EXAMEN: schriftelijk op de PC
- Stellingen (6pt)
- Theorievragen (4pt)
- Casussen (10pt)
INLEIDING (LEES P 1- 20) Waarover gaat het?
Verbintenissenrecht is de “Moeder van het recht” = in de rechtsleer
- Kern van het privaatrecht: regelt rechtsverhoudingen tussen individuen = basis van het privaatrecht
• Veel vakken bouwen voort op het verbintenissenrecht
• (>< publiek recht: regelt rechtsverhoudingen tussen overheid en individuen)
- Individu: titularis van subjectief recht (NP of RP)
• Bv. Ik verkoop fiets aan buurman = contract tussen 2 NP
• Bv. Ik onderga een contract met Telenet = RP = contract tussen 1 NP en 1 RP
Een verbintenis = de juridische band die ontstaat tussen rechtssubjecten en die inhoudt dat een
persoon zich t.o.v. een andere persoon engageert of ertoe verplicht een bepaalde prestatie te leveren
(iets te geven, te doen of niet te doen of iets te garanderen)
- Art. 5.1 BW: Definitie Verbintenis
- Een juridische afdwingbare verplichting tussen personen
Bronnen van verbintenissen
Art. 5.3, eerste lid BW: Bronnen van verbintenissen en draagwijdte van de bepalingen
- Uit de wet
- Verbintenissen uit eenzijdige (aanbod: bv in winkel) en meerzijdige rechtshandelingen (ovk) = een
handelingen die rechtsgevolgen beoogt
- Verbintenissen uit rechtsfeiten = een gebeurtenis waarbij u geen rechtsgevolgen beoogt maar
waarbij het recht er wel rechtsgevolgen aan gaat kleven: BCA (afzonderlijk vak, niet op focussen)
• Bv. iemand maakt krassen op je auto en je auto is beschadigd door een derde, die derde gaat
een BCA fout aan want je hebt geen contract met die derde -> hier vloeit ook een verbintenis
uit tot schadevergoeding in hoofde van de schadeverlening (dus er gebeurt iets (een
onrechtmatige daad) waar je schade van lijdt en in de BCA worden daar rechten aan
gekleefd)
- Oneigenlijke contracten: quasi-contracten (zaakwaarneming, onverschuldigde betaling en
ongerechtvaardigde verrijking)
Ingebakken in het dagelijkse leven – essentie van het menselijk leven
Denk bv. aan
- Aankoop brood (koopovk) - aansluiting bij internetprovider
- Gebruik Linkedin, Instagram, (voorwaarden accepteren) - opstellen testament
- Sluiten reis- en annulatieverzekering - aangaan huwelijk
- Aankoop smartphone - ….
Bijzondere status verbintenissenrecht
Doelstellingen verbintenissenrecht: wat wordt er beoogt met het verbintenissenrecht: uitgangspunten
- Bindende kracht overeenkomst m.h.o. op een efficiënt en rechtszeker verloop van het rechtsverkeer
• Pacta sunt servenda: een ovk bindt de partijen als wet
• Moet gerespecteerd worden door de partijen en de feitenrechter
- Contractsvrijheid, steunend op individuele vrijheid en autonomie (maar niet onbeperkt)
- Streven naar een Maatschappelijke rechtvaardigheid: in het wetboek de regels verankeren, zodat
partijen (die benadeeld worden) er altijd op kunnen terugvallen
1
,Recente evolutie van oud naar nieuw recht (voormalige MvJ Koen Geens)
- Regels van oud BW van 1804 achterhaald? De maatschappij is geëvolueerd.
- Maar rechtspraak heeft gezorgd voor evolutie, waardoor verbintenissenrecht de “tand des tijds”
relatief goed heeft doorstaan. Het HvC heeft veel nieuwe rechtsfiguren ingevoerd en regels verfijnd.
- Hoge verwachtingen van nieuw verbintenissenrecht, maar viel een beetje tegen.
Nieuwe Boeken 1 en 5 BW
- Totstandkoming ging niet zonder slag of stoot
- Wetsvoorstellen van 24 februari 2021
- Ruime consultatie m.b.t. Boek 5 BW: iedereen kon commentaren insturen
- Amendementen = aanpassingen
- Wetten van 28 april 2022, BS 1 juli 2022
- Inwerkingtreding: 1 januari 2023 = zeer recent
Temporele werking !! (belangrijk om te weten maar er komt geen examenvraag over)
(sommige contracten hebben een lange duurtijd bv huurcontracten en anderen zijn ogenblikkelijk bv het
kopen van een brood bij de bakker)
Boek 5 BW is van toepassing op alle rechtshandelingen en rechtsfeiten die plaatsvinden na 1 januari
2023. Tenzij partijen anders bepalen, blijft het oude recht van toepassing op:
- De toekomstige gevolgen van rechtshandelingen en rechtsfeiten die hebben plaatsgevonden voor 1
januari 2023.
- De rechtshandelingen en rechtsfeiten die hebben plaatsgevonden na 1 januari 2023 en die
betrekking hebben op een verbintenis ontstaan uit een rechtshandeling of rechtsfeit die hebben
plaatsgevonden voor 1 januari 2023.
Gevolg: oud en nieuw verbintenissenrecht zullen lange tijd naast elkaar bestaan!, zal nog zeker 30-40
jaar zo zijn (in dit vak enkel focus op nieuw verbintenissenrecht)
Boek 1 BW: “Algemene bepalingen” (wetgever heeft inspiratie gehaald uit wetboek in Nederland)
Principes:
- Transversale werking, maar van groot belang voor het verbintenissenrecht
• Van toepassing op heel het privaatrecht, op elke rechtstak, om te vermijden dat je in elk
boek apart regels moet herhalen
- Geeft definities van: bronnen, toepassing van wet in de tijd, rechtshandeling, wilsuiting,
kennisgeving, tijdsbepaling en voorwaarde, berekening termijnen, vertegenwoordiging, subjectieve
goede trouw, rechtsmisbruik, oogmerk om te schade, afstand van recht
- Gelaagde structuur (van algemeen naar bijzonder)
- Keuze voor algemeen begrippenkader verdient goedkeuring
Kritiek op Boek 1 BW:
- Vragen bij totstandkoming
- Summier wetboek (heel kort boek)
- Waarom worden bepaalde begrippen wel en andere niet gedefinieerd in Boek 1 BW?
Boek 5 BW: “Verbintenissen”
- Evolutie, geen revolutie (er is niet heel veel veranderd, wetgever heeft zich gebaseerd op het oude
verbintenissenrecht en op de rechtspraak)
- Kritische vragen: Gaat hervorming ver genoeg? Voldoende aandacht voor recente tendensen (bv.
duurzaamheid)? (verwachtingen waren hoog want na 200jaar een nieuw wetboek en er was eigenlijk
niet zoveel veranderd)
- Voldoende verantwoording voor gemaakte keuzes?
2
,Doelstellingen Boek 5 BW: wat heeft de wetgever beoogt met dit wetboek
Modernisering: het is een modern wetboek
- Terminologische vereenvoudiging: meer gender neutrale termen en begrippen die te begrijpen zijn
door leken
• Bv. voorzichtige en redelijke persoon ipv goede huisvader, ongerechtvaardigde verrijking ipv
verrijking zonder oorzaak, …
• Maar aantal moeilijke/verwarrende begrippen werden behouden (bv. oneigenlijke
contracten, wilsverhinderende dwaling…)
- Meer moderne en logische structuur: meer toegankelijkere structuur
- Inhoudelijke modernisering
• Nieuw evenwicht tussen wilsautonomie en rol van de rechter: wordt niet uitgelegd door
wetgever wat dit betekent
• Sancties op maat (bv. 1 clausule nietig dus heel de ovk nietig, maar nu niet meer zwart op
wit redeneringen er zijn nuances)
• Overdracht van verbintenissen, schuldvorderingen en contracten
- Toegankelijk voor de burger: want niet veel mensen lezen echt wetboeken
• Maar blijft een technische regeling
Coherentie en rechtszekerheid bevorderen:
- Codificatie van bestaande cassatierechtspraak
• maar HvC is geen wetgever maar heeft wel geprobeerd om rechtsfiguren te creëren dus deze
moesten gecodificeerd worden (want we hebben geen precedentenwerking)
• Vbn. Buitengerechtelijke ontbinding op partijverklaring, contracts- en
onderhandelingsvrijheid, misbruik van omstandigheden, enz.
- Vereenvoudiging van aantal regels
- Meer coherente structuur
• O.a. chronologische regeling van sluiten tot einde van ovk
Competitiviteit van het Belgische recht verhogen: BE één van de enige landen die nog met oude Code
Civil werkte en die nog niet aan hervormingen bezig was
- Als we een meer modern recht kiezen gaan mensen in contracten meer kiezen voor het Belgisch
recht = redenering van de wetgever
Aard van de wetsbepalingen: van dwingend recht of aanvullend recht? Kan je afwijken of niet?
- Algemene catch all bepaling in Boek 5 BW
Art. 5.3, tweede lid BW: De bepalingen van dit boek zijn van aanvullend recht tenzij uit de tekst of de draagwijdte ervan
blijkt dat ze geheel of gedeeltelijk een karakter van dwingend recht of van openbare orde hebben.
- Meeste bepalingen zijn van aanvullend recht, maar er zijn ook een aantal bepalingen die van
dwingend recht of van OO zijn of een deel van de bepalingen
- Je moet dus kijken naar de tekst of de draagwijdte ervan om dit te bepalen
- In een aantal bepalingen vermeld de wetgever het in de tekst
• Niettegenstaande enig anders luidend beding = van dwingend recht
Boek 1 BW: geen regeling over de aard van de bepalingen
- vergetelheid van de wetgever of bewuste keuze van de wetgever? Weten we niet, staat niet in MvT
- zelfde regeling als bij Boek 5 BW? Meeste van aanvullend recht tenzij uit de tekst blijkt dat het van
dwingend recht of OO is = kunnen we afleiden
3
, DEEL 1: Het begrip verbintenis en de soorten verbintenissen
Hoofdstuk 1: Het begrip verbintenis
Definitie verbintenis
Oud BW: vroeger geen definitie in oud BW, wel in RL:
A. rechtsband tussen personen
B. ontstaan uit een RH of een andere menselijke gedraging waaraan de wet of rechtspraak
rechtsgevolgen vastknoopt
C. met als voorwerp het doen ontstaan van in geld waardeerbare aanspraken
D. kan in rechte worden afgedwongen
Boek 5 BW: Artikel 5.1.BW Verbintenis
MvT (memorie van toelichting: parlementaire voorbereiding): klemtoon op juridische afdwingbaarheid
dan is het een verbintenis
- stel je hebt vnv afgesproken met een vriendin maar je bent niet komen opdagen, heb je de verbintenis
geschonden? Neen morele afspraak
- gentlemen’s agreement tussen 2 bedrijven is ook niet bindend want in se geen juridische verbintenis
geschonden
A. Rechtsband tussen personen
- Tussen minstens 2 personen (bv. Huurovk tussen huurder en verhuurder)
- Waarbij de ene een vorderingsrecht heeft op de andere (aanspraak jegens een persoon op een
bepaalde gedraging/ handeling) (bv. De huurder kan aanspraak maken op het huurgeld en de
verhuurder kan aanspraak maken op het rustige genot van het onroerend goed)
Verschil met zakelijk recht (cf. Goederenrecht – Nicolas Carette) :
- Een zakelijk recht geeft zeggenschap op een zaak
• vb. eigendom, vruchtgebruik
- <-> Een verbintenis: geeft een SE een aanspraak op een bepaalde gedraging (iets te doen, te geven of
garanderen)
- Verschil in geldingskracht: een zakelijk recht geldt erga omnes (iedereen moet dat respecteren bv. Je
bent eigenaar van een bouwgrond, niemand mag daar ineens een huis op gaan bouwen) en een
verbintenis heeft een relatief karakter inter partes (enkel betrekking op de partijen, alle anderen zijn
derden)
B. Ontstaan uit een RH of andere gedraging (zoals rechtsfeit)
- Een RH Art. 1.3. Rechtshandeling
• Je hebt de bedoeling om rechtsgevolgen te doen ontstaan
• Uit overeenkomst/ contract: rechtsband tussen minstens 2 personen (meerzijdige RH)
m.h.o. op het doen ontstaan van rechtsgevolgen
o Vb. koop, huur, …
• Uit eenzijdige RH: wilsuiting van 1 rechtssubject is voldoende
o vb. aanbod (de winkel doet je een aanbod op een goed)
- Een rechtsfeit: feiten waaraan rechtsgevolgen worden vastgeknoopt die niet beoogd werden door de
erbij betrokken personen
o Vb. fout (artt. 1382-1386bis), gebrekkige zaak,…
- Cf. art. 5.3 BW: of uit de wet of oneigenlijke contracten
Een verbintenis doet een rechtsverhouding ontstaan tussen een SE en een SA.
- De SE: de houder van het vorderingsrecht
- De SA: diegene die ertoe gehouden is het gevorderde na te leven (onder dwang van mogelijke
sancties die gelden bij het in gebreke blijven)
4