Lesnotities juridische bronnen
Les 1 (15/09 en 19/09): Wat is recht + indeling rechtstakken.
Domitius Ulpianus: “ubi societas, ibi ius”.
Verschillen tussen samenlevingen/staten (staat vs. rechtstaat).
Verband met de heersende economische opvatting.
Het recht = de basis van de samenleving (veel te breed)
De mensenrechten, het arbeidsrecht, ….
De verkeersregels: de agent mag u beboeten wanneer hij/zij vindt dat u het verkeer in gevaar brengt
De vrijheid van meningsuiting: verbaal en expressie
Rechtsregel: tot stand gekomen door de correcte procedure (de overheid) + juridisch afdwingbaar
Een reglement is gemaakt door de overheid => juridisch afdwingbaar
Formele regels: in een reglement + in uw contract
Informele regels: niet in een regelement + NIET afdwingbaar
Regel: vooral moreel tot stand gekomen + NIET juridisch afdwingbaar
De essentie over wat is recht:
Veel regels kennen we al (worden als pap in de mond gegeven vanaf kinds zijn)
Rechtsregels: bevoegde overheid + juridisch afdwingbaar
Regels: veel ruimer
(!!) iedere rechtsregel is een regel, maar andersom niet
Een samenleving Een staat Een rechtstaat
Dezelfde normen en waarden Politieke/ bestuurlijke organisatie Alle kenmerken + extra
De vriendengroep, het werk, de Permanente bevolking Een constitutie/ grondwet
klas, … Afgebakend territorium (90% gelijk)
In iedere samenleving gelden er Erkenning van internationale (VK en Israël hebben dit niet en zijn
andere regels gemeenschap toch een rechtsstaat)
Een relatie tussen min. 2 personen (er zijn landen waarbij deze laatste De scheiding der machten
voorwaarde gevoelig ligt) a) UM (voert de wetten uit)
b) WM (maakt de wetten)
c) RM (houdt toezicht)
4de macht: de media (waakhond)
- Manipulatie van het volk
- Controleren + leiden opinie
5de macht: reclame
6de macht: katholieke kerk
Jaren 40-50: veel invloed kerk
- Wat doen en wanneer
- Godsdienstvrijheid
erkende godsdiensten
- Scheiding kerk en staat
7de macht: vakbond
De bescherming van de mensenrechten: gepaard met de achtergrond van de staat
Communisme: eigenbelang < de gemeenschap
o De staat gaat bepalen
o De gemeenschap vooraan met uitzonderingen
Kapitalisme: eigenbelang > de gemeenschap
o “ik heb dit tenzij de staat gaat beperken”
o Vanuit het individu
De manier van denken zorgt voor de totstandkoming van de mensenrechten
,Verschillende soorten rechtsregels:
Berechtingsregels (= procesrecht).
o De procedure
o Worden vaak als de burgers als onrechtvaardig gezien
o Bv. verhaal huiszoekingsbevel
Slechts een bevel voor zone A
Vonden in zone B allerlei bewijsmateriaal waardoor persoon schuldig is
Konden dit materiaal niet gebruiken doordat enkel A op het papier stond
o Recht ≠ rechtvaardig (recht gaat dit wel proberen na te streven)
Wijzigingsregels.
Erkenningsregels (= gelding, interpretatie en verhouding).
o De inhoud
Enkele verbanden:
Recht en godsdienst (belang secularisatie).
Recht en moraal (positivisme vs. natuurrecht).
Recht en sociale zeden (temporeel en cultureel bepaald).
Doel van het recht: het ordenen van een samenleving van mensen.
Recht en rechtszekerheid.
Recht en rechtvaardigheid.
o Aristoteles: verdelende vs. vergeldende rechtvaardigheid
o of publiekrecht vs. privaatrecht.
Het recht als middel.
Op niveau van de rechtsregel (= gedragsregels of normen).
Op niveau van de rechtspraak.
Op niveau van de rechtshandhaving (= afdwingbaarheid).
Geen eenvormige definitie, wel enkele belangrijke elementen.
Een poging tot definitie (die nooit voltooid zal zijn):
“het recht is een verzameling van rechtsregels in materiële zin en wordt gecreëerd door mensen met als doel
om hun samenleving te ordenen . Het toepassen en afdwingen van deze rechtsregels moet bijdragen tot een
vreedzame en rechtvaardige samenleving”.
De indeling van het recht
Objectief vs. subjectief recht.
o Objectief: het geheel van de rechtsregels (= positief recht)
De werking van de instellingen
o Subjectief: een rechtsregel gaan afdwingen (= mijn recht)
Hier tegenover staat een juridische verplichting
Materieel (= inhoudelijk) vs. Formeel (= procedureel) recht.
Het recht wordt onderverdeeld in domeinen:
o Volgens de activiteit die de regels ordent (bv. fiscaal recht).
o Volgens de techniek waarmee de regels worden geordend (bv. strafrecht).
o Volgens het niveau van totstandkoming van de regels (bv. Europees recht).
Onderscheid heeft zowel een didactisch als rechtstheoretisch nut.
,Klassiek onderscheid tussen privaatrecht en publiekrecht.
a) Privaatrecht: het recht van de burger.
Private belangen.
Relatie tussen burgers.
b) Publiekrecht: het recht van het handelen van de overheid.
Algemeen belang.
Verhoudingen tussen verschillende overheden onderling en de verhouding overheid – burger.
Onderscheid is thans voor een groot deel achterhaald.
Privépersonen kunnen worden belast met overheidstaken en overheden kunnen deelnemen aan het
privaatrechtelijke rechtsverkeer.
Vervlechting private belangen en algemeen belang.
o Bv. Sluiting Ford Genk te Genk (18/12/2014).
o Bv. Sluiting Caterpillar te Gosselies (02/09/2016).
o Bv. Aankoop mondmaskers Corona (2020).
Niet altijd (nog) een duidelijk onderscheid tussen privaat-en publiekrecht.
o Rechtstakken (bv. sociaal zekerheidsrecht).
o Rechtsinstellingen (bv. huwelijk).
Sluitende opdeling privaat/publiekrecht onmogelijk.
De rode takken: kan onder beide gevallen komen
De afdwingbaarheid van rechtsregels kent verschillende categorieën:
Aanvullend recht of suppletief recht (de makkelijkste tak)
o Legislatieve indicatie.
o Bv. onmiddellijk eigenaar van het goed bij een verkoop
Niet altijd voordelig om direct eigenaar te zijn
Brand bij appartement voor je daar woont
Gaan afwijken in de akte
Dwingend recht of imperatief recht (de moeilijkste tak)
o Bescherming van private belangen.
o Geen afwijking bij het sluiten, wel bij de uitvoering achteraf
o De economische zwakkere partij gaan beschermen
Openbare orde en goede zeden.
o Bescherming van het algemeen belang
o De morele/ economische pijlers
o Goede zede: de beleefdheid EN seksualiteit (=> evolueert doorheen de tijd)
Rechtsregels hebben steeds een materieel, personeel en territoriaal toepassingsgebied.
Grensoverschrijdende zaken: bevoegdheid, recht en uitvoering.
, Les 2 (22/09 en 26/09): WM (federaal) + hiërarchie normen.
De bronnen van het recht
Wat geeft aanleiding tot rechtsregels?
Ongelijkheid
o Sociologisch verschijnsel
o De inkomenskloof tussen man en vrouw
o Bestuur: 1/3de verdeling (gelijkheid in vertegenwoordiging)
Discriminatie en gelijkheid hangt nauw samen
o Discriminatie: iemand anders gaan behandelen dan een ander persoon
Culturele achtergrond, leeftijd (= vandaag de dag een gevoelige discriminatie),
“handicap”, …
Pijnpunt van jobs bij jongeren: net afgestudeerden vinden moeilijker werk door de
vereiste van ervaring
Verkeersveiligheid
o Staat op iedere politieker zijn agenda tegenwoordig
o Onder invloed achter het stuur kruipen: 2 glazen voor negatief te blazen
Vroeger positief blazen = boeten en doorrijden
Nu positief blazen = rijbewijs intrekken
o Te snel rijden = “verkeersongevallen veroorzaken” (dat is niet altijd zo)
o Veel strengere verkeersregels tegenwoordig
Meningsverschillen
o Bv. covid-19: minderheid die zich niet lieten vaccineren (anti-vaccers) -> verplichten om te
vaccineren en ze doen het niet = sanctioneren -> probleem: de regelgeving heeft u nooit
hiervoor verplicht -> het was slechts geadviseerd -> niet vaccineren kan dus niet
gesanctioneerd worden
o Een vrijheid van meningsuiting -> geen volledige vrijheid -> zolang er niet wordt gediscrimineerd
of racistische uitspraken zijn
o Beperking van de meningsuiting:
De ambtenaren mogen hun mening buiten hun beroep niet volledig uiten
Bv. buiten de AP een statement maken dat AP in een kwaad daglicht zetten kan leiden
tot een tuchtsanctie als een lid van het bestuur
Rechten op de uitvindingen (gsm, laptop, …)
De privacy
o Bv. in Nederland heeft men 400 camera’s geïnstalleerd voor de verkeersveiligheid -> niet enkel
de snelheid filmen MAAR ook wat u exact doet -> voor de centen (hebben daarmee 5milj. met
verdiend)
o Voorstel voor in België voor hetzelfde: negatief advies van de privacy commissie
De medische wereld
o Bv. een nieuw medicijn ontdekken -> beschermen van dat medicijn
o Bv. ziekenhuizen -> vroeger was euthanasie moord
Trias politica: scheiding der machten (checks & balances).
Oorsprong (De l’esprit des lois: Charles Montesquieu, 1748).
Drie staatsmachten: WM – UM en RM.
Belang van iedere staatsmacht is grondwettelijk verankerd.
Verschillende rechtsbronnen (hiërarchie der rechtsbronnen):
Materiële rechtsbronnen (= factoren die een inhoudelijke invloed uitoefenen op het vormen van het
recht).
o Alles wat u kunt verzinnen geeft aanleiding tot rechtsregels
o Politieke bronnen, feitelijke bronnen, ideologische bronnen, rechtsfilosofische en
rechtstheoretische bronnen en juridische inspiratiebronnen.
Les 1 (15/09 en 19/09): Wat is recht + indeling rechtstakken.
Domitius Ulpianus: “ubi societas, ibi ius”.
Verschillen tussen samenlevingen/staten (staat vs. rechtstaat).
Verband met de heersende economische opvatting.
Het recht = de basis van de samenleving (veel te breed)
De mensenrechten, het arbeidsrecht, ….
De verkeersregels: de agent mag u beboeten wanneer hij/zij vindt dat u het verkeer in gevaar brengt
De vrijheid van meningsuiting: verbaal en expressie
Rechtsregel: tot stand gekomen door de correcte procedure (de overheid) + juridisch afdwingbaar
Een reglement is gemaakt door de overheid => juridisch afdwingbaar
Formele regels: in een reglement + in uw contract
Informele regels: niet in een regelement + NIET afdwingbaar
Regel: vooral moreel tot stand gekomen + NIET juridisch afdwingbaar
De essentie over wat is recht:
Veel regels kennen we al (worden als pap in de mond gegeven vanaf kinds zijn)
Rechtsregels: bevoegde overheid + juridisch afdwingbaar
Regels: veel ruimer
(!!) iedere rechtsregel is een regel, maar andersom niet
Een samenleving Een staat Een rechtstaat
Dezelfde normen en waarden Politieke/ bestuurlijke organisatie Alle kenmerken + extra
De vriendengroep, het werk, de Permanente bevolking Een constitutie/ grondwet
klas, … Afgebakend territorium (90% gelijk)
In iedere samenleving gelden er Erkenning van internationale (VK en Israël hebben dit niet en zijn
andere regels gemeenschap toch een rechtsstaat)
Een relatie tussen min. 2 personen (er zijn landen waarbij deze laatste De scheiding der machten
voorwaarde gevoelig ligt) a) UM (voert de wetten uit)
b) WM (maakt de wetten)
c) RM (houdt toezicht)
4de macht: de media (waakhond)
- Manipulatie van het volk
- Controleren + leiden opinie
5de macht: reclame
6de macht: katholieke kerk
Jaren 40-50: veel invloed kerk
- Wat doen en wanneer
- Godsdienstvrijheid
erkende godsdiensten
- Scheiding kerk en staat
7de macht: vakbond
De bescherming van de mensenrechten: gepaard met de achtergrond van de staat
Communisme: eigenbelang < de gemeenschap
o De staat gaat bepalen
o De gemeenschap vooraan met uitzonderingen
Kapitalisme: eigenbelang > de gemeenschap
o “ik heb dit tenzij de staat gaat beperken”
o Vanuit het individu
De manier van denken zorgt voor de totstandkoming van de mensenrechten
,Verschillende soorten rechtsregels:
Berechtingsregels (= procesrecht).
o De procedure
o Worden vaak als de burgers als onrechtvaardig gezien
o Bv. verhaal huiszoekingsbevel
Slechts een bevel voor zone A
Vonden in zone B allerlei bewijsmateriaal waardoor persoon schuldig is
Konden dit materiaal niet gebruiken doordat enkel A op het papier stond
o Recht ≠ rechtvaardig (recht gaat dit wel proberen na te streven)
Wijzigingsregels.
Erkenningsregels (= gelding, interpretatie en verhouding).
o De inhoud
Enkele verbanden:
Recht en godsdienst (belang secularisatie).
Recht en moraal (positivisme vs. natuurrecht).
Recht en sociale zeden (temporeel en cultureel bepaald).
Doel van het recht: het ordenen van een samenleving van mensen.
Recht en rechtszekerheid.
Recht en rechtvaardigheid.
o Aristoteles: verdelende vs. vergeldende rechtvaardigheid
o of publiekrecht vs. privaatrecht.
Het recht als middel.
Op niveau van de rechtsregel (= gedragsregels of normen).
Op niveau van de rechtspraak.
Op niveau van de rechtshandhaving (= afdwingbaarheid).
Geen eenvormige definitie, wel enkele belangrijke elementen.
Een poging tot definitie (die nooit voltooid zal zijn):
“het recht is een verzameling van rechtsregels in materiële zin en wordt gecreëerd door mensen met als doel
om hun samenleving te ordenen . Het toepassen en afdwingen van deze rechtsregels moet bijdragen tot een
vreedzame en rechtvaardige samenleving”.
De indeling van het recht
Objectief vs. subjectief recht.
o Objectief: het geheel van de rechtsregels (= positief recht)
De werking van de instellingen
o Subjectief: een rechtsregel gaan afdwingen (= mijn recht)
Hier tegenover staat een juridische verplichting
Materieel (= inhoudelijk) vs. Formeel (= procedureel) recht.
Het recht wordt onderverdeeld in domeinen:
o Volgens de activiteit die de regels ordent (bv. fiscaal recht).
o Volgens de techniek waarmee de regels worden geordend (bv. strafrecht).
o Volgens het niveau van totstandkoming van de regels (bv. Europees recht).
Onderscheid heeft zowel een didactisch als rechtstheoretisch nut.
,Klassiek onderscheid tussen privaatrecht en publiekrecht.
a) Privaatrecht: het recht van de burger.
Private belangen.
Relatie tussen burgers.
b) Publiekrecht: het recht van het handelen van de overheid.
Algemeen belang.
Verhoudingen tussen verschillende overheden onderling en de verhouding overheid – burger.
Onderscheid is thans voor een groot deel achterhaald.
Privépersonen kunnen worden belast met overheidstaken en overheden kunnen deelnemen aan het
privaatrechtelijke rechtsverkeer.
Vervlechting private belangen en algemeen belang.
o Bv. Sluiting Ford Genk te Genk (18/12/2014).
o Bv. Sluiting Caterpillar te Gosselies (02/09/2016).
o Bv. Aankoop mondmaskers Corona (2020).
Niet altijd (nog) een duidelijk onderscheid tussen privaat-en publiekrecht.
o Rechtstakken (bv. sociaal zekerheidsrecht).
o Rechtsinstellingen (bv. huwelijk).
Sluitende opdeling privaat/publiekrecht onmogelijk.
De rode takken: kan onder beide gevallen komen
De afdwingbaarheid van rechtsregels kent verschillende categorieën:
Aanvullend recht of suppletief recht (de makkelijkste tak)
o Legislatieve indicatie.
o Bv. onmiddellijk eigenaar van het goed bij een verkoop
Niet altijd voordelig om direct eigenaar te zijn
Brand bij appartement voor je daar woont
Gaan afwijken in de akte
Dwingend recht of imperatief recht (de moeilijkste tak)
o Bescherming van private belangen.
o Geen afwijking bij het sluiten, wel bij de uitvoering achteraf
o De economische zwakkere partij gaan beschermen
Openbare orde en goede zeden.
o Bescherming van het algemeen belang
o De morele/ economische pijlers
o Goede zede: de beleefdheid EN seksualiteit (=> evolueert doorheen de tijd)
Rechtsregels hebben steeds een materieel, personeel en territoriaal toepassingsgebied.
Grensoverschrijdende zaken: bevoegdheid, recht en uitvoering.
, Les 2 (22/09 en 26/09): WM (federaal) + hiërarchie normen.
De bronnen van het recht
Wat geeft aanleiding tot rechtsregels?
Ongelijkheid
o Sociologisch verschijnsel
o De inkomenskloof tussen man en vrouw
o Bestuur: 1/3de verdeling (gelijkheid in vertegenwoordiging)
Discriminatie en gelijkheid hangt nauw samen
o Discriminatie: iemand anders gaan behandelen dan een ander persoon
Culturele achtergrond, leeftijd (= vandaag de dag een gevoelige discriminatie),
“handicap”, …
Pijnpunt van jobs bij jongeren: net afgestudeerden vinden moeilijker werk door de
vereiste van ervaring
Verkeersveiligheid
o Staat op iedere politieker zijn agenda tegenwoordig
o Onder invloed achter het stuur kruipen: 2 glazen voor negatief te blazen
Vroeger positief blazen = boeten en doorrijden
Nu positief blazen = rijbewijs intrekken
o Te snel rijden = “verkeersongevallen veroorzaken” (dat is niet altijd zo)
o Veel strengere verkeersregels tegenwoordig
Meningsverschillen
o Bv. covid-19: minderheid die zich niet lieten vaccineren (anti-vaccers) -> verplichten om te
vaccineren en ze doen het niet = sanctioneren -> probleem: de regelgeving heeft u nooit
hiervoor verplicht -> het was slechts geadviseerd -> niet vaccineren kan dus niet
gesanctioneerd worden
o Een vrijheid van meningsuiting -> geen volledige vrijheid -> zolang er niet wordt gediscrimineerd
of racistische uitspraken zijn
o Beperking van de meningsuiting:
De ambtenaren mogen hun mening buiten hun beroep niet volledig uiten
Bv. buiten de AP een statement maken dat AP in een kwaad daglicht zetten kan leiden
tot een tuchtsanctie als een lid van het bestuur
Rechten op de uitvindingen (gsm, laptop, …)
De privacy
o Bv. in Nederland heeft men 400 camera’s geïnstalleerd voor de verkeersveiligheid -> niet enkel
de snelheid filmen MAAR ook wat u exact doet -> voor de centen (hebben daarmee 5milj. met
verdiend)
o Voorstel voor in België voor hetzelfde: negatief advies van de privacy commissie
De medische wereld
o Bv. een nieuw medicijn ontdekken -> beschermen van dat medicijn
o Bv. ziekenhuizen -> vroeger was euthanasie moord
Trias politica: scheiding der machten (checks & balances).
Oorsprong (De l’esprit des lois: Charles Montesquieu, 1748).
Drie staatsmachten: WM – UM en RM.
Belang van iedere staatsmacht is grondwettelijk verankerd.
Verschillende rechtsbronnen (hiërarchie der rechtsbronnen):
Materiële rechtsbronnen (= factoren die een inhoudelijke invloed uitoefenen op het vormen van het
recht).
o Alles wat u kunt verzinnen geeft aanleiding tot rechtsregels
o Politieke bronnen, feitelijke bronnen, ideologische bronnen, rechtsfilosofische en
rechtstheoretische bronnen en juridische inspiratiebronnen.