Samenvatting K&C 2
1 HOOFDSTUK 1: CULTUURTOERISME INLEIDING
1.1.1 Begrippenkader
Erfgoed:
Onroerend erfgoed: monumenten, archeologische sites en landschappen
die wel tastbaar zijn, maar niet verplaatst kunnen worden
Roerend cultureel erfgoed: wordt bewaard in musea, archieven,
bibliotheken, documentatiecentra, kerken en kloosters, scholen, ..
Immaterieel erfgoed: minder tastbare dingen zoals verhalen, tradities,
feesten, liederen, dialecten, stoeten, ..
Erfgoedzorg gaat om:
1. Verzamelen of Beheer: registratie
2. Behoud: restauratie & conservering
3. Onderzoek: onderzoek & studie
4. Ontsluiten: wetenschap & grote publiek
5. Borgen: doorgeven aan toekomstige generaties
Cultuurtoerisme kan.. zijn :
Aanbodgeoriënteerd: cultuurtoeristen zijn op zoek naar confrontaties en he
t ervaren van een ‘vreemde’ cultuur
Aanleidinggeoriënteerd: cultuurtoeristen hebben andere redenen
om iets te bezoeken dan reguliere toeristen ->
intrinsieke motivatie, verwachtingen, beleving
Belevinggeoriënteerd: cultuurtoeristen zijn op zoek naar beleving
Operationeelgeoriënteerd: cultuurtoeristen nemen
aan activiteiten of ervaringen
Cultuurproduct:
1.1.2 De cultuurtoerist
Basismotivaties van de Belgische vakantieganger:
1
,Culturele verrekijker kenmerken:
Verruimt zijn culturele horizon, bezoekt kunststeden, verdiept zich in
artikels over zijn bestemming, lokale tradities, niet op zoek naar luxe,
meer senioren
Typologie van de cultuurtoerist
Culture‐core: diepe ervaring, cultuur hoofddoel
Culture‐peripheral: middelmatige beleving, cultuur wordt meegepikt
Incidental: oppervlakkige ervaring, indien alternatief kiest de toerist niet vo
or het culture
Accidental: diepe ervaring, de toerist kiest voor cultuur indien aanwezig
Eigenschappen cultuurtoerist:
Reiziger geen toerist
Actief op zoek nar het verschil
Op zoek naar authentieke beleving
Bekommerd om zelfontwikkeling
Interactie met lokale bevolking/bestemming
2
,2 HOOFDSTUK 2: CULTUURTOERISTISCHE
ATTRACTIES
2.1 WERELDERFGOED
2.1.1 Instrumenten
1. Werelderfgoed = cultureel of natuurlijk erfgoed dat uniek is en van
universele waarde voor de mensheid
Vastgelegd in de Werelderfgoedconventie van UNESCO (1972)
Monumenten, binnensteden of natuurgebieden
Wanneer een land erfgoed laad herkennen, verbindt het zich ertoe:
o Het erfgoed actief te beschermen
o Het te behouden voor toekomstige generaties
2020:1121 werelderfgoedsites
o Bv. Yellowstone National Park, Galapagoseilanden (Ecuador), Grote
Markt Brussel
2. Immaterieel erfgoed = levend erfgoed
Sociale gewoonten, voorstellingen, rituelen, tradities, uitdrukkingen, ..
UNESCO-conventie voor de borging van immaterieel cultureel erfgoed
(2003)
Opgenomen op heen internationale representatieve lijst
Verschil met werelderfgoed: immaterieel erfgoed hoeft niet uniek of van
wereldbetekenis te zijn
Doel: tonen en beschermen van de enorme culturele diversiteit aan
immaterieel erfgoed wereldwijd
Bv. Italiaanse keuken UNESCO-werelderfgoed
3. Memory of the World-programma
UNESCO initatief dat zich richt o het behoud en de verspreiding van
documentair erfgoed (geschreven bronnen, archieven, digitale
documenten, ..)
Opgestart in 1992
Beschermt documenten van uitzonderlijke waarde
2.1.2 Impact erkenning als werelderfgoed
Geen extra wettelijke bescherming
Geen automatische financiering
Geen ‘stolp’: erfgoed wordt niet afgesloten of bevroren in tijd
Maar wel:
Sterke uitstraling: label werkt als kwaliteitskeurmerk
Verhoogde toeristische aantrekkingskracht
Maar het kan leiden tot overtoerisme.
2.1.3 Trends
1. Inhaalbeweging niet-Westerse landen
2. Voorkeur voor seriële en transnationale nominaties
3. List of world heritage in danger groei o.a. door klimaatsopwarming en
rampen maar ook toerisme (crowding)
3
, 2.1.4 Cultureel erfgoed belang
Het speelt een cruciale rol op economisch, sociaal, cultureel en duurzaam vlak.
Economisch en ruimtelijk
o Verhoogt de aantrekkelijkheid van regio’s, steden en platteland.
o Trekt investeringen, talent en bedrijven aan → versterkt
concurrentiekracht.
o Creëert werkgelegenheid (erfgoedzorg, toerisme, creatieve sector).
o Levert hoog investeringsrendement en belastinginkomsten op.
o Werkt als katalysator voor duurzame stads- en regiov vernieuwing.
Toerisme, marketing & identiteit
o Geeft regio’s een unieke identiteit en sterke verhaallijnen
o Vormt de basis voor cultureel toerisme en effectieve
marketingstrategieën
Creativiteit, innovatie en duurzaamheid
o Stimuleert creativiteit en innovatie.
o Maakt historische gebouwen en omgevingen toegankelijk en
toekomstbestendig.
o Draagt bij aan klimaatdoelstellingen (hergebruik en renovatie van
bestaande gebouwen).
Levenskwaliteit en samenleving
o Verbetert leefbaarheid, sfeer en karakter van steden en regio’s.
o Maakt plaatsen aantrekkelijk om te wonen, werken en bezoeken.
o Ondersteunt onderwijs en levenslang leren.
o Versterkt burgerzin, trots en verbondenheid.
o Bouwt sociaal kapitaal en bevordert sociale cohesie en integratie.
2.2 ARCHITECTUURTOERISME DEEL 1
Toerisme en architectuur zijn onlosmakelijk met elkaar vervlochten. Architectuur
is een toeristische aantrekkingspool en heeft een praktisch ondersteunend nut.
2.2.1 Kenmerken
Het omvat
o hedendaagse architectuur
o bouwkundig erfgoed
architectuur maakt integraal deel uit van de aantrekkingskracht van de
toeristische bestemming
beeldmerk van de bestemming
kan deel uitmaken van het stedelijk landschap of een geïsoleerde ruimte
zijn (bv. abdij).
2.2.2 Attracties
1. Iconische gebouwen
Bauhaus (Walter Gropius)
Villa Savoye (Le corbusier)
Guggenheim Museum (Frank Lloyd Wright)
Einsteintoren (Erich Mendelsohn)
2. Architectenwoningen
4
1 HOOFDSTUK 1: CULTUURTOERISME INLEIDING
1.1.1 Begrippenkader
Erfgoed:
Onroerend erfgoed: monumenten, archeologische sites en landschappen
die wel tastbaar zijn, maar niet verplaatst kunnen worden
Roerend cultureel erfgoed: wordt bewaard in musea, archieven,
bibliotheken, documentatiecentra, kerken en kloosters, scholen, ..
Immaterieel erfgoed: minder tastbare dingen zoals verhalen, tradities,
feesten, liederen, dialecten, stoeten, ..
Erfgoedzorg gaat om:
1. Verzamelen of Beheer: registratie
2. Behoud: restauratie & conservering
3. Onderzoek: onderzoek & studie
4. Ontsluiten: wetenschap & grote publiek
5. Borgen: doorgeven aan toekomstige generaties
Cultuurtoerisme kan.. zijn :
Aanbodgeoriënteerd: cultuurtoeristen zijn op zoek naar confrontaties en he
t ervaren van een ‘vreemde’ cultuur
Aanleidinggeoriënteerd: cultuurtoeristen hebben andere redenen
om iets te bezoeken dan reguliere toeristen ->
intrinsieke motivatie, verwachtingen, beleving
Belevinggeoriënteerd: cultuurtoeristen zijn op zoek naar beleving
Operationeelgeoriënteerd: cultuurtoeristen nemen
aan activiteiten of ervaringen
Cultuurproduct:
1.1.2 De cultuurtoerist
Basismotivaties van de Belgische vakantieganger:
1
,Culturele verrekijker kenmerken:
Verruimt zijn culturele horizon, bezoekt kunststeden, verdiept zich in
artikels over zijn bestemming, lokale tradities, niet op zoek naar luxe,
meer senioren
Typologie van de cultuurtoerist
Culture‐core: diepe ervaring, cultuur hoofddoel
Culture‐peripheral: middelmatige beleving, cultuur wordt meegepikt
Incidental: oppervlakkige ervaring, indien alternatief kiest de toerist niet vo
or het culture
Accidental: diepe ervaring, de toerist kiest voor cultuur indien aanwezig
Eigenschappen cultuurtoerist:
Reiziger geen toerist
Actief op zoek nar het verschil
Op zoek naar authentieke beleving
Bekommerd om zelfontwikkeling
Interactie met lokale bevolking/bestemming
2
,2 HOOFDSTUK 2: CULTUURTOERISTISCHE
ATTRACTIES
2.1 WERELDERFGOED
2.1.1 Instrumenten
1. Werelderfgoed = cultureel of natuurlijk erfgoed dat uniek is en van
universele waarde voor de mensheid
Vastgelegd in de Werelderfgoedconventie van UNESCO (1972)
Monumenten, binnensteden of natuurgebieden
Wanneer een land erfgoed laad herkennen, verbindt het zich ertoe:
o Het erfgoed actief te beschermen
o Het te behouden voor toekomstige generaties
2020:1121 werelderfgoedsites
o Bv. Yellowstone National Park, Galapagoseilanden (Ecuador), Grote
Markt Brussel
2. Immaterieel erfgoed = levend erfgoed
Sociale gewoonten, voorstellingen, rituelen, tradities, uitdrukkingen, ..
UNESCO-conventie voor de borging van immaterieel cultureel erfgoed
(2003)
Opgenomen op heen internationale representatieve lijst
Verschil met werelderfgoed: immaterieel erfgoed hoeft niet uniek of van
wereldbetekenis te zijn
Doel: tonen en beschermen van de enorme culturele diversiteit aan
immaterieel erfgoed wereldwijd
Bv. Italiaanse keuken UNESCO-werelderfgoed
3. Memory of the World-programma
UNESCO initatief dat zich richt o het behoud en de verspreiding van
documentair erfgoed (geschreven bronnen, archieven, digitale
documenten, ..)
Opgestart in 1992
Beschermt documenten van uitzonderlijke waarde
2.1.2 Impact erkenning als werelderfgoed
Geen extra wettelijke bescherming
Geen automatische financiering
Geen ‘stolp’: erfgoed wordt niet afgesloten of bevroren in tijd
Maar wel:
Sterke uitstraling: label werkt als kwaliteitskeurmerk
Verhoogde toeristische aantrekkingskracht
Maar het kan leiden tot overtoerisme.
2.1.3 Trends
1. Inhaalbeweging niet-Westerse landen
2. Voorkeur voor seriële en transnationale nominaties
3. List of world heritage in danger groei o.a. door klimaatsopwarming en
rampen maar ook toerisme (crowding)
3
, 2.1.4 Cultureel erfgoed belang
Het speelt een cruciale rol op economisch, sociaal, cultureel en duurzaam vlak.
Economisch en ruimtelijk
o Verhoogt de aantrekkelijkheid van regio’s, steden en platteland.
o Trekt investeringen, talent en bedrijven aan → versterkt
concurrentiekracht.
o Creëert werkgelegenheid (erfgoedzorg, toerisme, creatieve sector).
o Levert hoog investeringsrendement en belastinginkomsten op.
o Werkt als katalysator voor duurzame stads- en regiov vernieuwing.
Toerisme, marketing & identiteit
o Geeft regio’s een unieke identiteit en sterke verhaallijnen
o Vormt de basis voor cultureel toerisme en effectieve
marketingstrategieën
Creativiteit, innovatie en duurzaamheid
o Stimuleert creativiteit en innovatie.
o Maakt historische gebouwen en omgevingen toegankelijk en
toekomstbestendig.
o Draagt bij aan klimaatdoelstellingen (hergebruik en renovatie van
bestaande gebouwen).
Levenskwaliteit en samenleving
o Verbetert leefbaarheid, sfeer en karakter van steden en regio’s.
o Maakt plaatsen aantrekkelijk om te wonen, werken en bezoeken.
o Ondersteunt onderwijs en levenslang leren.
o Versterkt burgerzin, trots en verbondenheid.
o Bouwt sociaal kapitaal en bevordert sociale cohesie en integratie.
2.2 ARCHITECTUURTOERISME DEEL 1
Toerisme en architectuur zijn onlosmakelijk met elkaar vervlochten. Architectuur
is een toeristische aantrekkingspool en heeft een praktisch ondersteunend nut.
2.2.1 Kenmerken
Het omvat
o hedendaagse architectuur
o bouwkundig erfgoed
architectuur maakt integraal deel uit van de aantrekkingskracht van de
toeristische bestemming
beeldmerk van de bestemming
kan deel uitmaken van het stedelijk landschap of een geïsoleerde ruimte
zijn (bv. abdij).
2.2.2 Attracties
1. Iconische gebouwen
Bauhaus (Walter Gropius)
Villa Savoye (Le corbusier)
Guggenheim Museum (Frank Lloyd Wright)
Einsteintoren (Erich Mendelsohn)
2. Architectenwoningen
4