebroken. Volwassenen: een beperkt regeneratie kraakbeen
III. soort kraakbeen littekenweefsel met minder elasticiteit + schockdempend
IV. meer druk op het onderliggend bot en vorm verandert
als reactie worden er osteofyten gevormd die de contactopp vergroot om druk te verminderen
PROGRESSIEF PROCES, DIT VOLGT ELKAAR STEEDS OP
3. Symptonen / risicofactoren
pijn (op beweging en belasting gewricht), stijfheid, zwelling
kortdurende stramheid na rust
kraakbeenaandoening “whole-organ-disease” met bijkomende structurele verandering (à
bewegingsbeperking)
beenmergoedeem, laagradige synovitis1 meniscusletsel, verzwakking van ligamenten, spierzwakte …
meestal heup, knie, wervelkolom, voeten (grote teen)2
risicofactoren
- spierzwakte
- statieafwijking van ledematen
- overgewicht
4. Behandeling (ongeneeselijk)
vermeden door overgewicht en voldoende beweging3 en educatie (ongeacht leeftijd, ernst of
cormobiditeit aangeraden)
> niet voldoende? passieve strategieën (zool/ schoen advies) en farmacologie
start: meestal paracetamol, orale en transdermale opiaten/ opioïden
knie astrose - topicale non-steroïdale anti-inflammartoire medicatie (diclofenac)
of intra-articulaire corticosteroïden (methylprednisolone) en hyaluronzuur-injecties (afh van
comorbiditeiten)
heup- of polyarticulaire atrose - intra-articulaire corticosteroïden (methylprednisolone) en
hyaluronzuur-injecties
gastro-intestinale comorbiditeit - orale COX-2selectieve NSAIDs met proton pomp inhibitoren
(pantroprazole)
frailty of cardiovasculaire comorbiditeiten – orale NSAIDS
initiële conservatieve therapie faalt à gewrichtsvervangende chirurgie
1
inflammatie van het gewrichtskapsel
2
Hallux rigidus: progressieve bewegingsbeperking door artrose van het basisgewricht van de grote teen, vaak
ontstaan bij een asafwijking (hallux valgus); bevorderd door knellend schoeisel en het dragen van hoge hakken.
3
kraakbeen bevat geen capillairen, maar wordt gevoed door synoviaal vocht dat in het kraakbeen geperst wordt onder
invloed van mchanische druk tegen beweging => belang van een goed balans ts beweging en belasting