Samenvatting: Materiële en Financiële Vaste
Activa
Vennootschapsboekhouden — Uitgebreide overzichts- en studiegids met voorbeelden (Module 3 &
4)
Inleiding: In het vennootschapsboekhouden vormen de Vaste Activa de bezittingen die duurzaam (langer dan één
jaar) in de onderneming aanwezig zijn om de bedrijfsactiviteit te ondersteunen. In deze gids bespreken we twee
belangrijke categorieën van de balans: Materiële Vaste Activa (Rubriek III) en Financiële Vaste Activa (Rubriek
IV).
Deel 1: Module 3 — Materiële Vaste Activa (Rubriek III)
1.1 Wat zijn Materiële Vaste Activa (MVA)?
Materiële vaste activa zijn tastbare (lichamelijke) middelen die de vennootschap gebruikt voor haar normale
bedrijfsuitoefening, voor verhuur aan derden of voor administratieve doeleinden, en die duurzaam aan het bedrijf
verbonden blijven. Ze worden op de balans ingedeeld onder Rubriek III.
Rubriek & Rekening Omschrijving Praktijkvoorbeelden
III.A (22) Terreinen en gebouwen Bouwgronden, fabriekspanden, magazijnen,
kantoren.
III.B (23) Installaties, machines & uitrusting Productielijnen, verpakkingsmachines, hijskranen,
labo-uitrusting.
III.C (24) Meubilair en rollend materieel Bureaustoelen, kasten, vrachtwagens,
bestelwagens, personenwagens.
III.D (25) Leasing en soortgelijke rechten Geleasede machines of voertuigen waarbij het
gebruiksrecht geactiveerd is.
III.E (26) Overige materiële vaste activa Woonhuizen, kunstwerken, niet-in-bedrijf zijnde
activa.
III.F (27) Activa in aanbouw & vooruitbetalingen Een fabriek in aanbouw, voorschotten aan
aannemers.
1.2 Hoe komen MVA op de balans? (Verwerving)
Materiële vaste activa worden op de balans opgenomen tegen hun aanschaffingswaarde. Afhankelijk van de
manier waarop de onderneming het actief verkrijgt, onderscheiden we drie hoofdvormen:
• Aankoop bij derden (Aanschaffingsprijs): Aankoopprijs + bijkomende niet-terugvorderbare kosten (zoals
transport, installatiekosten, niet-terugvorderbare btw) + eventuele geactiveerde intercalaire intresten.
• Zelf geproduceerd / Eigen werken (Vervaardigingsprijs): Directe kosten (grondstoffen, loonkosten arbeiders)
+ eventuele indirecte productiekosten + eventuele intercalaire intresten van een lening tijdens de bouwperiode.
Dit wordt geactiveerd via de opbrengstrekening 720000 Geproduceerde vaste activa.
• Aanschaffing door ruil: Gewaardeerd tegen de marktwaarde van het afgestane actief (+/- eventuele opleg).
Het verschil met de boekwaarde vormt een realisatiemeerwaarde of -minderwaarde.
Pagina 1