DEEL I: STRAFRECHT
juridische situering
i. begrip
strafrecht is het geheel van rechtsregels dat bepaalt:
- onder welke voorwaarden gedragingen misdrijven zijn en welke
gedragingen misdrijven zijn;
- wie dader van een misdrijf is en strafrechtelijke verantwoordelijkheid draagt;
- welke straffen bestaan en welke straffen op de misdrijven worden gesteld;
- onder welke voorwaarden straffen aan daders kunnen worden opgelegd en
uitgevoerd;
- hoe de bevoegde instanties oordelen over misdrijf, dader en straf.
een misdrijf is een afwijking van de norm die een reactie in de vorm van een
straf verantwoordt. normen vastgesteld door de hedendaagse maatschappij in
een bepaald gebied. wat een misdrijf is, verschilt in tijd en ruimte. wat is een
misdrijf (algemeen) en welke gedragingen zijn een misdrijf (bijzonder)?
norm: wij als maatschappij beslissen samen wat die normen zijn.
· ruimte: elk land beslist voor zichzelf wat die norm is.
· tijd: strafrecht van 2025 is niet meer hetzelfde als dat van 2005.
seksueel strafrecht is grondig hervormd in 2022.
zorgt soms conflicten: als je vandaag voor de rechtbank komt voor iets wat twee
jaar geleden is gebeurd en er is ondertussen een wijziging geweest.. welk
strafrecht moet er dan toegepast worden?
algemeen: “wat is een misdrijf?” – basiselementen
bijzonder: wat levert in bijzonder een misdrijf op, ontleden van een misdrijf –
specifiek misdrijf (mensenhandel, doodslag, moord)
een dader is wie wordt aanzien als pleger(s) van een misdrijf en wie voor dat
misdrijf strafrechtelijke verantwoordelijkheid draagt.
een straf is een wettelijk bepaalde vorm van leed door de rechter opgelegd als
sanctie voor een misdrijf;
algemeen: “wat is een straf?” = algemene regels die van toepassing zijn
bijzonder: “met welke straf wordt een bepaald misdrijf bestraft” = voor elk
misdrijf afzonderlijk is er een bepaalde straf
een beveiligingsmaatregel is geen straf, maar dat valt wel binnen het
strafrecht. het is fundamenteel te onderscheiden van een straf: een
beveiligingsmaatregel beoogt geen leed, maar wel een ‘veiligstelling’ die
nadelige gevolgen kan hebben naar aanleiding van het plegen van een misdrijf.
het is steeds met de bedoeling de maatschappij veiliger te maken.
een rechter kan bijvoorbeeld twijfelen bij iemand aan de mogelijkheid of die nog
wel kan rijden door lichamelijke obstakels (druggebruik = straf) of psychische
problemen (geen straf, maar beveiligingsmaatregel) of..
1
, ii. publiek recht
strafrecht is publiek recht!
het plegen van een misdrijf brengt een verticale rechtsverhouding tot stand
tussen dader en de staat. het recht om strafbaar te stellen en om te straffen is
voorbehouden aan de staat.
strafrecht dient niet om private belangen van burgers of geschillen tussen
burgers te dienen.
afhankelijk van de omstandigheden (en nagestreefde belangen) kan een geschil
een privaat dan wel publiek (strafbaar karakter krijgen)
zoals familieverlating vs. invorderen achterstallen: wanneer alimentatie niet op
tijd wordt betaald (achterstal), wordt er een brief in verhouding van betaler en
ontvangende opgesteld en verstuurd. na twee maanden achterstal is dit
officieel familieverlaat en zal het strafrecht hiertussen komen. uiteindelijk
betaalt de ouder en daarboven krijgt die nog een straf.
zoals misbruik van vertrouwen “bedrog” vs. niet terugbetalen van een lening:
lenen is vertrouwen. zoiets wordt publiek recht wanneer de perisoon van in het
begin nooit de bedoeling had om de lening af te betalen en enkel het
vertrouwen wilde schanden, maar dat moet kunnen worden aangetoond.
strafrecht gaat over gedragingen die leiden tot de conclusie dat er een misdrijf
gepleegd is en dus tot een mogelijke straf.
de overheid is enige die het recht heeft om te bepalen wat strafbaar is en wat
de straf van de dader is. het slachtoffer hier geen zegge in. het is namelijk een
discussie tussen de staat, vertegenwoordigd door het Openbaar Ministerie, en
de dader.
de openbare orde: strafwetten zijn van dringend recht. het raakt de
maatschappelijke belangen. het wordt gedwongen opgelegd. er wordt
verondersteld dat we weten wat strafbaar is en dat we de wet naleven.
burgers kunnen geen afspraken maken over de inhoud, reikwijdte en toepassing
van de strafwet.
toestemming met een bepaald misdrijf is geen rechtvaardiging, maar kan in
wettelijk bepaalde gevallen wel beletten dat er sprake is van een misdrijf
bijvoorbeeld in geval van seksuele handelingen.
wel kan een ‘overeenkomst’ bepalen dat er geen openbaarheid gegeven wordt
aan een strafbare gedraging. hooligans spreken in groep af om georganiseerde
vechtpartijen te organiseren met bepaalde regels. zij gaan akkoord dat ze
elkaar gaan toetakelen. die handelingen zijn strafbaar, maar zulke dingen
komen zelden voor de rechtbank, maar stel dat het uit de hand loopt of op het
internet terechtkomt.
van zodra de wet zegt dat een bepaald gedrag strafbaar is, moeten wij ons
daarnaar schikken.
verder zijn overeenkomsten (dading) mogelijk over de burgerrechtelijke
gevolgen van een misdrijf. zo kunnen er afspraken gemaakt worden over het al
dan niet aangeven van een misdrijf of het indienen van een klacht. zo kan de
advocaat van het slachtoffer in overleg met (de advocaat van) de dader
onderhandelingen voeren en een akkoord sluiten: “ik beloof geen aangifte te
doen van de feiten in ruil voor..”
2
,in zulke gevallen kan een misdrijf kan dus non-actief blijven.
slachtoffers hebben geen recht om te straffen of om de strafvordering uit te
oefenen
zij kunnen wel deelnemen aan de strafprocedure (misdrijf bewijzen en dader
laten veroordelen) en daarin via burgerlijke partijstelling privaatrechtelijk belang
nastreven (schadevergoeding bekomen – gebeurt volgens de regels van het
burgerlijk recht).
onder bepaalde voorwaarden kunnen slachtoffers de strafprocedure zelfs
opstarten – men denkt erover na om die mogelijkheid af te schaffen of in te
perken, aangezien dit wil zeggen dat elke persoon die meent dat hij slachtoffer
is van een bepaald misdrijf in ons land het gerecht kan inschakelen om iemand
voor de rechter te brengen.
wel steeds er meer aandacht voor slachtofferrechten zoals inzage,
onderzoekshandelingen, gehoord en geïnformeerd worden..
klachtmisdrijven bestaan niet meer in Nieuw Sw.
zoals stalking/belaging: wiens rust ernstig verstoord wordt. vroeger kon dit
enkel voor de rechtbank komen als het slachtoffer zelf een klacht indiende,
maar men heeft beslist dit af te schaffen omdat slachtoffer vaak niet durven. nu
kan het gerecht via de procureur tussenkomen wanneer er sprake is van
stalking, ook al wil het slachtoffer dat zelf niet.
= slachtoffers zijn niet nodig om te straffen
iii. materieel en formeel
materieel strafrecht: rechtsregels die betrekking hebben op de omschrijving
van strafbare gedragingen, daderschap, straffen en voorwaarden om straffen op
te leggen en uit te voeren.
= onder welke voorwaarden de procureur kan beslissen je voor de rechtbank te
brengen of de rechter kan beslissen om je te straffen
formeel strafrecht, strafvordering, strafprocesrecht: procedureregels
over de toepassing van het materieel strafrecht. wettelijk bepaald voor elke fase
van de strafrechtspleging: door wie en op welke manier worden misdrijven
vastgesteld of opgespoord (vooronderzoek), vervolgd, bewezen en berecht
(onderzoek ten gronde), en uitgevoerd.
= onder welke voorwaarden de politie je telefoon kan afluisteren of de politie je
woning kan betreden of de politie je auto in beslag kan nemen
strafuitvoeringsrecht is materieel (strafuitvoering) en formeel strafrecht
(procedure ervan).
iv. nationaal en internationaal
strafrecht is hoofdzakelijk nationaal: wordt door alle geledingen van onze
staten: federaal strafrecht, maar ook van gemeenschappen, gewesten,
provincies en gemeenten.
internationaal strafrecht: overkoepelende term tussen internationaal recht
(tussen staten) en strafrecht (tussen staat en personen), met verschillende
componenten.
Belang neemt toe, waarde neemt af. “wat is nog de waarde van internationaal
strafrecht als zaken ongestraft kunnen gebeuren zoals ze vandaag gebeuren?”
3
, · nationaal materieel strafrecht met internationale achtergrond:
internationale organisaties en samenwerkingsverbanden stimuleren staten om
misdrijven en straffen op elkaar af te stemmen: zij zetten tezamen in op
bepaalde problematieken – vooral bij transnationale en complexe fenomenen
(terrorisme, mensenhandel, drugs etc.)
blijft in essentie nationaal (bijzonder) strafrecht.
· internationale strafbaarstellingen:
afspraken gemaakt tussen landen (bij Verdrag van Rome) over (internationale)
misdrijven, hun vervolging en bestraffing. gericht op berechting van daders voor
internationale strafrechtbanken. Internationaal Strafhof opgericht om
kernmisdaden zoals genocide en oorlogsmidaden te gaan vervolgen. met
invloed op nationaal strafrecht.
· rechtsmachtrecht:
bevoegdheid van de staat zelf om het toepassingsbereik van de strafwet te
bepalen; ook buiten het eigen grondgebied bijvoorbeeld als het gaat om een
slachtoffer van Belgische nationaliteit, een oorlogsmisdaad of omdat wij ons
bevoegd verklaren. vooral (materieel) nationaal recht.
· formeel internationaal strafrecht:
procedureregels voor de behandeling van internationale misdrijven voor
internationale strafrechtbanken en internationale rechtshulp in strafzaken
(gericht op bewijsverzameling, uitlevering/overlevering etc.)
v. algemeen en bijzonder
algemeen strafrecht
· onder welke voorwaarden gedragingen misdrijven zijn
· wie dader van een misdrijf is en strafrechtelijke verantwoordelijkheid draagt
· welke straffen bestaan
· onder welke voorwaarden straffen aan daders kunnen worden opgelegd en
uitgevoerd
= boek I Nieuw Sw.
= complementaire wetten na Strafwetboek 1867 ter aanvulling van boek I Sw.
zoals internering en strafuitvoeringswetten
bijzonder strafrecht
· welke gedragingen misdrijven zijn (specifiek)
· welke straffen op de (specifieke) misdrijven worden gesteld
= boek II Sw. en in heel veel bijzondere strafwetten in de vorm van wetten,
decreten, ordonnanties of provinciale en gemeentelijke verordeningen
toepassing van algemeen strafrecht op het bijzonder strafrecht
algemeen strafrecht uit boek I Nieuw Strafwetboek: art. 77 Nieuw Sw.
bijzondere strafwetten (bijvoorbeeld Drugwet) worden dus samen met boek I
Nieuw Sw. toegepast.
toepassingsbereik complementaire wetten blijkt uit complementaire wet zelf
bijvoorbeeld interneringswet bepaalt zelf voor welke misdrijven dit mogelijk is.
4
juridische situering
i. begrip
strafrecht is het geheel van rechtsregels dat bepaalt:
- onder welke voorwaarden gedragingen misdrijven zijn en welke
gedragingen misdrijven zijn;
- wie dader van een misdrijf is en strafrechtelijke verantwoordelijkheid draagt;
- welke straffen bestaan en welke straffen op de misdrijven worden gesteld;
- onder welke voorwaarden straffen aan daders kunnen worden opgelegd en
uitgevoerd;
- hoe de bevoegde instanties oordelen over misdrijf, dader en straf.
een misdrijf is een afwijking van de norm die een reactie in de vorm van een
straf verantwoordt. normen vastgesteld door de hedendaagse maatschappij in
een bepaald gebied. wat een misdrijf is, verschilt in tijd en ruimte. wat is een
misdrijf (algemeen) en welke gedragingen zijn een misdrijf (bijzonder)?
norm: wij als maatschappij beslissen samen wat die normen zijn.
· ruimte: elk land beslist voor zichzelf wat die norm is.
· tijd: strafrecht van 2025 is niet meer hetzelfde als dat van 2005.
seksueel strafrecht is grondig hervormd in 2022.
zorgt soms conflicten: als je vandaag voor de rechtbank komt voor iets wat twee
jaar geleden is gebeurd en er is ondertussen een wijziging geweest.. welk
strafrecht moet er dan toegepast worden?
algemeen: “wat is een misdrijf?” – basiselementen
bijzonder: wat levert in bijzonder een misdrijf op, ontleden van een misdrijf –
specifiek misdrijf (mensenhandel, doodslag, moord)
een dader is wie wordt aanzien als pleger(s) van een misdrijf en wie voor dat
misdrijf strafrechtelijke verantwoordelijkheid draagt.
een straf is een wettelijk bepaalde vorm van leed door de rechter opgelegd als
sanctie voor een misdrijf;
algemeen: “wat is een straf?” = algemene regels die van toepassing zijn
bijzonder: “met welke straf wordt een bepaald misdrijf bestraft” = voor elk
misdrijf afzonderlijk is er een bepaalde straf
een beveiligingsmaatregel is geen straf, maar dat valt wel binnen het
strafrecht. het is fundamenteel te onderscheiden van een straf: een
beveiligingsmaatregel beoogt geen leed, maar wel een ‘veiligstelling’ die
nadelige gevolgen kan hebben naar aanleiding van het plegen van een misdrijf.
het is steeds met de bedoeling de maatschappij veiliger te maken.
een rechter kan bijvoorbeeld twijfelen bij iemand aan de mogelijkheid of die nog
wel kan rijden door lichamelijke obstakels (druggebruik = straf) of psychische
problemen (geen straf, maar beveiligingsmaatregel) of..
1
, ii. publiek recht
strafrecht is publiek recht!
het plegen van een misdrijf brengt een verticale rechtsverhouding tot stand
tussen dader en de staat. het recht om strafbaar te stellen en om te straffen is
voorbehouden aan de staat.
strafrecht dient niet om private belangen van burgers of geschillen tussen
burgers te dienen.
afhankelijk van de omstandigheden (en nagestreefde belangen) kan een geschil
een privaat dan wel publiek (strafbaar karakter krijgen)
zoals familieverlating vs. invorderen achterstallen: wanneer alimentatie niet op
tijd wordt betaald (achterstal), wordt er een brief in verhouding van betaler en
ontvangende opgesteld en verstuurd. na twee maanden achterstal is dit
officieel familieverlaat en zal het strafrecht hiertussen komen. uiteindelijk
betaalt de ouder en daarboven krijgt die nog een straf.
zoals misbruik van vertrouwen “bedrog” vs. niet terugbetalen van een lening:
lenen is vertrouwen. zoiets wordt publiek recht wanneer de perisoon van in het
begin nooit de bedoeling had om de lening af te betalen en enkel het
vertrouwen wilde schanden, maar dat moet kunnen worden aangetoond.
strafrecht gaat over gedragingen die leiden tot de conclusie dat er een misdrijf
gepleegd is en dus tot een mogelijke straf.
de overheid is enige die het recht heeft om te bepalen wat strafbaar is en wat
de straf van de dader is. het slachtoffer hier geen zegge in. het is namelijk een
discussie tussen de staat, vertegenwoordigd door het Openbaar Ministerie, en
de dader.
de openbare orde: strafwetten zijn van dringend recht. het raakt de
maatschappelijke belangen. het wordt gedwongen opgelegd. er wordt
verondersteld dat we weten wat strafbaar is en dat we de wet naleven.
burgers kunnen geen afspraken maken over de inhoud, reikwijdte en toepassing
van de strafwet.
toestemming met een bepaald misdrijf is geen rechtvaardiging, maar kan in
wettelijk bepaalde gevallen wel beletten dat er sprake is van een misdrijf
bijvoorbeeld in geval van seksuele handelingen.
wel kan een ‘overeenkomst’ bepalen dat er geen openbaarheid gegeven wordt
aan een strafbare gedraging. hooligans spreken in groep af om georganiseerde
vechtpartijen te organiseren met bepaalde regels. zij gaan akkoord dat ze
elkaar gaan toetakelen. die handelingen zijn strafbaar, maar zulke dingen
komen zelden voor de rechtbank, maar stel dat het uit de hand loopt of op het
internet terechtkomt.
van zodra de wet zegt dat een bepaald gedrag strafbaar is, moeten wij ons
daarnaar schikken.
verder zijn overeenkomsten (dading) mogelijk over de burgerrechtelijke
gevolgen van een misdrijf. zo kunnen er afspraken gemaakt worden over het al
dan niet aangeven van een misdrijf of het indienen van een klacht. zo kan de
advocaat van het slachtoffer in overleg met (de advocaat van) de dader
onderhandelingen voeren en een akkoord sluiten: “ik beloof geen aangifte te
doen van de feiten in ruil voor..”
2
,in zulke gevallen kan een misdrijf kan dus non-actief blijven.
slachtoffers hebben geen recht om te straffen of om de strafvordering uit te
oefenen
zij kunnen wel deelnemen aan de strafprocedure (misdrijf bewijzen en dader
laten veroordelen) en daarin via burgerlijke partijstelling privaatrechtelijk belang
nastreven (schadevergoeding bekomen – gebeurt volgens de regels van het
burgerlijk recht).
onder bepaalde voorwaarden kunnen slachtoffers de strafprocedure zelfs
opstarten – men denkt erover na om die mogelijkheid af te schaffen of in te
perken, aangezien dit wil zeggen dat elke persoon die meent dat hij slachtoffer
is van een bepaald misdrijf in ons land het gerecht kan inschakelen om iemand
voor de rechter te brengen.
wel steeds er meer aandacht voor slachtofferrechten zoals inzage,
onderzoekshandelingen, gehoord en geïnformeerd worden..
klachtmisdrijven bestaan niet meer in Nieuw Sw.
zoals stalking/belaging: wiens rust ernstig verstoord wordt. vroeger kon dit
enkel voor de rechtbank komen als het slachtoffer zelf een klacht indiende,
maar men heeft beslist dit af te schaffen omdat slachtoffer vaak niet durven. nu
kan het gerecht via de procureur tussenkomen wanneer er sprake is van
stalking, ook al wil het slachtoffer dat zelf niet.
= slachtoffers zijn niet nodig om te straffen
iii. materieel en formeel
materieel strafrecht: rechtsregels die betrekking hebben op de omschrijving
van strafbare gedragingen, daderschap, straffen en voorwaarden om straffen op
te leggen en uit te voeren.
= onder welke voorwaarden de procureur kan beslissen je voor de rechtbank te
brengen of de rechter kan beslissen om je te straffen
formeel strafrecht, strafvordering, strafprocesrecht: procedureregels
over de toepassing van het materieel strafrecht. wettelijk bepaald voor elke fase
van de strafrechtspleging: door wie en op welke manier worden misdrijven
vastgesteld of opgespoord (vooronderzoek), vervolgd, bewezen en berecht
(onderzoek ten gronde), en uitgevoerd.
= onder welke voorwaarden de politie je telefoon kan afluisteren of de politie je
woning kan betreden of de politie je auto in beslag kan nemen
strafuitvoeringsrecht is materieel (strafuitvoering) en formeel strafrecht
(procedure ervan).
iv. nationaal en internationaal
strafrecht is hoofdzakelijk nationaal: wordt door alle geledingen van onze
staten: federaal strafrecht, maar ook van gemeenschappen, gewesten,
provincies en gemeenten.
internationaal strafrecht: overkoepelende term tussen internationaal recht
(tussen staten) en strafrecht (tussen staat en personen), met verschillende
componenten.
Belang neemt toe, waarde neemt af. “wat is nog de waarde van internationaal
strafrecht als zaken ongestraft kunnen gebeuren zoals ze vandaag gebeuren?”
3
, · nationaal materieel strafrecht met internationale achtergrond:
internationale organisaties en samenwerkingsverbanden stimuleren staten om
misdrijven en straffen op elkaar af te stemmen: zij zetten tezamen in op
bepaalde problematieken – vooral bij transnationale en complexe fenomenen
(terrorisme, mensenhandel, drugs etc.)
blijft in essentie nationaal (bijzonder) strafrecht.
· internationale strafbaarstellingen:
afspraken gemaakt tussen landen (bij Verdrag van Rome) over (internationale)
misdrijven, hun vervolging en bestraffing. gericht op berechting van daders voor
internationale strafrechtbanken. Internationaal Strafhof opgericht om
kernmisdaden zoals genocide en oorlogsmidaden te gaan vervolgen. met
invloed op nationaal strafrecht.
· rechtsmachtrecht:
bevoegdheid van de staat zelf om het toepassingsbereik van de strafwet te
bepalen; ook buiten het eigen grondgebied bijvoorbeeld als het gaat om een
slachtoffer van Belgische nationaliteit, een oorlogsmisdaad of omdat wij ons
bevoegd verklaren. vooral (materieel) nationaal recht.
· formeel internationaal strafrecht:
procedureregels voor de behandeling van internationale misdrijven voor
internationale strafrechtbanken en internationale rechtshulp in strafzaken
(gericht op bewijsverzameling, uitlevering/overlevering etc.)
v. algemeen en bijzonder
algemeen strafrecht
· onder welke voorwaarden gedragingen misdrijven zijn
· wie dader van een misdrijf is en strafrechtelijke verantwoordelijkheid draagt
· welke straffen bestaan
· onder welke voorwaarden straffen aan daders kunnen worden opgelegd en
uitgevoerd
= boek I Nieuw Sw.
= complementaire wetten na Strafwetboek 1867 ter aanvulling van boek I Sw.
zoals internering en strafuitvoeringswetten
bijzonder strafrecht
· welke gedragingen misdrijven zijn (specifiek)
· welke straffen op de (specifieke) misdrijven worden gesteld
= boek II Sw. en in heel veel bijzondere strafwetten in de vorm van wetten,
decreten, ordonnanties of provinciale en gemeentelijke verordeningen
toepassing van algemeen strafrecht op het bijzonder strafrecht
algemeen strafrecht uit boek I Nieuw Strafwetboek: art. 77 Nieuw Sw.
bijzondere strafwetten (bijvoorbeeld Drugwet) worden dus samen met boek I
Nieuw Sw. toegepast.
toepassingsbereik complementaire wetten blijkt uit complementaire wet zelf
bijvoorbeeld interneringswet bepaalt zelf voor welke misdrijven dit mogelijk is.
4