LABO 1: verdunningen c
=
E
Formules:
Molariteit (M): aantal mol per liter oplossing:
m
=
n
Omzetting tussen mol en massa:
massaprocent (m/m%):
V =
m
massa volumeprocent (m/V%):
Volumeprocent (v/v%):
Concentratie in ppm (parts per million):
→ voor verdunde waterige oplossingen met een dichtheid gelijk aan 1g/mL → 1ppm= 1mg/L
Verdunningsregel:
→ alle soorten concentraties behalve m/M% kunnen gebruikt worden
Verdunningsfactor: begin concentratie ten opzichte van eind concentratie of volume
eindoplossing t.o.v. begin oplossing
Gemiddelde:
E
Correcte volume : gemiddelde maal correctiefactor
percentage afwijking:
, &
: M
mma/1-Mg/L
Standaard afwijking en RSD
-
* M 0
M
mglou
&
mich -
-
XM
-
OEFENINGEN
70
1) omzetten concentraties
2) Bereken de molariteit van K+ in een oplossing die 63,3 ppm K4Fe(CN)6 bevat. De
-
dichtheid van de oplossing is 1,00 g/ml. MM = 368 g/mol.
a) ppm → g/L => (63.3 ppm = 63.3 mg/L = 0.0633 g/L)
b) molariteit (Mol/L) => n=m/M = 0.0633/368 = 0.00017201 mol/L
c) molariteit K+ => [K+]= 4 * Mol/L = 4*0.00017201 = 0.00068804 mol/L = 0.688
mmol/L
3) Hoeveel gram HClO4 zit in 37,6 g 70,5 % waterige oplossing? Hoeveel gram water
bevat deze oplossing?
a) Massa = 37.6g * 0.705 = 26.508g
b) massa water = 37.6 g - 26.508 g = 11.092 g
4) Bereken de molariteit van pyridine (C5H5N) indien 5,00 g opgelost wordt in water tot
een totaal volume van 457 ml.
a) n=m/M => 5/79.10 = 0.0632 mol
b) c=n/v => 0.0632/0.457 = 0.138 mol/L
5) Om tandbederf tegen te gaan wordt aan het drinkwater fluoride toegevoegd tot een
concentratie van 1,6 ppm. Hoeveel gram fluoride moet dan in 1,00 x 106 kg water
aanwezig zijn? Hoeveel kilogram NaF komt hiermee overeen?
a) 1.6mg/kg x 10^6 kg = 1.6 x 10^6 mg = 1600 g F-
b) hoeveel F in NaF: 19/41.99 = 0.4524
, c) m(NaF) = m(F-)/0.4524 = 1600/ 0..4524 = 3538 g = 3.54 kg NaF
6) Beschrijf de bereiding van 250 ml 6,0 M NH3 uit de geconcentreerde oplossing, die
een dichtheid heeft van 0,900 g/ml en een concentratie van 27 % NH3.
a) n=cV = 6.0 mol/L * 0.250 L = 1.5 mol
b) m(NH3) = n * M = 1.5 mol * 17.03 g/mol = 25.545 G
c) m(sol) = m(NH3) / 0.270 = 94.61 g
d) V(sol) = 94..900 g/mL = 105 mL
7) Hoeveel gram methanol zit in 0,100 liter 1,71 M waterige methanoloplossing?
a) n= c*V = 1.71 * 0.1 = 0.171 mol
b) m = n * M = 0.171 * 32.04 = 5.478 g
8) 250 ml van een waterige oplossing met een dichtheid 1,00 g/ml bevat 13,7 μg
pesticide. Druk de concentratie aan pesticide uit in ppm.
a) ppm = 13.7 µg/250g = 0.0548 µg/g = 0.0548 ppm
9) Een geconcentreerde zwavelzuuroplossing van 98 % heeft een concentratie van
18,0 M. Hoeveel ml geconcentreerde oplossing moet verdund worden tot 1,00 l om
1,00 M H2SO4-oplossing te krijgen?
a) C1V1 = C2V2 → V1 = C2V2/C1 = 1 * = 0.05556 M = 55.6 mL
10) Hoeveel ml heb je nodig om 250 ml 6 M H3PO4 te maken vertrekkend van een 85%
H3PO4-oplossing met een dichtheid van 1,69 g/mL?
a) n=cV => 6 mol/L * 0.25 L = 1.5 mol
b) m= nM => 1.5 * 97.99 = 146.99 g M = A
c) m(opl) = m (H3PO4)/0.85 = 146.99 g/ 0.85 = 172 g M
d) V= m/p => 172.9g/ 1.69g/mL = 102.3 mL
11) Hoeveel gram AgNO3 heb je nodig om 500 ml 0,08 M AgNO3 te maken?
a) n=cV => 0.08 mol/L * 0.5 L = 0.040 mol
b) m = nM => 0.04 mol * 169.87 g/mol = 6.795 g
12) Hoe maak je 1l 0,2 M HCl vertrekkende van een 6 M oplossing?
a) V1 = C2V2/C1 = 0.2 * = 0.033L
13) Hoeveel gram K4[Fe(CN)6] heb je nodig om 600 ml oplossing te maken met [K+] =
0,0750M?
a) n = [K+] * V / 4 = 0.0750 * 0. = 0.01125 mol
b) m =nM = 0.01125 * 368 = 4.14 g
=
E
Formules:
Molariteit (M): aantal mol per liter oplossing:
m
=
n
Omzetting tussen mol en massa:
massaprocent (m/m%):
V =
m
massa volumeprocent (m/V%):
Volumeprocent (v/v%):
Concentratie in ppm (parts per million):
→ voor verdunde waterige oplossingen met een dichtheid gelijk aan 1g/mL → 1ppm= 1mg/L
Verdunningsregel:
→ alle soorten concentraties behalve m/M% kunnen gebruikt worden
Verdunningsfactor: begin concentratie ten opzichte van eind concentratie of volume
eindoplossing t.o.v. begin oplossing
Gemiddelde:
E
Correcte volume : gemiddelde maal correctiefactor
percentage afwijking:
, &
: M
mma/1-Mg/L
Standaard afwijking en RSD
-
* M 0
M
mglou
&
mich -
-
XM
-
OEFENINGEN
70
1) omzetten concentraties
2) Bereken de molariteit van K+ in een oplossing die 63,3 ppm K4Fe(CN)6 bevat. De
-
dichtheid van de oplossing is 1,00 g/ml. MM = 368 g/mol.
a) ppm → g/L => (63.3 ppm = 63.3 mg/L = 0.0633 g/L)
b) molariteit (Mol/L) => n=m/M = 0.0633/368 = 0.00017201 mol/L
c) molariteit K+ => [K+]= 4 * Mol/L = 4*0.00017201 = 0.00068804 mol/L = 0.688
mmol/L
3) Hoeveel gram HClO4 zit in 37,6 g 70,5 % waterige oplossing? Hoeveel gram water
bevat deze oplossing?
a) Massa = 37.6g * 0.705 = 26.508g
b) massa water = 37.6 g - 26.508 g = 11.092 g
4) Bereken de molariteit van pyridine (C5H5N) indien 5,00 g opgelost wordt in water tot
een totaal volume van 457 ml.
a) n=m/M => 5/79.10 = 0.0632 mol
b) c=n/v => 0.0632/0.457 = 0.138 mol/L
5) Om tandbederf tegen te gaan wordt aan het drinkwater fluoride toegevoegd tot een
concentratie van 1,6 ppm. Hoeveel gram fluoride moet dan in 1,00 x 106 kg water
aanwezig zijn? Hoeveel kilogram NaF komt hiermee overeen?
a) 1.6mg/kg x 10^6 kg = 1.6 x 10^6 mg = 1600 g F-
b) hoeveel F in NaF: 19/41.99 = 0.4524
, c) m(NaF) = m(F-)/0.4524 = 1600/ 0..4524 = 3538 g = 3.54 kg NaF
6) Beschrijf de bereiding van 250 ml 6,0 M NH3 uit de geconcentreerde oplossing, die
een dichtheid heeft van 0,900 g/ml en een concentratie van 27 % NH3.
a) n=cV = 6.0 mol/L * 0.250 L = 1.5 mol
b) m(NH3) = n * M = 1.5 mol * 17.03 g/mol = 25.545 G
c) m(sol) = m(NH3) / 0.270 = 94.61 g
d) V(sol) = 94..900 g/mL = 105 mL
7) Hoeveel gram methanol zit in 0,100 liter 1,71 M waterige methanoloplossing?
a) n= c*V = 1.71 * 0.1 = 0.171 mol
b) m = n * M = 0.171 * 32.04 = 5.478 g
8) 250 ml van een waterige oplossing met een dichtheid 1,00 g/ml bevat 13,7 μg
pesticide. Druk de concentratie aan pesticide uit in ppm.
a) ppm = 13.7 µg/250g = 0.0548 µg/g = 0.0548 ppm
9) Een geconcentreerde zwavelzuuroplossing van 98 % heeft een concentratie van
18,0 M. Hoeveel ml geconcentreerde oplossing moet verdund worden tot 1,00 l om
1,00 M H2SO4-oplossing te krijgen?
a) C1V1 = C2V2 → V1 = C2V2/C1 = 1 * = 0.05556 M = 55.6 mL
10) Hoeveel ml heb je nodig om 250 ml 6 M H3PO4 te maken vertrekkend van een 85%
H3PO4-oplossing met een dichtheid van 1,69 g/mL?
a) n=cV => 6 mol/L * 0.25 L = 1.5 mol
b) m= nM => 1.5 * 97.99 = 146.99 g M = A
c) m(opl) = m (H3PO4)/0.85 = 146.99 g/ 0.85 = 172 g M
d) V= m/p => 172.9g/ 1.69g/mL = 102.3 mL
11) Hoeveel gram AgNO3 heb je nodig om 500 ml 0,08 M AgNO3 te maken?
a) n=cV => 0.08 mol/L * 0.5 L = 0.040 mol
b) m = nM => 0.04 mol * 169.87 g/mol = 6.795 g
12) Hoe maak je 1l 0,2 M HCl vertrekkende van een 6 M oplossing?
a) V1 = C2V2/C1 = 0.2 * = 0.033L
13) Hoeveel gram K4[Fe(CN)6] heb je nodig om 600 ml oplossing te maken met [K+] =
0,0750M?
a) n = [K+] * V / 4 = 0.0750 * 0. = 0.01125 mol
b) m =nM = 0.01125 * 368 = 4.14 g