Situatie:
mw. S zit in een vergevorderde vorm van dementie alzheimer, hierdoor heeft mw. het
gevoel van onveiligheid, heeft continue nabijheid nodig van de zorgmedewerker.
Mw. heeft last van angst waarvoor medicatie is voorgeschreven.
De overbelasting bij zorgmedewerkers komt doordat mw. de continue nabijheid nodig
heeft, maar er ook nog 5 andere zorgvragers op de afdeling zijn die aandacht nodig
hebben en waar zij recht op hebben.
Als mw. angstig wordt of een gevoel van onveilig ervaart, begint zij te roepen
“joehoe” dit gaat steeds harder, het moment dat mw. al zo ver in het roepgedrag zit is
mw. hierin ook niet meer te corrigeren en roept ook als de nabijheid wel geboden
wordt.
Hiervoor heeft mw. medicatie in een lichte vorm die zo nodig gegeven kan worden.
De medicatie helpt niet afdoende en hiervoor is de contactverzorgende nauw in
contact met de psycholoog en de arts van de afdeling.
Zondag 08-11-2020 was een situatie dat mw. niet meer te corrigeren is in het
roepgedrag, mw. zit in de woonkamer en blijft roepen. Ik zit naast mw. en ik merk
aan mw. dat zij onrustig wordt en ik ben in gesprek met mw. dit ervaart mw. als
prettig maar begint uiteindelijk toch te roepen door het gesprek heen.
Mw. blijft ook praten tegen andere medebewoners en op het moment dat zij iets
terug zeggen of tegen elkaar gaan praten, schreeuwt mw. naar hen dat ze stil
moeten zijn.
De situatie is onhoudbaar en niks lijkt te helpen.
Soort crisissituatie:
Deze situatie valt onder overbelasting voor medewerkers, angst bij de zorgvrager,
vergevorderde dementie, claimend gedrag ( veiligheid vragend vanuit zorgvrager)
Op welke manier heb ik ingegrepen:
Ik heb mw. betrokken bij de andere bewoners en naast mij aan tafel gezet, ik heb
mw. de één op één begeleiding geboden waar mw. behoefte aan heeft.
Ik heb toen dat niet werkte mw. op haar kamer begeleid om te verschonen, dit
gebeurd op bed, mw. wordt namelijk ook onrustig bij urine of def productie.
Ik heb mw. na de verdorging drinken aangeboden, daar ik altijd eerst de terug ga
naar de basisbehoefte van de mens ( eten/drinken/urine/ontlasten/veiligheid)
Toen dit alles niet hielp heb ik mw. op de kamer begeleid om de rust te creëren voor
de medebewoners en heb mijn collega erbij gehaald om de medicatie voor zo nodig
te geven aan mw.
Ik heb geprobeerd om op een zo juist mogelijke manier te handelen voor het bestwil
van mw. maar omdat ik nog 5 andere zorgvragers had die overprikkeld waren door
mw. haar geroep en geschreeuw tegen hen, heb ik ervoor gekozen om mw. S uit de
situatie te halen en naar de kamer te begeleiden.