Examen arbeidsrecht
Titel 1 : algemeen
Les 1
Sociaal recht heeft twee onderdelen : arbeidsrecht en sociale zekerheidsrecht
o Arbeidsrecht = verhouding tss WG en WN en de arbeid die daarin w verricht
en hoe dat geregeld w
Hebben een model uitgebouwd in de 20ste eeuw waar collectieve onderhandelingen
cruciaal w veel onderhandelingen tss vakbonden en WG
Arbeidsrelaties zijn individueler geworden we kunnen vanuit thuis werken is
nog sneller gegroeid door corona
o We hebben nu veel meer individuele arbeidsrelaties terwijl vakbonden op het
collectieve gericht zijn daarom w gezegd dat vakbonden niet mee zijn met
hun tijdsgeest
o Doordat de mensen alleen gaan werken, w de grens tss WN zijn en zelfstandig
zijn vaak heel klein
o Plaatsonafhankelijk werken : je mag werken waar je wilt
o Die collectiviteit (iedereen kwam nr het werk) ligt onder druk
o Je kan ook veel te lang werken men zegt ‘maakt niet uit wnr of waar je
werkt, zolang je werk maar gdn is’ als je dan een opdracht krijgt dat veel
langer dan 8u duurt, werk je langer dan dat je zou moeten
o daarom is arbeidsrecht in de 21ste eeuw interessant want er zijn veel vragen
over de regeling vh thuiswerken
Voorbeeld 1 : dagen
o Art. 70 wet 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten : “De bediende
[...] behoudt het recht op zijn loon gedurende de eerste dertig dagen van
arbeidsongeschiktheid wegens ziekte of ongeval”.
o Art. 35, derde lid, wet 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten:
“Ontslag om een dringende reden mag niet meer [...] worden gegeven,
wanneer het feit ter rechtvaardiging ervan sedert ten minste drie werkdagen
bekend is aan de partij die zich hierop beroept”.
o Wat is een werkdag? :
Sinds 1 januari 2023 : artikel 1.7. § 3 Boek 1 “Algemene Bepalingen”
Maar zaterdag blijft werkdag in sociaal recht : artikel 20 § 1 Arbeidswet
& Wet 26 december 2022
Zaterdag is een werkdag! enkel zondag is geen werkdag
Dus 30 werkdagen omvat maar 6 dagen in de week
Voorbeeld 2 : ploegenarbeid
o Art. 17 Arbeidswet 16 maart 1971 : “De werknemers die arbeid verrichten in
opeenvolgende ploegen kunnen op zondag worden tewerkgesteld op
voorwaarde dat hun arbeid een keer per week wordt onderbroken gedurende
, een periode van vierentwintig opeenvolgende uren waarvan er ten minste
achttien op de zondag vallen.”
o Ploegenarbeid : werken de nacht (van 22u tot 6u), de vroege (van 6u tot 14u)
of de late (14u tot 22u) werken in opeenvolgende ploegen
Betekent vaak dat je werkt in een werk dat niet stil gelegd kan w
Bv. werken aan de haven, kerncentrale
Iedereen heeft recht op een rustdag ze moeten 1 keer een volledige
dag niet werken
Ze kunnen op zondag werken maar ze moeten wel 24u rust hebben
waarvan tenminste 18u op die zondag moet vallen betekent dat ze
kunnen tewerkgesteld w tot 6u ’s ochtends op die zondag of dat ze
beginnen om 22u op die zondag
Van 6u tot 14u mogen ze niet werken op zondag want dan
heeft men maar 16u rust men moet dus op zondag die
groepen anders indelen om aan die 18u rust te komen
Dus degene die van 6u tot 14u en van 14u tot 22u werken,
moeten andere shifts draaien
Hier w wel vaak van afgeweken
Voorbeeld 3 : semantiek
o “De werknemers, die zich niet inspannen, zullen worden ontslagen.”
o “De werknemers die zich niet inspannen, zullen worden ontslagen”.
o in geval 1 worden alle WN ontslagen
Les 2
Ontstaan en finaliteit van het arbeidsrecht
Historische inleiding
Arbeidsrecht is een jonge rechtstak
o Er was vroeger geen arbeidsrecht omdat er slaven waren
Franse Revolutie : introductie van vrijheid van nijverheid
Decreet d’Allarde van 2 maart 1791
Absolute vrijheid : vrijheid om arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden te bepalen
o Beslis zelf hoeveel je betaald, beslis zelf hvl mensen je tewerk stelt
Negentiende eeuw : misbruik van de vrijheid van nijverheid
o Als je de volledige vrijheid geeft om de arbeidsvw te ontwikkelen, dan krijg je
misbruik bv. Daens : mensen moesten 12 tot 14u per dag werken, 7/7 met
inbegrip v vrouwen en kinderen, men besliste zelf hvl men je betaalde
Gelijkheid verdwijnt snel op achtergrond
Gentse katoenindustrie : werkdagen van 12 tot 14 uur
Kinderarbeid
Juridische patstelling (stilstand) :
o Artikel 415 Sw tot 1866 (coalitieverbod) :
, Heeft coalitieverbod opzij gezet omdat men zag dat mensen begonnen
te protesteren
Verbod afgeschaft vanaf dan mocht je je verenigen
o Artikel 310 Sw (stakingspostenverbod vanaf 1866 tot 1921) :
Je mocht posten zetten maar je mocht eigenlijk nog niet staken
o Verbod druk op werkwilligen (vanaf 1892) :
Mensen waren aan het betogen tgn de arbeidsomstandigheden er
werd op betogers geschoten waardoor verschillende doden gevallen
zijn
o Werkboekje :
Hvl uren werk je en hvl w je daarvoor betaald
Maar als er een geschil was over de uitbetaling vh loon dan werd de
WG op zijn woord geloofd werkboekje had geen bewijswaarde
o 1781 BW (WG op woord geloofd over loon)
De dag dat mensen niets te verliezen hebben, komen ze met opstand
Feitelijke elementen :
o 1860 : eerste vakorganisaties
o 1885 : BWP (Belgische Werkliedenpartij)
o 1886 : sociale onlusten
o KB 15 april 1886 : Commissie voor Nijverheidsarbeid
Einde negentiende eeuw en begin twintigste eeuw eerste sociale wetten :
o 1887 : verbod op truck systeem (lonen in goederen uitbetaald)
o 1889 : verbod op vrouwen- en kinderarbeid
Veel kinderen zijn gestorven in de fabrieken vanaf 1889 verbod
vrouw en kinder arbeid
o 1896 : werkplaatsreglement
Proberen zorgen dat mensen in zo min mogelijk slechte
omstandigheden kunnen werken
o 1900 : wet op arbeidscontract
Moet vooraf afspraken maken over hvl je mensen gaat betalen en wat
hun taak is
o 1905 : wet op zondagsrust
Men moest niet meer 7/7 werken
Veel sportclubs in helft vd 20ste eeuw opgericht hierdoor
Na WOI AES en wet 1921 vrijheid van vereniging
o Echte vrijheid v vereniging je mag echt vakbonden gaan oprichten
21 eeuw : flexibilisering van arbeid + waken over effectieve sociale bescherming
ste
(discussie)
o Flexibilsering vd arbeid = dat je niet meer begint in begin v jouw carrière in
een bepaalde fabriek tot het einde v jouw carrière je gaat verschillende
jobs doen in de loop v jouw carrière
, o Collectief overleg w moeilijker want de groep w niet meer zo homogeen
betekend dat men de effectieve sociale bescherming nu trg nr politiek niveau
gaat trekken ipv sociale partners
Structuur en coherentie van het arbeidsrecht
Deelgebieden van het arbeidsrecht
Grotendeels zes deelgebieden :
o Arbeidsbeschermingsrecht
o Arbeidsovereenkomstenrecht
o Loonregulering en loonbescherming :
Dit is cruciaal moet ervan kunnen leven
Arbeid doe je omdat je ervoor betaald w
o Collectief arbeidsrecht :
WG- en WN-organisaties, en vakbonden
o Arbeidsmarktrecht :
Arbeidsmarkt is het feit dat je probeert om vacatures en werklozen
met elkaar in overeenstemming te lozen mensen leiden nr
vacatures waardoor werkloosheid vermindert
o Sociaal handhavingsrecht :
Met regels zonder controle ben je niets want dan leven de mensen het
niet na
Opvolgen en eventueel sanctioneren
Codificatie van het arbeidsrecht
Heterogeniteit belemmert dit net als maatschappelijke realiteit
(Beperkte) codificaties :
o Codex Welzijn op het werk
o Sociaal strafwetboek
o Wet 5 december 1968 (cao-wet)
o Arbeidsovereenkomstenwet van 3 juli 1978 :
Heeft alle mogelijke arbeidsovereenkomsten proberen te integreren
maar is niet volledig gelukt want nog altijd aparte regelingen over
bepaalde overeenkomsten
o Commissie ter voorbereiding van dit thema
Titel 1 : algemeen
Les 1
Sociaal recht heeft twee onderdelen : arbeidsrecht en sociale zekerheidsrecht
o Arbeidsrecht = verhouding tss WG en WN en de arbeid die daarin w verricht
en hoe dat geregeld w
Hebben een model uitgebouwd in de 20ste eeuw waar collectieve onderhandelingen
cruciaal w veel onderhandelingen tss vakbonden en WG
Arbeidsrelaties zijn individueler geworden we kunnen vanuit thuis werken is
nog sneller gegroeid door corona
o We hebben nu veel meer individuele arbeidsrelaties terwijl vakbonden op het
collectieve gericht zijn daarom w gezegd dat vakbonden niet mee zijn met
hun tijdsgeest
o Doordat de mensen alleen gaan werken, w de grens tss WN zijn en zelfstandig
zijn vaak heel klein
o Plaatsonafhankelijk werken : je mag werken waar je wilt
o Die collectiviteit (iedereen kwam nr het werk) ligt onder druk
o Je kan ook veel te lang werken men zegt ‘maakt niet uit wnr of waar je
werkt, zolang je werk maar gdn is’ als je dan een opdracht krijgt dat veel
langer dan 8u duurt, werk je langer dan dat je zou moeten
o daarom is arbeidsrecht in de 21ste eeuw interessant want er zijn veel vragen
over de regeling vh thuiswerken
Voorbeeld 1 : dagen
o Art. 70 wet 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten : “De bediende
[...] behoudt het recht op zijn loon gedurende de eerste dertig dagen van
arbeidsongeschiktheid wegens ziekte of ongeval”.
o Art. 35, derde lid, wet 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten:
“Ontslag om een dringende reden mag niet meer [...] worden gegeven,
wanneer het feit ter rechtvaardiging ervan sedert ten minste drie werkdagen
bekend is aan de partij die zich hierop beroept”.
o Wat is een werkdag? :
Sinds 1 januari 2023 : artikel 1.7. § 3 Boek 1 “Algemene Bepalingen”
Maar zaterdag blijft werkdag in sociaal recht : artikel 20 § 1 Arbeidswet
& Wet 26 december 2022
Zaterdag is een werkdag! enkel zondag is geen werkdag
Dus 30 werkdagen omvat maar 6 dagen in de week
Voorbeeld 2 : ploegenarbeid
o Art. 17 Arbeidswet 16 maart 1971 : “De werknemers die arbeid verrichten in
opeenvolgende ploegen kunnen op zondag worden tewerkgesteld op
voorwaarde dat hun arbeid een keer per week wordt onderbroken gedurende
, een periode van vierentwintig opeenvolgende uren waarvan er ten minste
achttien op de zondag vallen.”
o Ploegenarbeid : werken de nacht (van 22u tot 6u), de vroege (van 6u tot 14u)
of de late (14u tot 22u) werken in opeenvolgende ploegen
Betekent vaak dat je werkt in een werk dat niet stil gelegd kan w
Bv. werken aan de haven, kerncentrale
Iedereen heeft recht op een rustdag ze moeten 1 keer een volledige
dag niet werken
Ze kunnen op zondag werken maar ze moeten wel 24u rust hebben
waarvan tenminste 18u op die zondag moet vallen betekent dat ze
kunnen tewerkgesteld w tot 6u ’s ochtends op die zondag of dat ze
beginnen om 22u op die zondag
Van 6u tot 14u mogen ze niet werken op zondag want dan
heeft men maar 16u rust men moet dus op zondag die
groepen anders indelen om aan die 18u rust te komen
Dus degene die van 6u tot 14u en van 14u tot 22u werken,
moeten andere shifts draaien
Hier w wel vaak van afgeweken
Voorbeeld 3 : semantiek
o “De werknemers, die zich niet inspannen, zullen worden ontslagen.”
o “De werknemers die zich niet inspannen, zullen worden ontslagen”.
o in geval 1 worden alle WN ontslagen
Les 2
Ontstaan en finaliteit van het arbeidsrecht
Historische inleiding
Arbeidsrecht is een jonge rechtstak
o Er was vroeger geen arbeidsrecht omdat er slaven waren
Franse Revolutie : introductie van vrijheid van nijverheid
Decreet d’Allarde van 2 maart 1791
Absolute vrijheid : vrijheid om arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden te bepalen
o Beslis zelf hoeveel je betaald, beslis zelf hvl mensen je tewerk stelt
Negentiende eeuw : misbruik van de vrijheid van nijverheid
o Als je de volledige vrijheid geeft om de arbeidsvw te ontwikkelen, dan krijg je
misbruik bv. Daens : mensen moesten 12 tot 14u per dag werken, 7/7 met
inbegrip v vrouwen en kinderen, men besliste zelf hvl men je betaalde
Gelijkheid verdwijnt snel op achtergrond
Gentse katoenindustrie : werkdagen van 12 tot 14 uur
Kinderarbeid
Juridische patstelling (stilstand) :
o Artikel 415 Sw tot 1866 (coalitieverbod) :
, Heeft coalitieverbod opzij gezet omdat men zag dat mensen begonnen
te protesteren
Verbod afgeschaft vanaf dan mocht je je verenigen
o Artikel 310 Sw (stakingspostenverbod vanaf 1866 tot 1921) :
Je mocht posten zetten maar je mocht eigenlijk nog niet staken
o Verbod druk op werkwilligen (vanaf 1892) :
Mensen waren aan het betogen tgn de arbeidsomstandigheden er
werd op betogers geschoten waardoor verschillende doden gevallen
zijn
o Werkboekje :
Hvl uren werk je en hvl w je daarvoor betaald
Maar als er een geschil was over de uitbetaling vh loon dan werd de
WG op zijn woord geloofd werkboekje had geen bewijswaarde
o 1781 BW (WG op woord geloofd over loon)
De dag dat mensen niets te verliezen hebben, komen ze met opstand
Feitelijke elementen :
o 1860 : eerste vakorganisaties
o 1885 : BWP (Belgische Werkliedenpartij)
o 1886 : sociale onlusten
o KB 15 april 1886 : Commissie voor Nijverheidsarbeid
Einde negentiende eeuw en begin twintigste eeuw eerste sociale wetten :
o 1887 : verbod op truck systeem (lonen in goederen uitbetaald)
o 1889 : verbod op vrouwen- en kinderarbeid
Veel kinderen zijn gestorven in de fabrieken vanaf 1889 verbod
vrouw en kinder arbeid
o 1896 : werkplaatsreglement
Proberen zorgen dat mensen in zo min mogelijk slechte
omstandigheden kunnen werken
o 1900 : wet op arbeidscontract
Moet vooraf afspraken maken over hvl je mensen gaat betalen en wat
hun taak is
o 1905 : wet op zondagsrust
Men moest niet meer 7/7 werken
Veel sportclubs in helft vd 20ste eeuw opgericht hierdoor
Na WOI AES en wet 1921 vrijheid van vereniging
o Echte vrijheid v vereniging je mag echt vakbonden gaan oprichten
21 eeuw : flexibilisering van arbeid + waken over effectieve sociale bescherming
ste
(discussie)
o Flexibilsering vd arbeid = dat je niet meer begint in begin v jouw carrière in
een bepaalde fabriek tot het einde v jouw carrière je gaat verschillende
jobs doen in de loop v jouw carrière
, o Collectief overleg w moeilijker want de groep w niet meer zo homogeen
betekend dat men de effectieve sociale bescherming nu trg nr politiek niveau
gaat trekken ipv sociale partners
Structuur en coherentie van het arbeidsrecht
Deelgebieden van het arbeidsrecht
Grotendeels zes deelgebieden :
o Arbeidsbeschermingsrecht
o Arbeidsovereenkomstenrecht
o Loonregulering en loonbescherming :
Dit is cruciaal moet ervan kunnen leven
Arbeid doe je omdat je ervoor betaald w
o Collectief arbeidsrecht :
WG- en WN-organisaties, en vakbonden
o Arbeidsmarktrecht :
Arbeidsmarkt is het feit dat je probeert om vacatures en werklozen
met elkaar in overeenstemming te lozen mensen leiden nr
vacatures waardoor werkloosheid vermindert
o Sociaal handhavingsrecht :
Met regels zonder controle ben je niets want dan leven de mensen het
niet na
Opvolgen en eventueel sanctioneren
Codificatie van het arbeidsrecht
Heterogeniteit belemmert dit net als maatschappelijke realiteit
(Beperkte) codificaties :
o Codex Welzijn op het werk
o Sociaal strafwetboek
o Wet 5 december 1968 (cao-wet)
o Arbeidsovereenkomstenwet van 3 juli 1978 :
Heeft alle mogelijke arbeidsovereenkomsten proberen te integreren
maar is niet volledig gelukt want nog altijd aparte regelingen over
bepaalde overeenkomsten
o Commissie ter voorbereiding van dit thema