VERSOEPELD?
Om deze vraag te beantwoorden, moet eerst worden gekeken naar de huidige
procedure. De herziening van de Grondwet verloopt in drie fasen. Eerst stelt de
pre-constituante, bestaande uit de Kamer van Volksvertegenwoordigers, de
Senaat en de Koning (federale regering), een lijst op van grondwetsartikelen die
voor herziening vatbaar zijn. Enkel artikelen die op alle drie de lijsten voorkomen,
kunnen later worden gewijzigd. Vervolgens leidt de publicatie, in het Belgisch
Staatsblad, van deze lijst tot de ontbinding van de Kamers en moeten nieuwe
verkiezingen plaatsvinden. Ten slotte kan de constituante, gevormd door het
nieuw verkozen parlement, de aangeduide artikelen wijzigen met een
aanwezigheidsquorum van twee derde en een meerderheid van twee derde van
de uitgebrachte stemmen. Deze procedure maakt grondwetswijzigingen bewust
moeilijker dan gewone wetgeving. Deze procedure heeft als doel de stabiliteit
van de Grondwet te waarborgen, de bevolking inspraak te geven, enkel beperkte
wijzigingen mogelijk te maken en een brede politieke consensus te verzekeren.
Er zijn argumenten om de procedure te versoepelen. België is geëvolueerd van
een unitaire naar een federale staat en wordt steeds sterker beïnvloed door
internationale en Europese regelgeving. Hierdoor zijn grondwetswijzigingen soms
noodzakelijk om nieuwe maatschappelijke en institutionele ontwikkelingen op te
vangen. De huidige procedure kan zulke aanpassingen bemoeilijken en
vertragen. Bovendien blijkt in de praktijk dat verkiezingscampagnes zelden
draaien rond de aangekondigde grondwetswijzigingen, waardoor het argument
van inspraak van de bevolking minder sterk is.
Toch zijn er ook belangrijke argumenten tegen een versoepeling. De Grondwet
bevat de fundamentele regels van de democratische rechtsstaat en beschermt
burgers tegen machtsmisbruik. Een strenge procedure verhindert dat een
toevallige meerderheid deze regels gemakkelijk kan wijzigen. Daarnaast is brede
consensus bijzonder belangrijk in een federale en consensusgerichte staat zoals
België, waar verschillende taalgemeenschappen moeten samenwerken.
Concluderend lijkt een volledige versoepeling niet wenselijk. Hoewel de huidige
procedure soms weinig flexibel is, blijft zij belangrijk om stabiliteit,
rechtszekerheid en een brede consensus te garanderen. Een beperkte
modernisering kan worden overwogen, maar de fundamentele waarborgen van
de huidige procedure moeten behouden blijven.
2: PAST DE MOGELIJKHEID VAN GEWESTELIJKE VOLKSRAADPLEGINGEN IN
HET BELGISCHE CONCEPT VAN DEMOCRATIE?
Het Belgische democratische systeem is in de eerste plaats een representatieve
democratie. Volgens artikel 33 van de Grondwet gaan alle machten uit van de
Natie en worden zij uitgeoefend op de wijze bepaald door de Grondwet. Burgers
nemen dus normaal gezien niet rechtstreeks beslissingen, maar doen dit via
verkozen vertegenwoordigers. Om die reden zijn nationale referenda in België
niet toegestaan. De ervaring van de Koningskwestie van 1950 toonde immers
1