Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 35 pagina's
Samenvatting

Samenvatting Economie deel 1 | HoWest | Sociaal werk

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 35 pagina's

Studiemateriaal voor Economie aan Hogeschool West-Vlaanderen, gericht op Sociaal werk studenten. Het document behandelt de relatie tussen economie en samenleving, de 17 Sustainable Development Goals (SDG's) met het 5P-kader, en een gedetailleerde analyse van armoede als relatief, gradueel en meerdimensionaal fenomeen. Essentieel voor het begrijpen van hoe economische en maatschappelijke vraagstukken samenhangen, met praktische voorbeelden zoals de coronacrisis en concrete modellen voor examenvoorbereiding.

Voorbeeld van de inhoud

Economie deel 1




1. Economie, samenleving en SDG’s

Economie en samenleving

• Economische toestand en maatschappelijke ontwikkeling zijn sterk met elkaar verweven: een zwakke
economie beperkt sociale maatregelen, zware sociale problemen ondermijnen de economie.
• De coronacrisis is een duidelijk voorbeeld: gezondheidsmaatregelen hadden grote economische gevolgen,
economische schokken troffen vooral kwetsbare groepen.

SDG’s (Agenda 2030)

• In 2015 keurden 193 landen de Agenda 2030 met 17 Sustainable Development Goals (SDG’s) goed.
• Doel: transitie naar een rechtvaardige en duurzame samenleving die voldoet aan de noden van nu, zonder
de kansen van toekomstige generaties in gevaar te brengen.
• Ze spelen in op uitdagingen zoals klimaatverandering, verlies aan biodiversiteit, uitputting van hulpbronnen,
armoede, ongelijkheid, migratie, overbevolking en schendingen van mensenrechten.

Duurzame ontwikkelingsdoelen (SDG’s)
1. Beëindig armoede overal en in al haar vormen
2. Beëindig honger, bereik voedselzekerheid en verbeterde voeding en promoot duurzame landbouw
3. Verzeker een goede gezondheid en promoot welzijn voor alle leeftijden
4. Verzeker gelijke toegang tot kwaliteitsvol onderwijs en bevorder levenslang leren voor iedereen
5. Bereik gendergelijkheid en empowerment voor alle vrouwen en meisjes
6. Verzeker toegang tot duurzaam beheer van water en sanitatie voor iedereen
7. Verzeker toegang tot betaalbare, betrouwbare, duurzame en moderne energie voor iedereen
8. Bevorder aanhoudende, inclusieve en duurzame economische groei, volledige en productieve tewerkstelling
en waardig werk voor iedereen
9. Bouw veerkrachtige infrastructuur, bevorder inclusieve en duurzame industrialisering en stimuleer innovatie
10. Dring ongelijkheid in en tussen landen terug
11. Maak steden en menselijke nederzettingen inclusief, veilig, veerkrachtig en duurzaam
12. Verzeker duurzame consumptie- en productiepatronen
13. Neem dringend actie om klimaatverandering en haar impact te bestrijden
14. Behoud en maak duurzaam gebruik van oceanen, zeeën en maritieme hulpbronnen
15. Bescherm, herstel en bevorder het duurzaam gebruik van ecosystemen op het vasteland, beheer bossen en
wouden duurzaam, bestrijd woestijnvorming, stop landdegradatie en draai het terug en roep het verlies aan
biodiversiteit een halt toe
16. Bevorder vreedzame en inclusieve samenlevingen met het oog op duurzame ontwikkeling, verzeker toegang
tot justitie voor iedereen en bouw op alle niveaus doeltreffende, verantwoordelijke en toegankelijke instellingen
uit
17. Versterk de implementatiemiddelen en revitaliseer het wereldwijd partnerschap voor duurzame
ontwikkeling.




5 P’s (kader van de SDG’s):
1. People

, o Armoede en honger uitroeien; waardige levensomstandigheden,
gezondheid, onderwijs en gelijke kansen voor iedereen.
o Motto: “leave no one behind”.
2. Planet
o Bescherming van milieu en natuurlijke hulpbronnen: klimaat,
biodiversiteit, water, bodems, bossen.
o Geen duurzame samenleving zonder leefbare planeet.
3. Prosperity
o Brede welvaart: duurzame en inclusieve economische groei,
werkgelegenheid en innovatie.
o Niet alleen winst (profit), maar welvaart die mens en milieu
respecteert.
4. Peace
o Vrede, veiligheid, mensenrechten, rechtsstaat en sterke instellingen.
o Zonder vrede en goed bestuur geen duurzame ontwikkeling.
5. Partnership
o Internationale samenwerking tussen landen, overheden, bedrijven en middenveld.
o Delen van middelen, kennis en verantwoordelijkheid.
Belangrijk: Profit uit de oude “3 P’s” is vervangen door Prosperity, en Peace en Partnership zijn toegevoegd.



2. Armoede: relatief, gradueel, meerdimensionaal

2.1 Relatieve armoede

• Armoede is relatief: je beoordeelt arm zijn t.o.v. de levensstandaard in een land.
• In België is iemand arm als hij met zijn inkomen niet normaal kan deelnemen aan de samenleving (bv. geen
geld voor schooluitstappen, winterjas, degelijk wonen).
• Armoede in België ziet er anders uit dan in een zeer arm land, maar gaat telkens over “niet kunnen volgen”
binnen de eigen maatschappij.

2.2 Graduele armoede (tijdsdimensie)
• Arm zijn voor korte tijd is anders dan langdurige armoede.
• Hoe langer armoede duurt, hoe groter de kloof met de rest van de samenleving:
o schulden stapelen zich op,
o stress en gezondheidsproblemen nemen toe,
o werkervaring veroudert,
o sociale netwerken verzwakken.
• Dat leidt tot een negatieve spiraal: hoe langer arm, hoe moeilijker eruit te raken.
Voorbeeld:
• 1 maand zonder werk → vaak nog relatief vlot herstel.
• 10 jaar armoede → schulden, geen recente werkervaring, psychische en fysieke problemen → afstand tot
arbeidsmarkt wordt zeer groot.

2.3 Meerdimensionale armoede

• Armoede is meer dan geld; het heeft verschillende dimensies:
o financieel: te weinig inkomen;
o sociaal-relationeel: isolement, geen netwerk;
o cognitief: beperkte toegang tot onderwijs of informatie;
o fysiek: slechte huisvesting, voeding, gezondheid.
• Iemand kan financieel net rondkomen maar sociaal geïsoleerd zijn of in slechte woonomstandigheden
leven: ook dat is armoede.
Examenzin: armoede is relatief (t.o.v. de samenleving), gradueel (duurtijd), en meerdimensionaal (inkomen + andere
levensdomeinen).


3. AROPE en de drie deelindicatoren
AROPE = At Risk Of Poverty and Social Exclusion (risico op armoede of sociale uitsluiting).
Je behoort tot AROPE als je in minstens één van deze drie situaties zit:
1. AROP – financieel armoederisico

, 2. LWI – lage werkintensiteit
3. SMSD – ernstige materiële en sociale deprivatie
In België had in 2025 ongeveer 16,5% van de bevolking een AROPE-risico (meer dan 1,9 miljoen mensen).

3.1 AROP – financieel armoederisico (inkomensarmoede)
• AROP = At Risk Of Poverty: inkomen < armoededrempel.
• Armoededrempel = 60% van het mediaan equivalent beschikbaar gezinsinkomen.
o Mediaan: het inkomensbedrag precies in het midden van de inkomensverdeling (50% <, 50% >).
o Equivalent: het gezinsinkomen wordt aangepast aan de gezinssamenstelling met
een equivalentieschaal (eerste volwassene, bijkomende volwassene, kinderen).
• Zo vergelijkt men inkomens van verschillende gezinstypes op een eerlijke manier.
Voorbeeld:
• Mediaan inkomen = 2.500 €/maand → 60% = 1.500 €.
• 1.500 € is de armoedegrens voor een alleenstaande.
• Voor een gezin met 2 volwassenen en 2 kinderen ligt de drempel hoger, omdat de equivalentiefactor hoger
is.
IPC – Income Poverty Concept:
• Armoede gemeten enkel op basis van inkomen: bent u arm volgens de inkomensgrens (60% mediaan)?
• Dit is dus louter monetair, geen rekening met andere dimensies.
Examenzin: AROP/IPC meet armoede door te kijken of het equivalent gezinsinkomen onder 60% van het mediaan
inkomen ligt; het is een eenzijdige inkomensmaatstaf.

3.2 LWI – lage werkintensiteit
• LWI = Low Work Intensity: de arbeidscapaciteit in het huishouden wordt voor minder dan 20% benut.
• Men kijkt naar de personen op beroepsactieve leeftijd (18–64 jaar): hoeveel maanden hebben ze gewerkt
t.o.v. hoeveel ze hadden kunnen werken.
• Studenten en gepensioneerden tellen niet mee; langdurig zieken en werklozen in principe wel, zolang ze 18–
64 zijn.
• LWI zegt niets over het “waarom” van niet-werken, alleen over het feitelijke werken.
Voorbeeld:
• In totaal 12 maanden kunnen werken → slechts 2 maanden gewerkt → lage werkintensiteit.
In 2025 had ongeveer 11% van de bevolking LWI.
Examenzin: LWI meet in welke mate de arbeidscapaciteit in een huishouden wordt benut; onder 20% spreekt men
van lage werkintensiteit.

3.3 SMSD – ernstige materiële en sociale deprivatie
• SMSD (Severe Material and Social Deprivation) meet het onvermogen om basisgoederen en -activiteiten
te betalen.
• Er zijn 13 items (verwarming, onverwachte uitgaven, vakantie, auto, kledij, schoenen, internet, sociale
contacten, vrijetijdsbesteding, …).
• MSD = materiële en sociale deprivatie wanneer men zich minstens 5 van de 13 items niet kan veroorloven.
• SMSD = ernstige materiële en sociale deprivatie bij minstens 7 items.
In 2025:
• MSD bij ± 9,4% van de bevolking,
• SMSD bij ± 4,9%.
Examenzin: SMSD drukt het gedwongen onvermogen uit om bepaalde als essentieel beschouwde goederen en
activiteiten te betalen; vanaf 7 van de 13 items spreekt men van ernstige materiële en sociale deprivatie.

3.4 Waarom AROPE?
• Armoede is meerdimensionaal: iemand kan
o net boven de inkomensgrens zitten (geen AROP) maar wel meerdere basiszaken niet kunnen
betalen (SMSD);
o weinig werken (LWI) maar tijdelijk nog sparen.
• Daarom combineert AROPE de drie dimensies in één brede indicator.
Examenzin: AROPE meet risico op armoede of sociale uitsluiting door drie dimensies te combineren: AROP
(inkomen), LWI (werk) en SMSD (levensomstandigheden); één volstaat om tot AROPE te behoren.


4. Armoededrempels: absolute vs relatieve norm

, 4.1 Absolute armoedenorm
• Vertrekt van een vast minimumbedrag dat nodig is voor een basispakket (voeding, huisvesting, kleding).
• Iedereen onder dat bedrag = arm.
• Het leefloon lijkt op zo’n absolute norm: een wettelijke minimumbedrag, verschillend per gezinssituatie.
Kenmerk: vaste grens, onafhankelijk van wat anderen verdienen.

4.2 Relatieve Europese armoedenorm
• Gebruikt in de EU en in België: armoede t.o.v. de algemene welvaart.
• Drempel = 60% van het mediaan equivalent gezinsinkomen.
• De standaardreferentie is een alleenstaande; voor andere gezinssamenstellingen past men de drempel aan
via equivalentieschaal.
• De armoedegrens stijgt mee als de algemene inkomens stijgen.
Samenvattende tabel:
Absolute armoede Relatieve armoede (EU)

Basis Vast minimumbedrag 60% van mediaan inkomen

Referentie Basisbehoeften Levensstandaard in de samenleving

Dynamiek Vast (in principe) Beweegt mee met welvaartsniveau

Examenzin: vanuit inkomensperspectief kan armoede gemeten worden met een absolute norm (vast
minimuminkomen) of met de relatieve norm (60% van het mediaan equivalent gezinsinkomen, zoals bij AROP).




5. EU-SILC / BE-SILC

• EU-SILC (European Union – Statistics on Income and Living Conditions) is een jaarlijkse enquête over
inkomen, werk, woonomstandigheden, deprivatie en armoederisico.
• In België is dat BE-SILC, uitgevoerd door Statbel.
• Deze enquête vormt de basis voor: armoededrempels, AROP, AROPE, LWI, SMSD.
Waarom zijn de cijfers “relatief”?
1. Relatief t.o.v. welvaart
o De drempel = 60% van het mediaan inkomen, dus armoedegrens stijgt mee als inkomens stijgen.
2. Relatief omdat niet iedereen bereikt wordt
o Dak- en thuislozen, mensen zonder wettig verblijf, mensen zonder officieel adres zijn moeilijk te
bevragen.
o De meest kwetsbare groepen zijn vaak statistisch onzichtbaar → officiële cijfers onderschatten de
echte armoede.
Examenzin: BE-SILC levert relatieve armoedecijfers op basis van 60% van het mediaan inkomen, maar
ondervertegenwoordigt de meest kwetsbare groepen, waardoor armoede in de realiteit hoger kan liggen.

Documentinformatie

Geüpload op
8 september 2026
Aantal pagina's
35
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
€6,94

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
0
Volgers
0
Items
10
Laatst verkocht
-



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen