Volksgezondheid
1 Inleidende begrippen
1.1 Wat is gezondheid? Belangrijke evolutie
- Influencers claimen wat gezond of gezonder kan zijn, maar zonder wetenschappelijke
achtergrond te kennen
- Als verzekeringspolissen iets opnemen, verkoopt het beter
- De vraag ben ik gezond kan je op meerdere manieren interpreteren
o Ben ik acuut ziek?
o Heb ik een onderliggende (chronische) aandoening?
o Voel ik me goed in mijn vel?
o Heb ik vandaag een goede dag?
o Zou ik hier zitten als ik niet gezond was?
o Ben ik tevreden over mijn algemene levenskwaliteit?
o Vind ik mijn gezondheid optimaal, zowel op lichamelijk als op mentaal als op
sociaal vlak?
1
,1 Biomedisch model
- 19de - begin 20ste eeuw
Definities
- Gezondheid is de afwezigheid van ziekte of gebreken
- Oorsprong van ziekte is een onderliggende abnormaliteit in het lichaam
- Ziekte wordt begrepen op cellulair of moleculair niveau
--> Focus op fysieke gezondheid en medische behandelingen
Kritieken
- Reductionisme
= ziekte wordt gereduceerd tot puur biologische en fysiologische processen
o Vb. psychisch kan je meten via serotonine
- Dualisme
= lichaam vs. geest
o Vb. kaakpijn
▪ Biomedisch model: is er iets abnormaal? Andere stand van kaak? Zo niet,
dan is er geen ziekte en geen kaakpijn
▪ Kaakpijn vaak gerelateerd aan stress, spanning (tandenknarsen,
tandspieren opspannen)
- Medicalisering
= normale variaties in gezondheid worden als pathologisch beschouwd
o Vb. bij een mondeling examen gaat bloeddruk en hartslag ferm de hoogte in, dit
is een afwijking van het normale en dan ben je ziek, maar jij weet dat het logisch
is doordat je een examen hebt via biomedisch model moet je geholpen worden
o Met als gevolg overbehandeling en overdiagnose
o Vb. operatie prostaat: bij oudere mannen is er vaak een grotere prostaat, maar
leidt eigenlijk niet tot klachten, ziekte of mortaliteit als we er dan operaties aan
doen/behandelen leidt het wel tot meer klachten, heeft impact op de
levenskwaliteit
- Sociale determinanten van gezondheid
o Vb. Binnen welk gezin groei je op? Waar ga je naar school? Hoe is je
vriendenkring? Doe je een gevaarlijke job of niet? Heb je veel steun in je
vriendenkring?
o Wordt volledig genegeerd door biomedisch model
- Beperkte behandelingsopties
= geen aandacht voor preventie, levensstijlveranderingen, en complementaire en
alternatieve geneeskunde
o Curatieve focus
o Geen preventie
o Problemen pas oplossen als ze zich stellen
o Hoe zorgen we ervoor dat een persoon een gezonde levensstijl heeft zodat die
minder klachten heeft?
o Hier wordt niet aan psychotherapie gedacht
2
, - Culturele en ethische kwesties
= culturele diversiteit wordt genegeerd → ongelijkheid?
o Hangt samen met determinanten
o Wordt compleet genegeerd door biomedisch model
o Culturele achtergrond hangt samen met bepaalde waarden en testen
o Uit dit model vertrekken we de westerse waarden als normaal en passen die op
alle culturele groepen/populaties toe
o Kan leiden tot ongelijkheid in de gezondheid
2 Wereldgezondheidsorganisatie (WHO)
- 1948 = ‘de klassieker’
(nieuwere) Definitie
- Bredere, holistische kijk op gezondheid
- “Gezondheid is een toestand van volledig fysiek, mentaal en sociaal welzijn en niet
slechts de afwezigheid van ziekte of gebreken”
Kritieken
- Paralympiërs zijn niet gezond, want ze zijn niet volledig fysiek of mentaal in orde
o Maar hun prestaties zijn veel beter dan die van ons gemiddeld
- Oudere mensen die halve marathons lopen
o Zijn we niet gezond als wij (jongeren) dat niet doen?
- Zie o.a. Huber, BMJ 2011 https://doi.org/10.1136/bmj.d4163
o Volledig welbevinden utopisch → Risico voor medicalisering
▪ Vb. je hebt een kater: ’s ochtends voel je je slecht, maar ’s avonds kom je
er terug door
o Statisch gegeven
▪ Gezondheid is geen statisch gegeven, maar een dynamisch gegeven
o Stijging levensverwachting en chronische ziekten → Per definitie zeer veel
mensen ongezond
▪ Vb. kwaaltjes = niet volledig gezond, maar als je als ouder persoon een
halve marathon loopt mag je jezelf gezond noemen
3
, 3 Dynamische en functionele benadering
- 21e eeuw
Definitie
- “Gezondheid is het vermogen om zich aan te passen en te managen in het licht van
fysieke en emotionele en sociale uitdagingen”
o Vb. als jongere is het doel 1 km kunnen wandelen niet bepaald een goed doel en
eerder beperkt, maar als een 90-jarige dat zegt, is het wel een goed doel
o Vb. fysiek: revalidatie na beroerte
o Vb. mentaal: omgaan met rouw
o Vb. verlies van job
Definitie benadrukt
- Veerkracht en aanpassingsvermogen, i.p.v. statische toestand van welzijn
- Rol van zelfmanagement en kwaliteit van leven
- Meer persoonlijke en contextuele benadering van gezondheid
4