MINDERJARIGEN DIE OPGROEIEN IN VERONTRUSTENDE SITUATIES
1. INLEIDING
Er is sprake van VERONTRUSTING WANNEER:
1. Bedreiging van ontwikkelingskansen
De ontwikkeling van een minderjarige komt in gevaar. Dit betekent dat zijn of haar rechten
niet gerespecteerd worden, zoals:
• Provisierechten (recht op zorg, onderwijs, basisbehoeften)
• Protectierechten (recht op bescherming tegen geweld of misbruik)
• Participatierechten (recht om gehoord te worden en mee te beslissen)
2. Aantasting van integriteit
De psychische, fysieke of seksuele integriteit van een minderjarige of van één of meer
gezinsleden wordt geschonden.
CIJFERS
Opgroeien (2022)
• 32 138 kinderen deden beroep op ondersteuning van een jeugdhulporganisatie omwille van moeilijke
thuissituatie
>> 1/3 in pleegzorg
• 1712 ontving 9045 oproepen over 12 044 personen (+6,2%)
• Kind en Gezin ontving over 609 kinderen zorgmeldingen
• 10 704 kinderen liepen in schooljaar 2021-2022 een traject verontrusting bij CLB
• 11 096 worden opgevolgd door VK
• In het OCJ werd er aan 13 775 kinderen hulp verleend
• Instroom van 35 245 kinderen ‘VOS’ bij Vlaamse jeugdparketten
Canvas ‘Als je eens wist…’ (2020)
• 54% van de Vlaamse kinderen en jongeren tussen 10 en 18 jaar werd het afgelopen jaar slachtoffer van
emotioneel geweld binnen het gezin, 31% van fysiek geweld
• In Vlaanderen zijn er 28 suïcide pogingen per dag waarvan 3 succesvol
• Wanneer er sprake is van mishandeling driemaal zoveel kans op suïcide
1
, 2. BEELDVORMING
2.1 WAT TYPEERT DEZE DOELGROEP?
Wanneer spreken we van verontrusting?
We spreken van verontrusting wanneer mensen geconfronteerd worden met situaties zoals
geweld, een vechtscheiding, verwerping, seksueel misbruik of verwaarlozing.
Meerdere factoren spelen een rol
Moeilijkheden ontstaan meestal door een combinatie van factoren.
Soms hebben ouders door persoonlijke problemen (zoals verslaving of psychische
moeilijkheden) niet voldoende draagkracht om een stimulerende en veilige leefomgeving te
bieden.
Toch betekent dit niet dat elk kind dat opgroeit met een ouder met psychosociale problemen
automatisch in een verontrustende situatie zit.
Er zijn altijd risicofactoren én beschermende factoren die samen bepalen of er reden is tot
verontrusting.
Geen schuldige zoeken
We vertrekken vanuit het idee dat ouders hun kinderen graag zien. We zoeken dus geen
schuldige, maar kijken naar de omstandigheden.
Verontrusting kan ontstaan door:
• Onvermogen: ouders missen opvoedkundige vaardigheden of denken, vanuit hun
eigen achtergrond, dat ze het goed genoeg doen.
• Onmacht: ouders kunnen het niet alleen, raken vast in problemen, verliezen de
controle of weten niet hoe ze hulp moeten zoeken.
Soms durven mensen geen hulp vragen of vinden ze de weg naar ondersteuning niet.
Kort samengevat
Verontrusting ontstaat meestal door een samenspel van factoren, waarbij ouders niet altijd
onwillig zijn, maar soms niet in staat of niet sterk genoeg om de situatie alleen aan te pakken.
2