• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 87 pagina's
Samenvatting

Samenvatting rechtsvinding, 16/20 eerste zit

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 87 pagina's

Volledig studiedocument voor de cursus Rechtsvinding aan de Universiteit Gent, gebaseerd op lesnotities Deel I tot V. Het is een samenvatting obv mijn notities en het boek. Stuur gerust een bericht bij vragen.

Voorbeeld van de inhoud

Rechtsvinding
Volledig studiedocument op basis van de lesnotities (Deel I tot V)


Rechtsvinding: Deel I
Twee perspectieven op juridische uitlegging (studiedocument op basis van de lesnotities)

Hoofdstuk 1. Uitlegging: begripsomschrijving
1.1 Uitlegging / interpretatie
• = Activiteit waarbij een brongeheel en een doelgeheel met elkaar in verbinding worden geplaatst.
• = Een betekenis/inhoud toeschrijven aan een interpretatievoorwerp.
• = Activiteit die het interpretans (= betekenis/inhoud) koppelt aan het interpretandum (= wat geïnterpreteerd wordt).
Element Synoniem Inhoud
Brongeheel Interpretandum = Wat geïnterpreteerd wordt
uitleggings-/interpretatievoorwerp
Doelgeheel Interpretans De betekenis die je hecht aan het interpretandum
Activiteit De uitlegging Niet het resultaat van de interpretatie, maar de
handeling
Opgelet: “een geschreven tekst” of “een gebaar” kan zowel brongeheel als doelgeheel zijn.
• Iemand moet “konijn” uitbeelden en springt gehurkt rond. Voor de uitbeelder = doelgeheel (gehurkt rondspringen is voor
hem de betekenis van een konijn). Voor wie raadt = brongeheel (zij moeten betekenis geven aan het gebaar).
• Iemand zwaait naar je op straat: het gebaar = brongeheel; jij moet er betekenis aan hechten (nl. “hallo”).
Vergelijk: het begrip “definitie”
“Hond” = “zoogdier uit de familie van de hondachtigen dat blaft en dat tot huisdier is gemaakt vanwege zijn talenten om te jagen en te
waken” (Van Dale).
Begrip Inhoud Voorbeeld
Definiens De betekenis “zoogdier uit de familie van de hondachtigen
… te waken”
Definiendum Voorwerp van de definitie “hond”
Definitie Het geheel = toeschrijving/koppeling van definiens aan
definiendum

Nieuwe term: de referent (semiotische driehoek)




Semiotische driehoek (teken “hond”)
• De semiotische driehoek reikt een bijkomende manier aan om de verhouding tussen interpretans en interpretandum te
verduidelijken en introduceert de referent.
Hoek Inhoud
Interpretandum Het Chinese teken (links)
Interpretans De mentale voorstelling van het teken (boven)
Referent De buitentalige realiteit waarvoor het teken staat (rechts). Er is maar 1 referent; die kan verschillen
van wat jij in je hoofd hebt: hoor je “hond”, dan zie jij een specifieke soort hond, maar die stemt niet
noodzakelijk overeen met wat bedoeld wordt

,1.2 Concrete vormen van interpretatie
1. Semantische interpretatie
2. Pragmatische interpretatie: (a) explicaturen, (b) implicaturen, (c) rechtsgevolgeninterpretatie
Semantische interpretatie Pragmatische interpretatie
Soort betekenis Woord- of zinsbetekenis; letterlijke betekenis die Uitingsbetekenis; niet-letterlijke zender- of
op zichzelf staat ontvangerbetekenis
Interpretans Beperkt tot cognitieve handelingen Ook volitieve handelingen
Contextafhankelijk Nee Ja
Soort redenering Deductief Abductief
Karakter interpretatieproces Algoritmisch of mechanisch Argumentatief
Soort uitspraak Verifieerbare uitspraak; apodictische uitspraak Waarderingsuitspraak; dialectische uitspraak
Soort wijsheid Theoretische wijsheid (sophia) Praktische wijsheid (phronesis)
3 kenmerken (semantisch vs pragmatisch):
1. Het interpretans is beperkt tot cognitieve handelingen ↔ volitieve handelingen.
2. Het semantische interpretatieproces is een geldige deductieve redenering ↔ abductieve redenering.
3. Het resultaat van semantische interpretatie is een verifieerbare uitspraak ↔ waarderingsuitspraak.
Semantische interpretatie
• Doelgeheel = cognitieve handelingen = het vermogen om kennis te nemen van de relevante taalkundige conventies.
– Bv. om tot het interpretans te komen moet je gewoon het woordenboek kunnen openslaan en kijken wat het
woord betekent (= het vermogen).
– Bv. om een sudoku op te lossen heb je enkel kennis van de sudokuregels nodig + logisch redeneren.
• Semantische betekenis = vermogen + effectieve kennis.
• Cognitieve handeling = handeling die louter bestaat uit de koppeling vermogen + effectieve kennis. Dus: geen eigen keuze (=
geen volitieve handeling).
• Je kan zwart op wit bepalen wat het woord betekent (geen context).
• Illustratie: “Zou u uw arm willen uitsteken? Prima, dank u.” Semantische betekenissen = betekenissen van uitdrukkingen los
van de context; brengt in kaart naar welke referenten uitdrukkingen verwijzen, zoals in het woordenboek: (1) toestand van
armoede; (2) een van de bovenste ledematen van het menselijk lichaam; (3) de leuning van een zitmeubel waarop het
bovenste lidmaat kan rusten.
Deductieve redenering
• = Redenering waarbij enkel de vorm juist moet zijn; of de redenering steekhoudt (inhoudelijk), is irrelevant.
• = Redenering waarbij je tot de juiste conclusie komt louter door kennis te hebben van de relevante conventies.
• Gevolg: de uitspraak is ofwel juist ofwel fout (niet echt de realiteit; we kijken enkel naar de regels).
• Bv. “Als A geldt, dan geldt ook B. A geldt. Dus B geldt”, ongeacht wat A en B betekenen. “Als de zon een kubus is, dan heeft
een aap 18 levens. De zon is een kubus. Dus een aap heeft 18 levens.” Deductief geldig, want de vorm klopt.
Soort uitspraak Inhoud Voorbeeld
Apodictisch Noodzakelijk waar = hoogste 2+2 is altijd 4; geen context die dat verandert
graad van zekerheid
Verifieerbaar Juist of fout “Het teken ‘arm’ denoteert in het Nederlands ‘een wapen’” ⇒ fout:
staat niet zo in het woordenboek; uit de taalkundige conventies van
het Nederlands kan je met zekerheid zeggen dat dit fout is
• Theoretische wijsheid (nodig om verifieerbare uitspraken te doen) = kennis van een set argumenten (bv. regels van de
logica, wiskunde, taalkundige conventies) nodig om verifieerbare uitspraken te rechtvaardigen. Bv. ik kan met zekerheid
zeggen dat “2+2=4” waar is omdat ik over theoretische wijsheid inzake wiskunde beschik.
Pragmatische interpretatie
• Je moet zelf betekenis hechten en rekening houden met de omstandigheden; eenzelfde woord kan pragmatisch iets
helemaal anders betekenen.
– Bv. een bos bloemen: een partner geeft bloemen om excuses aan te bieden; een wielrenner wint een
kampioenschap en krijgt bloemen.
• Herbert Paul Grice (20ste eeuw): communiceren = actieve samenwerking tussen zender en ontvanger.
• Geen woorden of zinnen in isolatie, maar hun betekenis voor de concrete gebruiker (zender/ontvanger).
– Pragmatische interpretatie brengt in kaart wat met een bepaalde uiting bedoeld wordt (“arm” betekent
vermoedelijk een ledemaat en geen armoede).

, – Onderscheid zender en ontvanger! Het is niet omdat de zender iets bedoelt, dat de ontvanger het ook zo ziet.
Illustratie: een jongen geeft bloemen als liefdesuiting; het meisje vindt ze lelijk en voelt zich minderwaardig.
Volitieve handelingen: bij elke pragmatische interpretatie worden keuzes gemaakt:
Keuze Inhoud Voorbeeld
1) Contextkeuze De uitlegger kiest uit alle mogelijke omstandigheden Een advocaat moet weten welke elementen relevant
die welke relevant zijn voor zijn interpretatie zijn om zijn cliënte te verdedigen
(explicatuur, implicatuur, rechtsgevolgeninterpretatie)
2) Maatstafkeuze De uitlegger kiest de maatstaf (criterium) op basis Opgelet: bij implicaturen is het onmogelijk in abstracto
waarvan de uitlegging gebeurt. Maatstaf bij te kiezen welke implicatuur de voorkeur verdient, maar
implicaturen en explicaturen = de mate waarin de er zijn wel richtlijnen om te bepalen dat bepaalde
keuze bijdraagt tot een zinvolle betekenis van de uiting interpretaties niet stroken met de bedoeling van de
zender (zie juridische richtlijnen)
Abductieve redenering
• = Redenering waarbij de inhoud van belang is; de conclusie kan enkel overtuigend zijn als de inhoudelijke informatie
steekhoudt. Geen alles-of-niets: extra informatie kan de realiteit nog veranderen.
• Illustratie: “Als A B met een mes heeft gedood, dan is B’s bloed in die kamer te vinden. B’s bloed is in die kamer te vinden.
Dus: A heeft B met een mes gedood.” Niet deductief geldig (omgekeerd geredeneerd), maar mogelijk wel abductief geldig als
de informatie steekhoudt.
Soort uitspraak Inhoud
Waarderingsuitspraak De beoordelaar maakt keuzes (volitieve handeling), waardoor de uitspraak niet waar of
onwaar is maar in zekere mate overtuigend
Dialectische uitspraak De zender probeert zijn gesprekspartner (ontvanger) te overtuigen van wat hij denkt
• Praktische wijsheid = kennis van de argumenten (in een praktische/realistische context) die waarderingsuitspraken
rechtvaardigen.
• Context = kader dat een interpretandum omringt en hulpmiddelen aanreikt die dienstig zijn voor de interpretatie ervan.
Context Inhoud Voorbeeld
Taalkundig Zelfde woord, andere pragmatische betekenis “De vorst stierf van verdriet” vs “de vorst heeft grote
naargelang de context schade aangericht aan de bloesems in mei”
Niet-taalkundig Ruimer geheel van omstandigheden; allerlei vragen Culturele context: Belgen weten niet welk geslacht een
om de context te begrijpen: wie, wat, waar, driehoek en een rondje in Polen voorstellen
wanneer

De drie vormen van pragmatische interpretatie
Explicatuur Implicatuur Rechtsgevolgeninterpretatie
Uitlegger kiest voor de meest Semantische betekenis Zenderbedoeling Rechtsgevolgen
gepaste…
Focus op… Wat expliciet gezegd is Wat impliciet bedoeld is De gevolgen die het recht hecht aan
het interpretandum
Verhelpt… Meerduidigheid Vaagheid Vaagheid
Explicaturen = de uitlegger kiest de meest gepaste semantische betekenis van een woord.
• Taalkundige context: bv. de keuze om “vorst” te begrijpen als koning (de semantiek geeft het lijstje van alle betekenissen van
“vorst”).
• Niet-taalkundige context: bv. “ik heb echt een probleem met die tang”: gereedschap, of een irritante vrouw (zoals “Hilde”).
• Focus op de woorden die expliciet gebruikt zijn en wat expliciet gebeurd is.
• Mogelijk bij meerduidigheid: “vorst”/“arm” hebben meerdere referenten.
• Zekerheid: meer duidelijkheid; je kiest tussen de semantische betekenissen.
Implicaturen = wat is de impliciete bedoeling van de zender?
• “Zou u uw arm willen uitsteken?” neem je niet letterlijk (anders antwoord je “ja” of “nee”): de zender vraagt om iets fysiek
te doen, hoewel het letterlijk een ja-neenvraag is.
• Implicaturen horen bij de exegetische scholen: zij gaan ervan uit dat de inhoud van het recht samenvalt met de bedoeling
van de zender (= de wetgever, en de rechters die het recht interpreteren). Recht = implicatuur van wetgever en rechters.
Deze scholen leggen uit wat de zender bedoelt: de zender heeft iets in het interpretatievoorwerp gestoken en jij moet het
eruit halen.
• Vaagheid = onduidelijkheid over waar precies de grens ligt tussen de gevallen die de uitdrukking wel en niet denoteert (val je
onder de uitdrukking of niet?).

, – Bv. “kaal” = iemand zonder haar; valt iemand met 150 haren onder “kaal”? Zegt een arts die zich zorgen maakt om
huidkanker “kale mensen moeten een hoed dragen”, dan was de persoon met 150 haren een randgeval, maar de
implicatuur verduidelijkt dat hij onder “kaal” valt.
Verhouding explicaturen en implicaturen
• Om een uitspraak te begrijpen: explicatuur = welke semantische betekenis (niet voldoende, want de bedoeling van de
zender is nog niet duidelijk); implicatuur = weten wat de zender bedoelt (wie, wat, wanneer gezegd?).
• Illustratie: A vraagt B hoe het feestje was. B: “Er was niet genoeg drank, iedereen is vroeg vertrokken.”
– Explicatuur: drank = sterke drank (niet eender welke vloeistof); iedereen = alle mensen van een bepaalde groep;
“vroeg” = tijdstip van de dag (niet van “vragen”).
– Implicatuur: welke groep? Niet de hele wereld maar iedereen op het feestje. “Vroeg” is vaag: 16u of 22u? Als B al
om 21u gaat slapen, bedoelt hij impliciet 16u = implicatuur.
– Bovendien is het hele antwoord van B een implicatuur: hij antwoordt niet rechtstreeks op de vraag of het feestje
goed was.
Rechtsgevolgeninterpretatie
• = Interpretatie die de betekenis van het recht in een concreet geval bepaalt = uitspraak over de rechtsgevolgen die het
recht volgens de uitlegger hecht aan het interpretandum in een concrete situatie. Om de maatstaf te bepalen moet je 10
vragen beantwoorden (zie verder).
• Illustratie: (1) je vader zegt tijdens het rijden dat je te snel rijdt: implicatuur = je bent gevaarlijk (hij kijkt niet naar een
overtreding van het recht). (2) Een politieagent zegt dat je te snel rijdt: implicatuur = je handelt niet in overeenstemming
met het recht en riskeert een boete = rechtsgevolgeninterpretatie.
Visie Verhouding implicatuur en rechtsgevolgeninterpretatie
Exegetische scholen Uitleg van het recht = enkel nagaan wat de zender bedoelt: de rechtsgevolgeninterpretatie is
enkel een implicatuur van een specifieke zender (de wetgever)
Onthullende constructivisten (zie Rechtsgevolgeninterpretatie > implicatuur: ook wetgever en rechter zijn onderworpen aan
later) het recht, waardoor hun bedoelingen niet altijd rechtsgevolgen teweegbrengen

1.3 Waarom al die vormen van interpretatie?
• Maatstafrichtlijnen volgen waar ze aanwezig zijn, en erkennen wanneer ze er niet meer zijn.
– Alles onder één noemer brengen alsof de uitlegger nooit een keuze maakt (slechts “bedoeling van de zender”)
leidt tot: geen maatstafrichtlijnen waar ze wel aanwezig zijn; geen kritische discussie over de gemaakte keuzes.
• Helpt om de juiste vragen te stellen. Bv. beleidsoverwegingen (welke impact heeft mijn uitlegging op het klimaatbeleid?) zijn
niet relevant voor de semantische betekenis of de explicatuur, maar (mogelijk) wel voor de rechtsgevolgeninterpretatie.
Onthoud: volgens de exegetische school vallen explicaturen en rechtsgevolgeninterpretatie samen (reden: wet = recht). Maar is wat
de wetgever bedoelt altijd in overeenstemming met het recht? Neen, dus wel onderscheid (zie valstrik 3).

Hoofdstuk 2. Juridische uitlegging: doel, voorwerp, methode en subject
2.0 Oefening: context- en maatstafkeuze
Partijen sluiten een contract voor staal tegen een vaste prijs. Tijdens de looptijd stijgen de staalprijzen extreem (inflatie, schaarste,
importheffingen). Een partij vordert uitvoering, de andere roept gewijzigde omstandigheden in. De rechter houdt enkel rekening met het
contract en de uitgewisselde berichten; andere informatie (rapporten van internationale organisaties over de staalmarkt) blijft buiten
beschouwing. Hij interpreteert contract en berichten door na te gaan wat partijen wellicht bedoeld hebben; hij weigert naar eigen
inzicht te bepalen wat billijk zou zijn. Is er sprake van (A) zowel een context- als een maatstafkeuze; (B) geen van beide; (C) enkel een
contextkeuze; (D) enkel een maatstafkeuze?
Antwoord: A.
Keuze Inhoud In de casus
Contextkeuze Alle info die je relevant acht in deze context; De rechter houdt enkel rekening met het contract en de
daarvoor maak je keuzes berichten; een stuk van de context (rapporten van
organisaties enz.) laat hij weg
Maatstafkeuze Het criterium kiezen waarop je je uitleg baseert = De rechter interpreteert naar wat partijen bedoeld hebben,
welk criterium je gebruikt om tot een en niet naar wat hij zelf billijk vindt (zie valstrik 4). Deze
rechtsgevolgeninterpretatie te komen maatstaf beïnvloedt hier de contextkeuze

2.1 Overzicht
Vraag Inhoud
Doel Waar streeft uitlegging in een juridische context naar?
Voorwerp Welke beperkingen zijn er qua juridische interpretanda?

Documentinformatie

Geüpload op
5 oktober 2026
Aantal pagina's
87
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
€13,98

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Verkocht
43
Volgers
3
Items
4
Laatst verkocht
1 maand geleden



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen