Biologische
Psychologie
1
Yasmine
Simons
Structuur
en
functies
van
de
cellen
van
het
zenuwstelsel
In
wat
kunnen
we
het
zenuwstelsel
onderverdelen?
• Centraal
zenuwstelsel
(CZS)
o Ales
wat
omsloten
is
door
schedel
&
ruggenmerg.
• Perifeer
zenuwstelsel
(PZS)
o Deel
ZS
buiten
hersenen
en
ruggenmerg,
inclusief
zenuwen
die
vastzitten
aan
hersenen
en
ruggenmerg.
Mototiek
van
het
lichaam:
info
van
CZS
naar
periferie
sturen.
Wat
zijn
ventrikels?
Onderling
verbonden
kanalen,
systemen
gevuld
met
vloeistof.
Beschrijf
de
4
hersenkwabben?
FRONTALE
kwab
o Spraak,
redeneren,
emoties,
controle
van
beweging
PARIËTALE
kwabben
o Ontvangt
&
interpreteert
gewaarwordingen
zoals
tast,
temperatuur
en
pijn.
OCCIPITALE
kwab
o Ontvangen
en
verwerken
visuele
input.
TEMPORALE
kwab
o Betrokken
bij
het
begrijpen
van
gesproken
taal,
gehoor
&
geheugen.
Uit
wat
bestaat
de
witte
stof?
Alle
verbindingsbanen.
Beschrijf
de
Diencephalon
Bestaat
uit
Thalamus
en
Hypothalamus.
Diencephalon
ligt
rostaal
van
hersenstam.
Thalamus
Hypothalamus
Ontvangt
zenuwbanen
van
de
Bevat
aantal
onderling
sterk
verbonden
kernen.
somatosensorische
en
motorische
systemen
in
FUNCTIE:
hierin
worden
gedragingen
en
hersenen
&
ruggenmerg.
Bevat
verschillende
autonome
functies
geregeld
die
verband
zenuwkernen.
houden
met
homeostase
(in
stand
houden
van
FUNCTIE:
overdracht
&
verwerking
van
inwendige
biologische
toestand)
en
sensorische
info
naar
respectieve
voortplanting.
Speelt
ook
belangrijke
rol
in
1
, hersengebieden
+
speelt
rol
in
bewuste
motivationeel
systeem.
gewaarwording
van
deze
info+
het
richten
van
de
aandacht.
Uit
wat
bestaat
de
hersenstam?
Mesencephalon
Pons
Medulla
oblongata
Mesencephalon
Pons
Medulla
Oblongata
-‐
De
neuronen
hiervan
vormen
-‐
Bestaat
vooral
uit
witte
stof.
-‐
Gaat
over
in
ruggenmerg.
belangrijke
verbindingen
met
verschillende
motorische
-‐
VENTRALE
deel:
stuurt
-‐
Bevat
stijgende
en
dalende
banen
hersensystemen
+
maakt
deel
uit
waarnemingsinfo
(over
die
ruggenmerg
en
hersenen
van
extrapiramidale
systeem
dat
bewegingen)
van
cerebrale
cortex
verbinden
+
verticale
uitwisseling
instaat
voor
motorische
naar
cerebellum.
van
info
verzorgen.
bewegingen.
-‐
DORSALE
deel:
regulatie
van
-‐
Bevat
kernen
die
instaan
voor
-‐
Motoriek
wordt
gekoppeld
aan
ademhaling/smaak/slaap.
regulatie
van
sommige
vitale
visuele
en
auditieve
info.
functies
(bloeddruk,
ademhaling,
spijsvertering,
hartritme)
Uit
wat
bestaat
het
cerebellum?
Sensorimotorische
coördinatie.
Kleine
hersenen
Bevat
grootst
aantal
neuronen
van
alle
hersendelen.
FUNCTIE:
Betrokken
bij
motorische
coördinatie
+
krijgt
somatosensorische
input
(zintuiglijke
waarneming
betreffende
het
lichaam)
vanuit
ruggenmerg.
Krijgt
motorische
info+
info
over
lichaamsevenwicht.
Bepaalde
delen
staan
in
voor
instandhouden
van
lichaamsevenwicht,
terwijl
andere
de
contractie
van
spiergroepencoördineren
bij
houdingsverandering.
Speelt
een
rol
bij
uitvoeren
van
aangeleerde
bewegingen,
zorgt
ervoor
dat
alle
bewegingen
gecontroleerd
&
gecoördineerd
verlopen.
Waar
dient
de
hersenstam
voor?
Vitale
functies
=
regulatie
hartslag
bv.
Maak
de
vergelijking
tussen
witte
en
grijze
stof
Witte
stof
Grijze
stof
Uitlopers
van
neuronen
die
een
opwaartse
of
2
dorsale
en
2
ventrale
hoornen
neerwaartse
baan
doorheen
het
ruggenmerg
volgen.
DORSALE
hoornen:
hierin
bevinden
zich
sensoriële
neuronen
die
prikkels
vanuit
de
zintuigen
ontvangen.
VENTRALE
hoornen:
Bevatten
cellichamen
van
motorneuronen
die
de
spieren
in
het
lichaam
bezenuwen.
2
,Wat
zijn
de
functies
van
het
ruggenmerg?
Onvtvangt
sensoriële
info
van
zintuigen
in
huid,
gewrichten,
spieren,
romp
en
ledematen.
Krijgt
ook
sensoriële
input
van
heel
wat
inwendige
organen
waarvan
het
de
functie
controleert
+
bevat
motorneuronen
die
instaan
voor
vrijwillige
bewegingen
&
reflexen.
Dorsolateraal
en
ventrolateraal
van
elk
ruggenmerg
segment
ontspringen
aan
beide
zijden
zenuwbundels,
de
dorsale
en
ventrale
wortels
die
samenkomen
in
de
spinale
zenuw.
Verklaar
het
perifere
zenuwstelsel?
Bestaat
uit:
o Somatische
zenuwstelsel
(1)
o Autonome
perifere
zenuwstelsel
(2)
Sympathische
zenuwstelsel
Parasympathische
zenuwstelsel
Enterische
zenuwstelsel
Beschrijf
het
somatische
zenuwstelsel
(1)
(willekeurige
zenuwstelsel)?
Omvat
sensoriële
neuronen
die
huid,
dwarsgestreepte
spieren
en
gewrichten
bezenuwen.
Zo
krijgt
het
centrale
zenuwstelsel
info
over
stand
van
spieren
en
ledematen,
perceptie
van
temperatuur
en
pijn
en
over
druk
en
aanraking
aan
lichaamsoppervlak.
Ontlokt
vrijwillige
reacties.
Beschrijf
het
autonome
perifere
zenuwstelsel
(2)?
Bezenuwt
de
exocriene
klieren,
ingewanden
en
gladde
spieren.
Zelfcontrolerend.
Reacties
die
het
autonome
zenuwstelsel
ontlokt
gebeuren
onwillekeurig
(hartslag,
temperatuurregeling)
Dit
zenuwstelsel
is
er
op
gericht
het
bewaren
van
evenwicht
of
homeostase
binnen
het
interne
lichaamsmilieu
dmv
onvrijwillige
en
onbewuste
reacties.
Onwillekeurig
zenuwstelsel.
Sympatisch
zenuwstelsel
Parasympathisch
zenuwstelsel
Enterisch
Reguleert
stressreacties
+
bereidt
Lichaam
tot
rust
en
opbouw
Neuronaal
netwerk
in
wanden
van
voor
op
actie.
aanzetten
+
inwendig
evenwicht
ingewanden
waardoor
er
Hartslag
verhoogd
+
bewaren.
onafhankelijk
van
het
het
centrale
ademfrequentie.
Hartritme
+
ademfrequentie
zenuwstelsel
spiercontracties
tot
vertragen
stand
komen.
Wat
zijn
de
verschillende
cellen
van
het
zenuwstelsel?
Neuronen
(zenuwen)
o Diverse
morfologie
(vorm)
afhankelijk
van
plaats
in
ZS
Steuncellen
(neuroglia)
o Zenuwen
onderhouden
en
steun
geven
o Structurele,
metabole
en
neurofysiologische
rol
o CZS:
10
neuroglia,
/1
zenuwcel
3
, Verklaar:
neuronen?
Zenuwcellen.
Vormen
de
morfologische
&
functionele
eenheden
van
het
zenuwstelsel.
Kunnen
elektrische
impulsen
voortgeleiden
en
beschikken
over
het
vermogen
om
chemische
substanties
af
te
scheiden,
die
de
activiteit
van
andere
neuronen
beïnvloeden.
Functie:
informatie
verwerken
en
versturen.
Uit
wat
bestaat
een
typische
neuron?
Het
cellichaam
(soma)
De
dentrieten
Het
axon
Presynaptische
zenuwuiteinden
(eindknop)
Beschrijf
het
soma?
Cellichaam,
bevat
nucleus
(celkern)
Onderdeel
van
neuron
Is
het
metabolische
centrum
van
de
cel.
Het
omvat
de
celkern,
waarin
de
genetische
info
is
opgeslagen
+
verscheidene
organellen
die
de
metabole
functies
van
de
cel
uitvoeren
+
waar
proteïnesynthese
plaats
vindt.
In
cellichaam
van
neuron
treffen
we
specifieke
intracellulaire
structuren
aan
zoals
de
Nisslsubstantie,
neurofibrillen
en
pigmenten.
Wat
zijn
dentrieten?
Takachtige
structuur
bevestigd
aan
soma.
Ontvangt
info
van
andere
neuronen.
Zijn
boomvormige
vertakte
uitlopers
van
het
cellichaam
die
prikkels
van
andere
zenuwcellen
ontvangen
en
naar
het
cellichaam
leiden.
AFFERENTE
functie
Wat
is
het
axon?
De
meeste
neuronen
hebben
maar
1
axon
=
een
uitloper
van
het
cellichaam
die
langer
en
dikker
is
dan
de
dentrieten
en
die
prikkels
vanuit
het
cellichaam
naar
andere
neuronen
leidt.
EFFERENTE
functie.
Signalen
(actiepotentialen)
worden
geïnitilaiseerd
aan
het
begin
van
het
axon,
de
axonheuvel.
De
hersenen
ontvangen,
analyseren
en
geleiden
informatie
op
basis
van
actiepotentialen.
Stuurt
info
van
soma
naar
eindknop.
Onderdeel
van
neuron.
Wat
is
de
eindknop?
Knop
aan
het
eind
van
een
axon.
Vormt
een
verbinding
(synaps)
met
ander
neuron
op
dentriet
of
soma
Stuurt
info
naar
neuron
Eindknoppen
hebben
een
speciale
functie,
het
uit
scheiden
van
een
chemisch
signaal
(neurotransmitter)
De
axonen
splitsen
zich
op
ter
hoogte
van
hun
eindpunt
in
fijne
vertakkingen
of
presynaptische
zenuwuiteinden.
Het
is
dankzij
deze
uiteinden
of
eindknoppen
dat
een
neuron
met
andere
neuronen
kan
communiceren.
Via
input
zone
komt
er
info
binnen
in
het
neuron.
INTEGRATIE
zone:
hierin
wordt
inkomende
info
verwerkt
CONDUCTIE
zone:
staat
in
voor
geleiding
van
impulsen
doorheen
neuron
naar
uiteinden
axon.
4