KEYPOINTS VAN DIT HOOFDSTUK
4.1) De vier weefseltypen
Epitheel: Dekweefsel (met verschillende cellagen e ncelvormen) en kliercellen
Bindweefsel: In strikte zin, vloeibaar en steunweefsel
Spierweefsel: Gladde spieren, hartspier en skeletspier
Zenuwweefsel: Geleidende cellen en ondersteunende cellen
4.2) Epitheel
a) Definitie epitheel
Een ander woord voor epitheel is dekweefsel. Epitheel bekleedt in- en uitwendige
lichaamsoppervlakken en kan kliercellen bevatten
4.2.1) Welke twee functies heeft het epitheel?
Bescherming
Uitwisseling van stoffen
4.2.2) De drie mogelijke verbindingen tussen cellen.
Tight junction: Een dichte verbinding tussen de cellen
Gap junction: Verbinding tussen cellen waarbij er nog een opening is voor diffusie
van stoffen en osmose van water
Desmodoom: Verbinding tussen cellen waarbij niet alleen de celwand
verbonden zijn, maar er ook telkens een verbinding is met een cytoskelet
4.2.3) De functie op het epitheliaal oppervlak:
, a) Van microvilli
Het zijn vingervormige uitstulpingen die het oppervlak waar opname en afgifte van
stoffen plaatsvindt, vergroten.
b) Van cilia
De trilhaartjes verplaatsen de stoffen langst het epitheliaal oppervlakte
4.2.5) Vernieuwing en herstel van het epitheel
Het is cruciaal voor de beschermend functie van epitheel dt het zichzelf
voortdurend vernieuwt en herstelt. Dit is noodzakelijk omdat oudere cellen aan de
binnen- en buitenoppervlakken van het lichaam geleidelijk worden afgestoten en
omdat het epitheel beschadigd kan raken.
In de onderste lagen van het epitheel bevinden zich stamcellen/kiemcellen. Deze
stamcellen ondergaan continue deling. De nieuwe gevormde cellen migreren
geleidelijk naar het oppervlakte van het epitheel. Tijdens dit proces differentiëren
ze en nemen ze de specifieke functies van het epitheel aan.
4.3) Het aantal cellagen en de verschillende celvormen:
4.3.1) Aantal cellagen in het epitheel
Éénlagig
Meerlagig
a) Welke invloed hebben het aantal cellagen en de vorm van de cellen op
de functies van het epitheel?
Aan de ene kant van het spectrum heb je éénlagig plaveiselepitheel, wat betekend
dat het uit één laag platte cellen bestaat. De belangrijke functie hiervan is de
uitwisseling van stoffen, zoals zuurstof en koolstofdioxide.
Aan de andere kant van het spectrum heb je meerlagig cilindrisch epitheel, wat
betekent dat het uit meerdere lagen dikke, cilindervormige cellen bestaat. De
belangrijkste functie hiervan is het bieden van bescherming aan het lichaam. Vb.
tegen fysieke schade en ziekteverwekkers.
4.3.2) De vormen van epitheliale cellen
Plaveisel celllen: afgeplate en dunne cellen
Kubische cellen: kubus vorm (even hoog, als diep en breed)