Administratief recht
INHOUDSOPGAVE
deel 1: fundamentele elementen van het administratief recht ....................................................................... 2
hoofdstuk 1: afbakening van het administratief recht ....................................................................................... 2
1. situering van het administratief recht en begripsomschrijving .................................................................. 2
2. administratiefrecht is een uitzonderingsrecht ........................................................................................... 5
3. uitvoerbare beslissingen ............................................................................................................................. 6
4. de administratieve sanctie ....................................................................................................................... 13
5. vereisten voor elk bestuur ........................................................................................................................ 14
hoofdstuk 2: bronnen van het administratief recht .......................................................................................... 18
1. algemeen .................................................................................................................................................. 18
2. rechtsregels .............................................................................................................................................. 19
3. pseudowetgeving ..................................................................................................................................... 30
4. rechtspraak ............................................................................................................................................... 32
5. rechtsleer.................................................................................................................................................. 32
hoofdstuk 3: algemene beginselen van behoorlijk bestuur .............................................................................. 33
1. algemeen .................................................................................................................................................. 33
2. hoorplicht en recht van verdediging ........................................................................................................ 35
4. onpartijdigheid ......................................................................................................................................... 37
5. fair-play beginsel ...................................................................................................................................... 38
6. het zorgvuldigheidsbeginsel ..................................................................................................................... 38
7. gelijkheidsbeginsel.................................................................................................................................... 39
8. rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel .............................................................................................. 41
9. materiële motiveringsplicht ..................................................................................................................... 44
10. redelijkheidsbeginsel .............................................................................................................................. 45
1
,Administratief recht
ADMINISTRATIEF RECHT
• Het administratief recht = het bestuursrecht = recht van de overheid = het bestuur of administratieve
overheid
DEEL 1: FUNDAMENTELE ELEMENTEN VAN HET ADMINISTRATIEF RECHT
HOOFDSTUK 1: AFBAKENING VAN HET ADMINISTRATIEF RECHT
1. SITUERING VAN HET ADMINISTRATIEF RECHT EN BEGRIPSOMSCHRIJVING
1.1 SITUERING VAN HET ADMINISTRATIEF RECHT
Privésfeer De grijze zone Publieke sfeer
• Privaatrecht • Het administratief recht • Het publiekrecht
• Het administratief recht
• Vb. Vives is een vzw
o Het is een
privéinitiatief,
maar toch
onderworpen
aan
administratieve
regels
Scheiding der machten
WM UM RM
• Niet van toepassing • Vooral hier van • Niet van toepassing
toepassing
• Administratief recht
• Regering + koning +
gedecentraliseerde
besturen (de lagere
overheden/bedrijven
zoals bijvoorbeeld Bpost)
• Structuren om samenleven te ordenen ð nationale rechtsorde die constant wordt bijgeschaafd in
functie van noden en inzichten
• Rechtsregels worden geordend in rechtstakken die behoren tot het publiek- en/of privaatrecht
2
,Administratief recht
1.1.1 NATIONAAL OF INTERNATIONAAL
• Administratief recht = nationaal recht
• Doorwerking van Europese regelgevingen
• Typisch Belgisch
• Belgische regelgever enkel het samenleven in België ordenen
Nationaal recht Internationaal recht
• Elke staat bepaalt zijn eigen • Geldt over de landsgrenzen heen
nationaal recht • Ontstaat uit samenwerking tussen staten en/of gaat uit
• Geld enkel binnen de internationale en supranationale instellingen
landsgrenzen • Verdragen en supranationaal recht
• Soms ook geldend voor eigen Verdragsrecht Supranationaal recht
burgers in het buitenland • = Rechtsregels die • = Regels die uitgaan
in verdragen zijn van de
vastgelegd en die supranationale
door Belgische instellingen
wetgever zijn waaraan staten een
goedgekeurd deel van hun
wetgevende
bevoegdheid
hebben
overgedragen
Administratief recht = bestuursrecht
= Recht voor de administratieve of bestuurlijke overheden en diensten in het land.
Nationaal recht, maar medebepaald door internationaal recht
1.1.2 PRIVAAT- OF PUBLIEKRECHT
• Administratief recht = publiek recht
• Het is van openbare orde (geen dwingend recht)
3
, Administratief recht
Privaatrecht Publiekrecht
• Regelt het statuut van en verhoudingen • Regelt de organisatie en de werking van de
tussen private personen overheden + onderlinge verhoudingen +
• Afwijking door burgers is mogelijk tenzij verhoudingen tot private (rechts)personen
dwingend van aard • Van openbare orde (geen afwijking
mogelijk)
• Grondwettelijk recht + administratief of
bestuursrecht (samen staatsrecht) = kern
van publiekrecht
o Grondwettelijk recht: basisregels
van Belgische staatsinrichting
§ Basisregels verder
uitgewerkt in het
administratief recht of
bestuursrecht (wat UM
betreft)
1.2 BEGRIP ADMINISTRATIEF RECHT
• Het begrip bestuur: algemeen welzijn of belang
• Beslissingen van wetgevende aard
Administratief recht
• = Bestuursrecht
• Behoort tot het publiekrecht
• Organiseert openbaar bestuur
• Regelt diens taakvervulling binnen krijtlijnen van grondwettelijk recht
Openbaar bestuur
• Omvat bestuurlijke overheden
o Federale + regionale UM
o Provincies en gemeenten
• Omvat bijkomende bestuurlijke diensten opgericht en erkend door deze overheden
o Functioneren onder toezicht van de in de GW ingerichte bestuurlijke overheden
o Kunnen derden verbinden door eenzijdige beslissingen
4
INHOUDSOPGAVE
deel 1: fundamentele elementen van het administratief recht ....................................................................... 2
hoofdstuk 1: afbakening van het administratief recht ....................................................................................... 2
1. situering van het administratief recht en begripsomschrijving .................................................................. 2
2. administratiefrecht is een uitzonderingsrecht ........................................................................................... 5
3. uitvoerbare beslissingen ............................................................................................................................. 6
4. de administratieve sanctie ....................................................................................................................... 13
5. vereisten voor elk bestuur ........................................................................................................................ 14
hoofdstuk 2: bronnen van het administratief recht .......................................................................................... 18
1. algemeen .................................................................................................................................................. 18
2. rechtsregels .............................................................................................................................................. 19
3. pseudowetgeving ..................................................................................................................................... 30
4. rechtspraak ............................................................................................................................................... 32
5. rechtsleer.................................................................................................................................................. 32
hoofdstuk 3: algemene beginselen van behoorlijk bestuur .............................................................................. 33
1. algemeen .................................................................................................................................................. 33
2. hoorplicht en recht van verdediging ........................................................................................................ 35
4. onpartijdigheid ......................................................................................................................................... 37
5. fair-play beginsel ...................................................................................................................................... 38
6. het zorgvuldigheidsbeginsel ..................................................................................................................... 38
7. gelijkheidsbeginsel.................................................................................................................................... 39
8. rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel .............................................................................................. 41
9. materiële motiveringsplicht ..................................................................................................................... 44
10. redelijkheidsbeginsel .............................................................................................................................. 45
1
,Administratief recht
ADMINISTRATIEF RECHT
• Het administratief recht = het bestuursrecht = recht van de overheid = het bestuur of administratieve
overheid
DEEL 1: FUNDAMENTELE ELEMENTEN VAN HET ADMINISTRATIEF RECHT
HOOFDSTUK 1: AFBAKENING VAN HET ADMINISTRATIEF RECHT
1. SITUERING VAN HET ADMINISTRATIEF RECHT EN BEGRIPSOMSCHRIJVING
1.1 SITUERING VAN HET ADMINISTRATIEF RECHT
Privésfeer De grijze zone Publieke sfeer
• Privaatrecht • Het administratief recht • Het publiekrecht
• Het administratief recht
• Vb. Vives is een vzw
o Het is een
privéinitiatief,
maar toch
onderworpen
aan
administratieve
regels
Scheiding der machten
WM UM RM
• Niet van toepassing • Vooral hier van • Niet van toepassing
toepassing
• Administratief recht
• Regering + koning +
gedecentraliseerde
besturen (de lagere
overheden/bedrijven
zoals bijvoorbeeld Bpost)
• Structuren om samenleven te ordenen ð nationale rechtsorde die constant wordt bijgeschaafd in
functie van noden en inzichten
• Rechtsregels worden geordend in rechtstakken die behoren tot het publiek- en/of privaatrecht
2
,Administratief recht
1.1.1 NATIONAAL OF INTERNATIONAAL
• Administratief recht = nationaal recht
• Doorwerking van Europese regelgevingen
• Typisch Belgisch
• Belgische regelgever enkel het samenleven in België ordenen
Nationaal recht Internationaal recht
• Elke staat bepaalt zijn eigen • Geldt over de landsgrenzen heen
nationaal recht • Ontstaat uit samenwerking tussen staten en/of gaat uit
• Geld enkel binnen de internationale en supranationale instellingen
landsgrenzen • Verdragen en supranationaal recht
• Soms ook geldend voor eigen Verdragsrecht Supranationaal recht
burgers in het buitenland • = Rechtsregels die • = Regels die uitgaan
in verdragen zijn van de
vastgelegd en die supranationale
door Belgische instellingen
wetgever zijn waaraan staten een
goedgekeurd deel van hun
wetgevende
bevoegdheid
hebben
overgedragen
Administratief recht = bestuursrecht
= Recht voor de administratieve of bestuurlijke overheden en diensten in het land.
Nationaal recht, maar medebepaald door internationaal recht
1.1.2 PRIVAAT- OF PUBLIEKRECHT
• Administratief recht = publiek recht
• Het is van openbare orde (geen dwingend recht)
3
, Administratief recht
Privaatrecht Publiekrecht
• Regelt het statuut van en verhoudingen • Regelt de organisatie en de werking van de
tussen private personen overheden + onderlinge verhoudingen +
• Afwijking door burgers is mogelijk tenzij verhoudingen tot private (rechts)personen
dwingend van aard • Van openbare orde (geen afwijking
mogelijk)
• Grondwettelijk recht + administratief of
bestuursrecht (samen staatsrecht) = kern
van publiekrecht
o Grondwettelijk recht: basisregels
van Belgische staatsinrichting
§ Basisregels verder
uitgewerkt in het
administratief recht of
bestuursrecht (wat UM
betreft)
1.2 BEGRIP ADMINISTRATIEF RECHT
• Het begrip bestuur: algemeen welzijn of belang
• Beslissingen van wetgevende aard
Administratief recht
• = Bestuursrecht
• Behoort tot het publiekrecht
• Organiseert openbaar bestuur
• Regelt diens taakvervulling binnen krijtlijnen van grondwettelijk recht
Openbaar bestuur
• Omvat bestuurlijke overheden
o Federale + regionale UM
o Provincies en gemeenten
• Omvat bijkomende bestuurlijke diensten opgericht en erkend door deze overheden
o Functioneren onder toezicht van de in de GW ingerichte bestuurlijke overheden
o Kunnen derden verbinden door eenzijdige beslissingen
4