Deel 1 – Europees Recht
Europees recht = het recht van de Europese Unie
- ‘Autonome’ rechtsorde met eigen rechtsbronnen en principes
- Een rechtssysteem, gebaseerd op enkele basisverdragen
→ VEU = Verdrag betreffende de EU
→ VWEU = Verdrag betreffende de Werking van de EU
Geconsolideerde verdragen
Gegrond op basisverdragen die zelf het gevolg zijn van historische evolutie
Omvat alle vroegere versies (basis EEG – verdrag)
Laatste aanpassing = Verdrag van Lissabon
-Handvest van de grondrechten
→ Verdragen = bevoegdheid om wetgeving aan te nemen
→ Handvest
o Fundamentele vrijheden moeten gerespecteerd worden bij het aannemen
o Zo niet? = procedure voor het Hof van Justitie die de geldigheid nietig kan
verklaren
→ Pas juridisch bindend sinds Verdrag van Lissabon (2007)
→ Rechten die gegarandeerd worden door EU, maar vaak ook door bv. EVRM
Primair Unierecht = spelregels van hoe het recht van de EU werkt
Secundair Unierecht = verordeningen en richtlijnen die lidstaten aannemen
(gebaseerd op primair recht en spelregels die we in de verdragen terugvinden)
- De Unie bezit rechtspersoonlijkheid (Art. 47 VEU)
→ De EU kan optreden in eigen naam (o.m. m.b.t. onderhandelen en sluiten van
internationale overeenkomsten)
→ Soms zelfs exclusief bevoegd (Bv. Handelsbeleid)
- Rechtsgrond voor Europese verdragen
→ Verwijzing naar verdrag waarin lidstaten deel van hun soevereiniteit afgeven
aan de EU
- Protocol Vs. verklaringen
→ Protocol = onderdeel verdragen
→ Verklaringen = hulpmiddel bij interpretatie verdragen
1
, Inleiding tot het internationaal en Europees recht
Supranationaal niveau = niveau van de Europese Unie
- Op grond van verdragen worden bevoegdheden toegekend aan instellingen van
de EU (Bv. Commissie, raad, …) = kunnen wetgeving aangeven
- EU recht speelt op verschillende domeinen een rol = ca. 85%
- Ons recht is gebaseerd op het recht van de EU
→ Rechtsreeks = Bv. Verordeningen
→ Onrechtstreeks = richtlijnen die nog moeten worden omgezet in nationale
wetgeving
Bv. Dopjes die vasthangen aan flesjes = richtlijn (Art. 192, lid 2 VWEU) → bindend, maar
moet omgezet worden in nationale wetgeving
Bv. Limburgse vlaai, GDPR = verordening
Bv. Verplichte verzekering bij speedpedelecs?
- Prejudiciële procedure = een specifieke procedure waarbij elke internationale
rechtbank vragen kan stellen aan het Hof van Justitie over de interpretatie en
toepassing van het EU recht
= Geformaliseerd juridisch dialoog
- Rechtbank in laatste aanleg is verplicht om vragen te stellen als er
onduidelijkheid is over de toepassing
- Antwoord = nee
Europees burgerschap = mensen met de nationaliteit van een lidstaat van de EU
- Veel rechten aan gebonden maar blijken er vaak niet van op de hoogte te zijn
- Bv. Politieke rechten (stemrecht voor EU + lokale verkiezingen), diplomatieke
bijstand, vrij reizen en verblijven (mits voorwaarden indien dit langer is dan 3
maanden), …
2
, Inleiding tot het internationaal en Europees recht
Hoofdstuk 1 – Hoe is de Europese Unie geëvolueerd als rechtssysteem?
Het juridisch kader van het Europees integratieproces = historische evolutie
1. De Verdieping van het Europees integratieproces
1.1 De eerste initiatieven tot intergouvernementele samenwerking in Europa
Europese integratie na WOII
- Marshallplan
→ De wederopbouw van Europa vanuit de VS financieel ondersteunen
→ Voorwaarde = landen moeten zich onderling organiseren over hoe ze de steun
zullen verdelen en gebruiken
- OEES (1948 – 1961) = Organisatie voor Europese Economische Samenwerking
→ Intergouvernementele organisatie tussen West – Europese landen
- OESO (1961) = Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling
→ Verlies van exclusieve focus op Europa
→ Ruimere economische en sociale thema’s
- Benelux
→ Diepgaande samenwerking tussen België, Nederland en Luxemburg
→ Douane – Unie (1944)
o Gezamenlijk economisch beleid, geen handelstarieven heffen
o Als drie-eenheid zich economisch profileren naar buitenwereld
(bevoegdheden verdelen)
→ Voorloper van de Europese economische integratie
- Congres van Den Haag (7 – 11 mei 1948)
→ Voorzitter = Winston Churchill
→ Hoe betere samenwerking in Europa?
o Oprichting van de Raad van Europa (5 mei 1949)
o Intergouvernementele organisatie met eigen institutionele structuur
EU = supranationaal
Intergouvernementeel Supranationaal
Lidstaten als belangrijkste actor Instellingen die onafhankelijk van de
(vertegenwoordigers) lidstaten opereren + deel uitmaken van
organisatie (Bv. Europese commissie)
Beslissing bij consensus / unanimiteit Beslissing bij (gekwalificeerde)
- Consensus = onderhandelen tot meerderheid
een compromis waar iedereen → Een staat kan gebonden worden tegen
zich bij kan vinden zijn eigen wil
3
, Inleiding tot het internationaal en Europees recht
- Unanimiteit = er wordt gestemd
waarbij elke staat vetorecht heeft
→ Een staat kan niet gebonden worden
tegen zijn eigen wil
Bronnen van internationaal recht Autonome rechtsorde met eigen
(verdragen, conventies, …) rechtsbronnen (verordeningen en
Bv. EVRM richtlijnen)
Rechtsgevolgen in nationale rechtsorde Directe werking en voorrang
worden bepaald door nationaal → Soms zonder omzetting in nationaal
grondwettelijk recht (cf. monisme Vs. recht
dualisme)
Raad van Europa Europese Unie
46 lidstaten 27 lidstaten
1949 1950’s
Conventies (Bv. EVRM, FCNM) Verdragen van Rome + amendementen
Belangrijkste instellingen
Comité van Ministers Europese Raad = staatshoofden en
regeringsleiders
Parlementaire assemblee Commissie = algemeen Europees belang
verdedigen
- Commissaris moet onafhankelijk
zijn
- Aangesteld voor periode van 5 jaar
Commissaris voor Mensenrechten Raad = vakministers
Europees Parlement = vertegenwoordigt
Europese burgers (NIET lidstaat)
- Rechtsreeks verkozen
- Zetelt per ideologische voorkeur
Europees Hof voor Rechten van de Mens Hof van Justitie
- Straatsburg - Luxemburg
- Toezien op EVRM + tegen lidstaat - Zorgen dat het EU recht op een
→ Instelling van de Raad van Europa uniforme en effectieve wijze wordt
toegepast
- Prejudiciële procedure = dialoog
tussen nationale rechtbanken en
HvJ
- De zaak zelf niet beslechten maar
EU recht verduidelijken (taak van
nationale rechter)
- Nagaan of lidstaten de EU
verdragen en handvest
respecteren
→ Instelling van de Europese Unie
4